Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
638859/774522
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht in 2023 een nieuwe auto en meldde daarna meerdere technische problemen, zoals storingen in het ACC-systeem, park assist en condens op de ramen. De auto is meerdere keren onderzocht en gerepareerd. Een deskundige van de commissie heeft de auto uitgebreid getest, maar geen afwijkingen gevonden. Alleen een bodemplaat ontbrak, maar die zal de ondernemer kosteloos aanbrengen. De commissie oordeelde dat de klachten niet zijn bewezen en dat het ACC-systeem zich onder slechte weersomstandigheden terecht uitschakelt. De klacht is daarom ongegrond.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 13 mei 2023 tussen partijen gesloten overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een nieuwe auto van het merk Alfa Romeo, type Tonale, tegen een door de consument te betalen prijs van € 58.486,52.
De overeenkomst is op 27 oktober 2023 uitgevoerd.
De consument heeft de klacht op 27 oktober 2023 voorgelegd aan de ondernemer.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Na het ophalen van de auto deed zich na ongeveer 60 km een storing voor. Het lampje van de bandenspanning begon te branden. Na telefonisch overleg met de ondernemer kon de storing via een reset door de consument worden verholpen.
Hierna heeft de ondernemer de auto vanaf 6 november 2023 drie weken onder zich gehad om meerdere klachten en gebreken te verhelpen. De E-save deed het niet, het bandenspanningslampje ging weer branden, de ACC liet het meerdere keren afweten, het panorama kraakte, de hemelbekleding liet los en het park assist systeem werkte niet steeds.
Vanaf 29 november 2023 tot 12 december 2023 brandden tijdens het rijden het lampje van de AFS parking assist meerdere malen. Op 12 december 2023 greep de ACC zonder noodzaak meerdere malen in, bij een snelheid van 130 km/u, bij regen en achteropkomend verkeer. Ook nam de consument in die periode een tik in het stuur waar. Op 15 december 2023 werd de auto opnieuw bij de ondernemer ter reparatie aangeboden. Die verwees de consument naar de fabrikant. Tussen 15 december 2023 en 20 januari 2024 is verschillende malen contact geweest met de fabrikant. Dat leidde tot een werkplaatsbezoek, maar niet tot herstel van de gebreken. Hierna bood de consument de auto op 2 maart 2024 tot en met 25 april 2024 opnieuw aan bij de ondernemer, maar ook toen zijn de problemen niet verholpen.
Hierna heeft de consument de ondernemer met een beroep op het conformiteitsvereiste in gebreke gesteld.
De nog bestaande klachten zijn:
– Condensvorming op de ramen tijdens het rijden;
– Gebrekkige werking ACC;
– Het spontaan gaan branden van lampjes van de Park Assist tijdens het rijden.
Bij bericht van 28 november 2024, na het indienen van de klacht, heeft de consument nog enkele klachten aan de commissie gemeld, te weten het ontbreken van kunststofdelen en het niet laden van de auto, waarvoor de auto ter reparatie naar de ondernemer is gebracht.
De consument verlangt herstel, dan wel ontbinding van de koopovereenkomst.
Ter zitting heeft de consument verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De consument wil een deugdelijke auto. De ACC schiet er soms uit bij slecht weer en dat leidt tot gevaarlijke situaties. De deskundige van de commissie heeft dat niet kunnen waarnemen omdat het tijdens zijn onderzoek droog was. De automatische airco moet ervoor zorgen dat de ramen niet beslaan. Bij vuil op de sensor is sprake van een andere melding op het display.
Bij de leenauto, eenzelfde type auto, functioneerde alles wel naar behoren.
Het schaderapport dat zich bij de stukken bevindt heeft de consument voor zichzelf laten opmaken. Daaraan is geen uitvoering gegeven. De directe aanleiding was dat de consument bij het rechterachterportier een stuk los plastic zag en tape dat bij spuitwerk wordt gebruikt.
De consument begrijpt dat de klacht van de ondernemer over de vergoeding van de schade van de leenauto een andere zaak is, die niet gelijktijdig met deze zaak kan worden behandeld.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Bij bericht van 28 november 2024 heeft de consument nog 2 nieuwe en een bestaande, herhaald optredende klacht kenbaar gemaakt.
