Misleidende overstap en onduidelijke facturatie: klacht gegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie Zakelijk    Categorie: Totstandkoming overeenkomst    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 233656/247282

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Een verbruiker klaagde dat ze door een energiebedrijf was misleid bij het afsluiten van contracten voor drie aansluitingen. Ze dacht dat het ging om haar verhuizing en dat er niets zou veranderen, maar kreeg later rekeningen voor meerdere adressen, waaronder die van haar buurman. Twee contracten zijn teruggedraaid, maar het bedrijf bleef een bedrag van € 1.100 opeisen zonder duidelijke uitleg. De commissie oordeelde dat het bedrijf geen bewijs leverde voor een openstaande schuld en dat de verbruiker volledig aan haar verplichtingen heeft voldaan. De klacht is gegrond en het depotbedrag wordt teruggestort.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de door het bedrijf voor 3 verschillende aansluitingen in rekening gebrachte bedragen voor het verbruik van energie

De verbruiker/aangeslotene heeft op 25 augustus 2023 de klacht bij het bedrijf ingediend.

De verbruiker/aangeslotene heeft een bedrag van € 1.100,– niet betaald en bij de commissie in depot gestort.

Standpunt van de verbruiker/aangeslotene
Voor het standpunt van de verbruiker/aangeslotene verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De verbruiker/aangeslotene is bij de werving door het bedrijf misleid. Zij werd gebeld door iemand die beweerde een medewerker van haar huidige leverancier te zijn. De verbruiker dacht dat het met haar verhuizing te maken had en dat werd desgevraagd door die persoon bevestigd. Zij ontving drie contracten voor verschillende adressen. Er zou niets veranderen volgens de medewerker. De verbruiker/aangeslotene gaf nadien aan dat één van drie een aansluiting van de buurman was en een andere niet meer nodig was en de medewerker liet toen weten dat deze contracten ongedaan zouden worden gemaakt.

De verbruiker/aangeslotene hoorde niets meer totdat zij bericht kreeg van haar leverancier dat haar contract was beëindigd. Hierna ontving zij rekeningen van het bedrijf voor drie aansluitingen.

De verbruiker/aangeslotene was bereid het contract met betrekking tot haar woonadres te plaatsnaam te behouden, mits dat zoals was afgesproken goedkoper zou zijn dan haar contract met haar vorige leverancier. Het bedrijf heeft een voorstel gedaan om het maandbedrag te verlagen tot € 170,–. Dit voorstel is door de verbruiker/aangeslotene niet geaccepteerd omdat zij voordien € 125,– per maand betaalde. Zij wil terug naar haar oude leverancier.

Ter zitting heeft de verbruiker/aangeslotene verder nog in hoofdzaak het volgende aangevoerd.

Zij is inmiddels geen klant meer van het bedrijf. Zij ontving zowel facturen voor haar woonadres als voor de andere aansluitingen. Die heeft zij betaald. De bedragen die zij ten behoeve van de andere twee aansluitingen heeft betaald, zijn door het bedrijf gedeeltelijk aan haar teruggestort.

Inmiddels heeft de verbruiker/aangeslotene een jaarafrekening ontvangen, maar de daarop vermelde meterstanden zijn onjuist. Zij werd gebeld op het moment dat ze aan het verhuizen was. Het bedrijf wilde haar nieuwe adres bevestigen en aan haar een nieuwe, goedkopere, aanbieding doen. Het werd de verbruiker/aangeslotene allemaal pas duidelijk toen ze de eindafrekening van haar vorige leverancier ontving.

De verbruiker/aangeslotene is van 1 september 2023 tot en met 24 januari 2024 klant van het bedrijf geweest. Zij betaalde maandelijks een bedrag van € 250,– aan het bedrijf.

De verbruiker/aangeslotene weet niet waarop het volgens het bedrijf openstaande bedrag van € 1.100,– is gebaseerd.

Standpunt van het bedrijf
Voor het standpunt van het bedrijf verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Het spijt het bedrijf dat de verbruiker/aangeslotene een klacht heeft. Het bedrijf verwacht binnen 14 dagen tot een oplossing te kunnen komen. De betaalplicht van de verbruiker/aangeslotene blijft tot de uitkomst van het onderzoek bestaan.

Het bedrijf levert alleen nog aan het adres straatnaam, plaatsnaam. Voor dit ut heeft het bedrijf de termijnbedragen kunnen verlagen naar € 170,– per maand. