Commissie: Verbouwingen en nieuwbouw
Categorie: Bouwtijd / oplevering
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
248282/389314
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Een stel diende een klacht in tegen een aannemer over de verbouwing van hun woning. Ze klaagden over slechte communicatie, het niet halen van de afgesproken planning en het vooraf factureren van kosten. De Geschillencommissie oordeelde dat de aannemer niet onzorgvuldig had gehandeld. De communicatie was voldoende, gezien de complexiteit van de werkzaamheden en het gebruik van onderaannemers. De planning was grotendeels gehaald, en het resterende werk betrof meerwerk waarvoor geen harde deadline was afgesproken. Ook het vooraf factureren werd als gebruikelijk beoordeeld. De commissie verklaarde alle klachtonderdelen ongegrond en wees het verzoek om €4.000 in mindering te brengen op de eindfactuur af. Het in depot gestorte bedrag van €4.000 wordt aan de ondernemer uitgekeerd. Het klachtengeld blijft voor rekening van de consumenten.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de communicatie, de planning en de facturatiewijze van de ondernemer met betrekking tot de verbouwing van de woning van de consumenten.
Standpunt van de consumenten
Voor het standpunt van de consumenten verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt dit neer op de volgende klachtonderdelen.
1. Slechte communicatie
De communicatie met de ondernemer over de verbouwing van de woning is niet naar wens verlopen. De consumenten wonen in (stad in het buitenland) en hadden daarom bij de ondernemer aangegeven dat hij de heer (naam), de broer van de consument en de beheerder van de woning, op de hoogte moest houden van de te verrichten werkzaamheden. De broer wilde namelijk graag bij de werkzaamheden aanwezig zijn om eventuele misstanden te voorkomen. Aangezien de broer in (plaats) woont, hetgeen 45 minuten rijden is naar de woning in (plaats), moest hij tijdig weten wanneer hij in (plaats) aanwezig moest zijn voor de geplande werkzaamheden. De aannemer heeft echter nagelaten om de broer hiervan tijdig op de hoogte te stellen. De broer kreeg vaak een dag van tevoren of soms op de dag zelf pas bericht van de ondernemer dat er weer werkzaamheden verricht zouden worden in de woning.
De ondernemer had ook meerdere keren geen tijd om te overleggen met de broer. De broer gaf vaak aan dat hij de hele dag in (plaats) zou zijn, maar hij hoorde dan niks van de ondernemer. Daarbij komt dat de broer zelf geen telefonisch contact mocht hebben met de door de ondernemer ingeschakelde onderaannemers. Alle communicatie over de verbouwing moest namelijk via de ondernemer verlopen. De ondernemer gaf echter slechts op een deel van de vragen van de consumenten en de broer antwoord.
De consumenten hebben de volgende drie voorbeelden gegeven van de slechte communicatie met de ondernemer:
– De broer had de ondernemer gemaild met de vraag om hulp bij het verwijderen van het behang in twee kamers van de woning. De ondernemer heeft hierop vervolgens gereageerd dat hij erover zou nadenken. Twee weken later vroeg de ondernemer aan de consumenten wie het behang eraf zou halen.
– De broer heeft in de woning gewacht op de loodgieter die om 08:00 zou komen. Op de camerabeelden bleek dat de loodgieter bij de woning had aangebeld en na 16 seconden was vertrokken. De broer had daarom de ondernemer gemaild. De ondernemer reageerde dat de loodgieter weer rond 12:00 zou langskomen. De loodgieter is echter niet gekomen. Ook is de ondernemer, die in dezelfde straat woont, die dag niet langsgekomen om te vragen of de loodgieter nog is gekomen.
– De stukadoor kwam een dag eerder dan gepland en had geen sleutel van de woning. De ondernemer was niet aanwezig om de deur open te doen, terwijl hij in dezelfde straat woont. De schilder heeft daarom de deur geopend.
2. Afgesproken planning niet gehaald
Partijen hadden afgesproken dat alle werkzaamheden aan de woning 15 oktober 2023 af zouden zijn, omdat consument vanaf 1 november 2023 minimaal een half jaar in de woning zou wonen. De ondernemer heeft deze deadline niet gehaald. De consumenten moesten hierdoor andere onderaannemers inhuren om het tijdsverlies goed te maken. Als gevolg hiervan hebben de consumenten schade geleden.
3. Vooruit factureren
De ondernemer heeft voordat de werkzaamheden in de woning zijn begonnen kosten in rekening gebracht bij de consumenten, hetgeen ongebruikelijk is.