Het is correct dat de auto van de consument na de aflevering enkele storingen gaf c.q. technische mankementen had. Deze storingen zijn door de ondernemer steeds kosteloos verholpen, waarbij aan de consument passend vervangend vervoer is aangeboden. Enkele werkzaamheden zijn in overleg met de fabrikant/importeur uitgevoerd. De auto is meerdere keren bij de ondernemer geweest voor herstel. De laatste maal is de auto uitvoerig getest door de ondernemer waarbij geen ongebruikelijke afwijkingen werden geconstateerd en de auto weer is afgeleverd aan de consument.
Na ontvangst van de ingebrekestelling van de consument liet de ondernemer aan de consument weten daaraan geen uitvoering te willen en kunnen geven. Hierna diende de consument zijn klacht bij de commissie in.
In november 2024 meldde de consument zich met een nieuwe klacht. Bij het thuis opladen van de auto sloegen de stoppen eruit. De ondernemer stelde de klacht vast. De hoogspanningscentrale, (IDCM), van de auto moest worden vervangen. Het onderdeel is vervangen en de auto is weer rijdbaar. Tijdens deze reparatie werd opnieuw vervangend vervoer ter beschikking gesteld, een nieuwe auto van hetzelfde type. Bij het terugbrengen bleek sprake van schade. Conform de huurovereenkomst is de consument een bedrag van € 1.500,– verschuldigd aan de ondernemer voor deze schade. De ondernemer verzoekt de commissie het bedrag van deze vordering in depot te laten storten.
De overige klachten zoals die in het bericht van 28 november 2024 staan vermeld, zijn niet eerder aan de ondernemer gemeld. Op grond van het bepaalde in artikel 6 lid 1 onder a van het Reglement van de commissie is de consument niet-ontvankelijk als hij zijn klachten niet eerst aan de ondernemer heeft gemeld.
Mocht sprake zijn van non-conformiteit dan wil de ondernemer in de gelegenheid worden gesteld om de gebreken te herstellen. Voor ontbinding van de koop bestaat geen juridische grondslag.
Het zou in overeenstemming met de redelijkheid en billijkheid zijn als de vordering van de ondernemer op de consument gelijktijdig met de klacht van de consument zal worden behandeld.
De bevindingen van de door de commissie ingeschakelde deskundige onderschrijven de stellingen van de ondernemer. De missende bodemplaat zal kosteloos worden aangebracht door de ondernemer.
Ter zitting heeft de ondernemer verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.
De ondernemer begrijpt dat de vordering van de ondernemer door de commissie als een nieuwe zaak wordt aangemerkt, die desgewenst bij de commissie of de burgerlijke rechter aanhangig kan worden gemaakt.
De consument heeft tweemaal over de werking van de ACC geklaagd.
Van de schadestaat heeft de ondernemer pas kennisgenomen nadat de consument die aan het dossier van de commissie had toegevoegd.
De werking van de ACC is zoals deze behoort te zijn. De deskundige heeft geen bijzonderheden waargenomen. De bodemplaat wordt alsnog kosteloos aangebracht. Voor enkele nieuwe klachten dient de consument de auto alsnog bij de ondernemer aan te bieden.
De sensor van de ACC zit in de gril. Als de sensor niet goed kan werken schakelt deze zichzelf uit. Dat is een veiligheidskwestie. Het is een gekalibreerd systeem. Het kan voorkomen dat het systeem aangeeft dat het moet worden uitgeschakeld.
Deskundigenrapport
De door de commissie aangestelde deskundige heeft blijkens zijn rapportage het volgende vastgesteld.
‘’Vaktechnisch oordeel
Bij aanvang van ons onderzoek aan het voertuig hebben wij deze in de werkplaats van de ondernemer, op een hier aanwezige hefinrichting, mogen inspecteren. Wij hebben het missen van kunststof delen, zoals aangegeven door de consument, waargenomen en vergeleken met meerdere in de showroom aanwezige referentievoertuigen. Tijdens ons onderzoek hebben wij vastgesteld dat het missen van een kunststof afdekking van de onderzijde van de motor afwijkend is. Bij het voertuig van de consument ontbreekt deze. De overige vermiste delen bleken bij de referentievoertuigen eveneens niet aanwezig te zijn.
