Kosten distributieketting blijven voor rekening van consument

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1319692/1331857

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht een 16 jaar oude auto met ruim 218.000 kilometer op de teller en had daarbij uitdrukkelijk afgezien van iedere vorm van garantie. Vier maanden en ongeveer 9.000 kilometer later moest de distributieketting worden vervangen. De commissie oordeelde dat de consument bij een auto van deze leeftijd en kilometerstand niet mocht verwachten dat dergelijke onderhouds- of reparatiekosten uitblijven. Omdat de auto bij aflevering goed functioneerde en de consument bewust zonder garantie heeft gekocht, komen de reparatiekosten voor zijn eigen rekening. De klacht werd afgewezen.De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de vraag of de consument erop mocht rekenen dat de distributieketting van een gebruikt voertuig niet kapot zou gaan, waardoor de kosten van herstel voor rekening van de verkoper zouden komen.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 28 juni 2025 heb ik van de ondernemer een [automodel] gekocht (hierna: ‘het voertuig’). Het gaat om een voertuig uit 2009 dat ten tijde van de koop 218.546 kilometer had gereden.

In oktober dat jaar ging het voertuig kapot. Er moest een distributieketting worden vervangen. De kosten hiervan (en van enkele kleine andere dingen) waren ongeveer € 1.964,08. Ik heb dit bedrag aan de ondernemer betaald.

Het voertuig voldoet hierdoor echter niet aan hetgeen ik daarvan op grond van de wet mocht verwachten. Daarom wil ik dat de reparatiekosten volledig of deels worden terugbetaald.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft het betreffende voertuig bij ons gekocht op 28 juni 2025 met een kilometerstand van 218.546 kilometer. De prijs die wij vroegen was een ‘meeneemprijs’. Ten tijde van de verkoop functioneerde het voertuig naar behoren. De consument was bovendien vooraf uitdrukkelijk op de hoogte dat op dit voertuig geen garantie werd verstrekt. Dit is ook expliciet vastgelegd in het koopcontract, dat door de consument voor akkoord is ondertekend.

Na ongeveer vier maanden en circa 9.000 kilometer later nam de consument contact met ons op met een klacht. Na inspectie van het voertuig hebben wij geconstateerd dat er sprake was van rek op de distributieketting. Wij hebben hiervoor een offerte opgesteld en aan de consument uitgelegd dat dergelijke slijtage bij een voertuig met deze kilometerstand niet ongebruikelijk is en onder regulier onderhoud kan vallen. Desondanks hebben wij uit coulance een tegemoetkoming aangeboden. Wij hebben de consument 10% korting gegeven op de onderdelen en daarnaast zeven dagen kosteloos vervangend vervoer ter beschikking gesteld. De consument heeft telefonisch met deze oplossing ingestemd en de factuur vervolgens voldaan. Pas op een later moment heeft de consument alsnog aangegeven het niet eens te zijn met de kosten en heeft hij besloten het geschil voor te leggen aan uw commissie.

Ons standpunt blijft echter ongewijzigd. Gezien de hoge kilometerstand van het voertuig bij aankoop, het feit dat er geen garantie is verstrekt en het feit dat de klacht zich pas na vier maanden en circa 9.000 kilometer heeft voorgedaan, zijn wij van mening dat de consument redelijkerwijs dergelijke
onderhoudskosten kan verwachten van een auto die reeds 15 jaar oud is en alweer 9.000 kilometer heeft gereden sinds aankoop.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In dit geval gaat het om een gebruikt voertuig uit 2009, dat ten tijde van de koop 218.546 kilometer had gereden. Op basis van de wettelijke bepalingen van (consumenten)kooprecht moet een dergelijk voertuig bij levering voldoen aan de redelijke verwachtingen die de consument daarvan mag hebben.

In dit geval staat vast dat het voertuig bij aflevering functioneerde. De consument heeft hier immers vier maanden en 9.000 kilometer mee gereden voordat het defect ontstond. De vraag is vervolgens of de consument op basis van de koopovereenkomst mocht verwachten dat de distributieketting niet na deze periode kapot zou gaan. De commissie is van mening dat deze verwachting niet mocht bestaan.

Allereerst gaat het om een voertuig dat ongeveer 16 jaar was en waarmee 218.546 kilometer was gereden. Dit betekent sowieso dat het om een voertuig gaat dat gebreken kan gaan vertonen. In dit geval heeft de consument bovendien hiervoor uitdrukkelijk zelf de verantwoordelijkheid genomen. Op de koopovereenkomst van 28 juni 2025 wordt bij ‘opmerkingen’ namelijk vermeld: “Op eigen verzoek verklaart klant af te zien van enige vorm van garantie. Gekocht zoals gezien en bereden.” Hierna volgt de handtekening van de koper.

Dit betekent dat de ondernemer niet in gebreke is geweest door dit voertuig aan de consument te leveren en te weigeren de distributieketting kosteloos te vervangen. Hierdoor kan ook in het midden blijven of de consument akkoord is gegaan met het betalen van de kosten van vervanging. Deze kosten komen sowieso voor zijn rekening namelijk.

De klacht is dan ook ongegrond.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. W.F.R. Rinzema, voorzitter, de heer C.J. Bosboom, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 4 juni 2026.

Opslaan als PDF