Klacht over waterverbruik niet-ontvankelijk wegens te late indiening

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Jaarafrekening    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Niet-ontvankelijkverklaring   Uitkomst: niet-ontvankelijk   Referentiecode: 1118316/1187253

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument diende op 6 maart 2024 een klacht in over de jaarafrekening van 30 november 2019, waarin waterverbruik in rekening werd gebracht. De Geschillencommissie Water oordeelde dat de klacht te laat is ingediend en dat er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Het feit dat de consument jarenlang niet op de hoogte was van het bestaan van de commissie en geen juridische bijstand kon vinden, is onvoldoende reden om de klacht alsnog te behandelen. De commissie benadrukt dat het de verantwoordelijkheid van de consument is om tijdig actie te ondernemen. Hoewel de commissie de ondernemer aanbeveelt om klanten bij conflicten actief te wijzen op de mogelijkheid van geschilbeslechting via de commissie, leidt dit niet tot een ander oordeel. De klacht is daarom niet-ontvankelijk verklaard en wordt niet inhoudelijk behandeld.

De volledige uitspraak

Samenvatting

Het geschil betreft de jaarafrekening van 30 november 2019 en het daarop in rekening gebrachte verbruik van water. De consument heeft op 6 maart 2024 de klacht bij de ondernemer ingediend.

De commissie verklaart de consument in haar klacht niet-ontvankelijk

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Alvorens een geschil inhoudelijk te kunnen behandelen dient de commissie ambtshalve of op verzoek vast te stellen of zij bevoegd is om het aan haar voorgelegde geschil te behandelen en/of de consument in zijn klacht kan worden ontvangen.

De ondernemer doet in dit verband een beroep op haar AV en verzoekt de commissie de consument wegens een niet-verschoonbare termijnoverschrijding in haar klacht niet-ontvankelijk te verklaren.

De commissie volgt het standpunt van de ondernemer, nu uit het door het gestelde van de consument niet blijkt van een verschoonbare termijnoverschrijding. De omstandigheid dat de consument stelt jarenlang niet op de hoogte te zijn geweest van het bestaan van de commissie is onvoldoende om te kunnen spreken van een verschoonbare termijnoverschrijding nu van de consument had mogen verwacht dat zij eerder dan pas na jaren op de hoogte was van het bestaan van de commissie. De omstandigheid dat zij geen juridische bijstand kon vinden komt voor risico van de consument, nog daargelaten dat die stelling verder door de consument niet is onderbouwd.

Overigens is de commissie wel van oordeel dat het op de weg ligt van de ondernemer om in geval van een onoverbrugbaar conflict de klant op het bestaan van de commissie te wijzen, al was het maar door te wijzen op het daarover in de AV bepaalde. De commissie heeft geen kennis kunnen nemen van de correspondentie tussen partijen en dus niet kunnen constateren of dat wel of niet is gebeurd, zodat het blijft bij een aanbeveling van de commissie aan de ondernemer.

Op grond van het bovenstaande dient de consument in haar klacht niet-ontvankelijk te worden verklaard en komt de commissie aldus niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de klacht.

Derhalve wordt beslist als volgt.

Beslissing
De commissie verklaart de consument in haar klacht niet-ontvankelijk.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Water, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, de heer mr. E.F. Verduin, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 11 augustus 2025.

Opslaan als PDF