Tijdens het onderzoek aan het voertuig hebben wij de ondernemer verzocht om de voertuigelektronica, met behulp van door de fabrikant beschikbaar gestelde uitleesapparatuur, uit te lezen. Wij verkregen hiervan een overzicht. Vanuit de voertuigelektronica hebben wij geen afwijkingen waargenomen welke in relatie staan met de door de consument opgegeven klachten. Zie bijlage.
De werking van de ACC systeem en park assist systeem hebben wij tijdens de proefrit met het voertuig getest. Er werden door ons geen afwijkingen waargenomen aan het systeem.
Tijdens ons onderzoek aan het voertuig hebben wij het beslaan van de ramen van het voertuig aan de binnenzijde niet waargenomen. Van de consument vernamen wij dat dit vooral in de vroege morgen het geval is bij ingeschakelde klimaatsysteem van het voertuig.
Tijdens ons onderzoek aan het voertuig hebben wij geen afwijkingen aan het functioneren van de stuurinrichting waargenomen.
Tijdens het onderzoek aan het voertuig hebben wij de staat van de carrosserie, en de hierop aanwezige lak, gecontroleerd. Hierbij hebben wij de dikte van de laklaag van het voertuig van de consument vergeleken met meerdere in de showroom aanwezige referentievoertuigen. Er werden door ons geen verschillen in de dikte van de aangebrachte laklaag waargenomen. Ook een afwijking aan de voorruit van het voertuig hebben wij niet waargenomen. Deze was gelijk van merk en type als bij de beschikbare referentievoertuigen. De consument hebben wij tijdens het onderzoek aan het voertuig en aan de beschikbaar gestelde referentievoertuigen betrokken bij onze waarnemingen, en hiervan kennis laten nemen.
Wij hebben het voertuig aan een proefrit onderworpen. De consument was hierbij aanwezig. Wij reden met het voertuig over een afstand van 40 kilometers, waarbij wij geen afwijkingen aan diens functioneren hebben waargenomen.
Er zijn geen afwijkingen aan het functioneren van het voertuig, en diens elektrische systeem, waargenomen door ons tijdens het uitgebreide onderzoek.
De ondernemer gaf aan dat de vermiste bodemplaat, welke bij de referentievoertuigen aanwezig waren onder de motor, zonder kosten voor de consument zal worden aangebracht.’’
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In deze zaak klaagt de consument over een aantal gebreken van zijn nieuw bij de ondernemer aangeschafte auto.
De meeste problemen zijn inmiddels opgelost, maar een aantal problemen zijn nog altijd niet opgelost volgens de consument, die ook nog enkele nieuwe klachten, na het indienen van zijn klacht bij de commissie, aan het dossier heeft toegevoegd.
De ondernemer voert gemotiveerd verweer.
De commissie volgt het standpunt van de ondernemer.
De commissie stelt voorop dat nu geen van de partijen gemotiveerde en zwaarwegende bezwaren tegen de bevindingen van de door haar ingeschakelde deskundige naar voren hebben gebracht, zij diens bevindingen zal overnemen en tot de hare zal maken.
De klachten zijn door de deskundige niet waargenomen.
Slechts is geconstateerd dat een bodemplaat ontbrak, maar hierover is door de consument bij het aanhangig maken van de klacht niet gerept, terwijl de ondernemer heeft aangegeven dat een nieuwe bodemplaat zal worden aangebracht.
Ten overvloede overweegt de commissie dat het ACC slechts een hulpmiddel is, dat de consument helpt bij het besturen van de auto. De bestuurder is steeds zelf verantwoordelijk voor het besturen van de auto. Het is niet vreemd of onjuist dat onder bepaalde – slechte – weersomstandigheden het systeem zichzelf uitschakelt.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht van de consument ongegrond is.
Derhalve wordt beslist als volgt.
Beslissing
De commissie wijst het door de consument verlangde af.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer R. Vlasveld, de heer H.H. van der Linden, leden, op 19 augustus 2025.