Als gevolg van het voorgaande hebben de consumenten schade geleden, onnodig veel tijd verloren en stress gehad. De consumenten verzoeken de commissie daarom om te bepalen dat er een bedrag van € 4.000,– in mindering wordt gebracht op de eindfactuur van de ondernemer.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt dit erop neer dat de ondernemer correct zijn verplichtingen uit de overeenkomst is nagekomen. Hij voert hiertoe, voor zover relevant, het volgende aan.
1. Communicatie
De communicatie tussen partijen is niet moeizaam verlopen. Het is echter altijd een uitdaging om in een korte periode diverse werkzaamheden uit te voeren die veelal aansluitend op elkaar moeten plaatsvinden. De ondernemer maakte gebruik van verschillende onderaannemers die het erg druk hadden. Op hun planning had de ondernemer dan ook geen invloed. De onderaannemers kwamen naar de woning wanneer zij tijd hadden. Daarbij komt dat de consumenten in de periode van de verbouwing verbleven in het buitenland, dat de broer in een ander deel van Nederland woont en zijn eigen verplichtingen heeft en dat de ondernemer meerdere opdrachten heeft lopen. Het is dan ook ondoenlijk voor de ondernemer om de consumenten en de broer dagelijks op de hoogte te houden van de geplande werkzaamheden. Partijen hebben ook niet afgesproken dat de broer bij alle werkzaamheden erbij zou zijn. De ondernemer was zelf aanwezig in de woning toen er belangrijke werkzaamheden werden verricht, zoals aan de schoorsteen. Hij benadrukt daarnaast dat dit geen verlate afronding van de afgesproken werkzaamheden heeft veroorzaakt, ondanks het feit dat de ondernemer rekening moest houden met de afronding van werkzaamheden in eigen beheer en het na de opdrachtverlening gegeven meerwerk.
De ondernemer heeft zelfs op verzoek van de consumenten een brief opgesteld die de consumenten hebben gebruikt voor een gerechtelijke procedure tegen de schadeveroorzakende vorige huurder. Van slechte communicatie tussen partijen was dan ook geen sprake. Dit volgt ook uit de vele e-mails tussen partijen die zijn overgelegd. Daarnaast is de ondernemer altijd op zijn mobiele nummer goed bereikbaar.
De ondernemer heeft de consumenten gevraagd om zijn medewerkers en onderaannemers niet te benaderen en de communicatie centraal te houden, omdat zijn personeel klaagde dat de broer buiten kantoortijden rechtstreeks contact met hen opnam.
2. Planning
De ondernemer betwist dat hij de afgesproken deadline van 15 oktober 2023 niet heeft gehaald. Alle op 30 juni 2023 geoffreerde werkzaamheden waren namelijk afgerond op 9 oktober 2023. Alleen resteerde een deel van het door de consumenten opgegeven meerwerk bestaande uit de voorgoot, het reeds in bestelling gegeven raam met isolatieglas en het schilderwerk van twee kamers. Dat de consumenten derden hebben ingeschakeld komt dan ook voor hun eigen rekening en risico. Het gestelde financiële nadeel hebben de consumenten overigens verder niet onderbouwd of voorzien van ondersteunend bewijs.
3. Vooruit factureren
Het is een feit van algemene bekendheid en het is tevens gebruikelijk bij aanneemopdrachten van onderhavige omvang dat de afgesproken kosten gefaseerd in rekening worden gebracht. Met de betaling van de voorschotfactuur koopt de ondernemer immers een deel van de te gebruiken materialen in. Indien de consumenten hiertegen bezwaar hadden dan hadden zij bij ontvangst van de factuur moeten protesteren en niet achteraf.
De ondernemer verzoekt de commissie om de consumenten niet-ontvankelijk te verklaren in hun klacht, althans de klacht ongegrond te verklaren, met bepaling dat het in depot gestorte bedrag van € 4.000,– aan de ondernemer wordt uitgekeerd.
Beoordeling van het geschil
Inleiding
Op 17 juli 2023 hebben de consumenten, middels akkoord op de offerte van 30 juni 2023, aan de ondernemer de opdracht gegeven om in hun woning (herstel)werkzaamheden te verrichten wegens de schade die de vorige huurders hadden aangericht in de woning. De vorige huurders van de woning hadden de tweede en derde verdieping van de woning namelijk ingericht als hennepkwekerij.
Op 9 oktober 2023 hebben de consumenten de ondernemer laten weten dat hij zijn werkzaamheden in de woning dient te staken, omdat zij geen vertrouwen meer hebben in een goede afloop. De consumenten waren niet tevreden over de op dat moment reeds verrichte werkzaamheden van de ondernemer en hoe de communicatie en de planning rondom de verbouwing is verlopen. Zij weigeren daarom, ondanks een ingebrekestelling van de ondernemer, om € 4.000,– van de eindfactuur van de ondernemer te betalen. In geschil tussen partijen is of de consumenten dit resterende bedrag van de eindfactuur van de ondernemer dienen te betalen.
