Commissie: Energie
Categorie: Overig
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies na tussen advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
494979/625395
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kreeg een eindnota voor zijn energieverbruik tussen maart 2023 en oktober 2024. De meter bleek bij plaatsing verkeerd aangesloten en heeft daardoor nooit goed gemeten. De netbeheerder stelde een correctie voor, maar de ondernemer rekende toch andere volumes af. Volgens de berekening van de netbeheerder is de consument 4.953 kWh te veel in rekening gebracht en moet hij 3.690 kWh terugkrijgen. De commissie volgt de berekening van de netbeheerder, omdat die verantwoordelijk is voor de metingen. De ondernemer moet de eindnota aanpassen en het verschil verrekenen met de consument. De netbeheerder moet het klachtengeld van € 52,50 vergoeden en de behandelingskosten betalen. De klacht is gegrond.
De volledige uitspraak
Beoordeling
De commissie neemt over en gedraagt zich naar hetgeen in voornoemd tussenadvies is overwogen en beslist. De ondernemer heeft gereageerd bij brief van 19 februari 2025. De netbeheerder heeft gereageerd bij brieven van 5 en 10 februari 2025, waarin hij onder meer te kennen geeft dat hij in dit geding is betrokken. Aldus wordt de netbeheerder beschouwd als een ondernemer tegen wie de klacht ook gericht is (hierna: netbeheerder). De consument heeft geen reactie gegeven.
Uit die reacties blijkt dat het, gelet op de beëindiging van de overeenkomst per 16 oktober 2024, hier om gaat of de consument uiteindelijk over de gehele leveringsperiode van 27 maart 2023 tot 16 oktober 2024 op de eindnota van 23 oktober 2024 de juiste volumes afgerekend heeft gekregen. Gelet op de reacties van de ondernemer en netbeheerder zijn zij het daarover onderling niet eens.
De netbeheerder heeft in zijn eerste reactie, kortweg, het volgende aangevoerd. De meter is bij plaatsing verkeerd aangesloten en heeft daardoor nooit goed gemeten. Omdat niet valt te berekenen hoe er verkeerd is gemeten heeft de netbeheerder de consument een, door hem aanvaard, voorstel gedaan voor een verbruikscorrectie van een netto teruglevering van 1.300 kWh per jaar. De ondernemer heeft vervolgens een onjuiste correctienota opgemaakt. In zijn tweede reactie heeft de netbeheerder het volgende aangevoerd. Ook op de eindnota wordt door de ondernemer niet de juiste door de netbeheerder gealloceerde volumes afgerekend. De consument zou over de gehele periode 27 maart 2023 tot 16 oktober 2024 op deze volumes afgerekend moeten worden:
Levering – normaaltarief: 1.908 kWh
Levering – laagtarief: 2.243 kWh Teruglevering – normaaltarief: 5.410 kWh
Teruglevering – laagtarief: 2.431 kWh
(gesaldeerd: 1.908 + 2.243 – 5410 – 2431 = – 3.690 kWh)
De consument wordt in totaal op de gecorrigeerde jaarnota en eindnota op deze volumes afgerekend: Levering – normaaltarief: 2.837 kWh
Levering – laagtarief: 2.909 kWh
Teruglevering – normaaltarief: 2.033 kWh
Teruglevering – laagtarief: 2.450 kWh
(gesaldeerd: 2.837 + 2.909 – 2.033-2450 = 1.263 kWh)
De consument zou 3.690 kWh terug moeten krijgen, maar wordt 4.953 kWh teveel in rekening gebracht.
De ondernemer heeft gemotiveerd, kortweg, het volgende aangevoerd. Niet de netbeheerder, maar de ondernemer gaat over facturen. De ondernemer heeft een juiste berekening uitgevoerd op de correctie- en eindnota. Die zijn grotendeels gebaseerd op de werkelijke meterstanden en komen overeen met de door hem ontvangen gegevens uit het Toegankelijk Meet Register. De netbeheerder heeft in zijn berekening verzuimd de teruglevering over de periode 27 maart 2023 tot 4 juni 2023 buiten de correctie te houden, omdat de consument in die periode nog geen zonnepanelen had.
De commissie is van oordeel dat de hierboven weergegeven berekening met opgegeven aantallen van de netbeheerder gevolgd moet worden omdat de netbeheerder ten opzichte van de consument verantwoordelijk is voor een correct functionerende meterinstallatie, de metingen en het uitlezen van de standen. De ondernemer gaat over de facturen en mag vervolgens op basis van deze data een tarief toepassen. Dit betekent dat in dit geval ervan uitgegaan moet worden dat bij de consument 4.953 kWh te veel in rekening is gebracht en hij 3.690 kWh terug moet krijgen. De commissie is dan ook van oordeel dat de eindnota van 23 oktober 2024 redelijkerwijs aanpassing behoeft en dat de ondernemer die eindnota in voorgaande zin moet herzien. Het verschil tussen de eindnota en de nieuwe eindnota dient met de consument verrekend te worden.
Verder staat vast dat het begin van alle onduidelijkheid zijn oorsprong vindt in de verkeerde aansluiting van de meter bij plaatsing en daardoor nooit goed heeft gemeten, waarvoor de netbeheerder verantwoordelijk en aansprakelijk is. De eerste nota berust op gegevens van de netbeheerder en ook de ondernemer moet daarop afgaan. Ook is gebleken dat de netbeheerder de ondernemer buiten de totstandkoming van de door de netbeheerder met de consument gemaakte afspraak van een verbruikscorrectie van -1.300 kWh heeft gehouden, terwijl de ondernemer reeds had gefactureerd op basis van de door de meetinrichting aangeleverde gegevens. Gebleken is dat de netbeheerder de ondernemer pas later over die afspraak heeft bericht. Daar komt bij dat die vaststelling niet is gebaseerd op gegevens van de meter maar op gemiddelde cijfers in de straat van de consument. Het komt de commissie daarom voor dat de netbeheerder de communicatie hierover met de ondernemer op andere wijze had kunnen inkleden. Dit heeft gevolgen voor de beslissing omtrent het klachtengeld en de behandelingskosten. Hierop wordt beslist in navolgende zin.
De consument heeft ook verzocht om vergoeding van tijd en voor geleden frustratie. Vergoeding van tijd zou een kostenvergoeding zijn, die in artikel 23 van het Reglement van de commissie uitgesloten is. De commissie merkt nog op dat van een bijzonder geval geen sprake is. Vergoeding voor geleden frustratie verdraagt zich niet met artikel 6:106 Burgerlijk Wetboek dat handelt over immateriële schade. Hiervoor is geen grondslag gesteld. De commissie kent de consument dan ook geen schadevergoeding toe.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie bepaalt dat de ondernemer de eindnota herberekent langs de lijnen van de hiervoor weergegeven berekening van de netbeheerder. Het verschil tussen de eindnota en de nieuwe eindnota dient met de consument verrekend te worden.
De commissie bepaalt dat de netbeheerder overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument dient te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de netbeheerder aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.K. Rapmund, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 25 februari 2025.