1. De communicatie
De commissie is van oordeel dat gelet op de onderhavige situatie de ondernemer niet onzorgvuldig met de consumenten en de broer heeft gecommuniceerd over de geplande werkzaamheden. Immers, de ondernemer heeft voor de verbouwing verschillende onderaannemers ingeschakeld, waardoor de werkzaamheden moeilijk te plannen waren in zo’n korte periode. Het is de ondernemer dan ook niet aan te rekenen dat de broer een aantal keren op de dag zelf of de dag ervoor pas werd geïnformeerd over de werkzaamheden die zouden plaatsvinden of als een onderaannemer onverwacht niet kwam opdagen. De commissie acht de door de consumenten gestelde (en door de ondernemer betwiste) afspraak dat de broer bij alle werkzaamheden aanwezig zou zijn ook niet reëel, gelet op de korte termijn waarin de verbouwing moest zijn afgerond en het feit dat de broer in die periode eigen verplichtingen van zijn werk had en niet dichtbij de woning woonde. Dit klachtonderdeel zal daarom ongegrond worden verklaard.
2. De planning
De ondernemer heeft gemotiveerd betwist dat hij de deadline van 15 oktober 2023 niet gehaald heeft. Hij heeft aangegeven dat de op 30 juni 2023 geoffreerde werkzaamheden op 9 oktober 2023 al waren afgerond en dat slechts een deel van het door de consumenten opgegeven meerwerk nog niet klaar was op dat moment. De consumenten hebben hier onvoldoende tegenin gebracht. Dat er voor het meerwerk dezelfde deadline was afgesproken is ook niet gebleken. Daarnaast hebben de consumenten door het staken van de werkzaamheden vóór de deadline (9 oktober 2023) de ondernemer de kans ontnomen om het meerwerk tijdig af te ronden Dat de consumenten extra onderaannemers hebben ingeschakeld voor de werkzaamheden komt dan ook voor hun eigen rekening. Klachtonderdeel 2 zal daarom ongegrond worden verklaard.
3. Vooruit factureren
De commissie zal tevens klachtonderdeel 3 ongegrond verklaren, nu het niet ongebruikelijk is bij aannemingsovereenkomsten om vóór de start van de verbouwing een voorschotfactuur te sturen.
Schade
Voor zover de consumenten nog hebben betoogd (maar dit niet als klacht op het klachtenformulier hebben vermeld) dat zij schade hebben geleden wegens een aantal door de ondernemer ondeugdelijk verrichte werkzaamheden gaat de commissie daar niet in mee. Uit de e-mail van 27 november 2023 van de ondernemer volgt immers dat hij heeft aangeboden om de gestelde gebreken te verhelpen en de consumenten hebben dit aanbod gelet op hetgeen de commissie hiervoor heeft geoordeeld onterecht afgewezen wegens een gebrek aan vertrouwen in de ondernemer. De consumenten verkeren dan ook in schuldeisersverzuim (artikel 6:58 BW) door de noodzakelijke medewerking aan het herstel van de gestelde gebreken niet te verlenen. Ten overvloede overweegt de commissie dat de hoogte van de gestelde schade, te weten € 4.000,–, ook op geen enkele wijze is onderbouwd door de consumenten.
Slotsom
De conclusie uit het voorgaande is dat de klachtonderdelen 1 tot en met 3 ongegrond worden verklaard. Het verzoek van de consumenten om te bepalen dat er een bedrag van € 4.000,– in mindering wordt gebracht op de eindfactuur van de ondernemer zal daarom worden afgewezen. De commissie zal bepalen dat de door de consumenten in depot gestorte € 4.000,– aan de ondernemer zal worden uitbetaald.
Klachtengeld
Nu alle klachtonderdelen ongegrond worden verklaard, dient het klachtengeld overeenkomstig het reglement van de commissie voor rekening van de consumenten te komen. De consumenten hebben het klachtengeld reeds aan de commissie voldaan, zodat daarover niet meer behoeft te worden beslist.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie, beslissend naar redelijkheid en billijkheid, met inachtneming van de tussen partijen gesloten overeenkomst en de daarvan deel uitmakende voorwaarden, beslist als volgt:
– Verklaart de klachtonderdelen 1 tot en met 3 ongegrond,
– Wijst het verzoek van de consumenten af,
– Bepaalt dat het bedrag dat door de consumenten bij de commissie in depot is gestort (€ 4.000,–) zal worden overgeboekt aan de ondernemer.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Verbouwingen en Nieuwbouw, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer ing. G.J. van Ingen, mevrouw mr. drs. S. Meinhardt, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. R.H.W. Theuns-van Waasdijk, secretaris, op 6 december 2024.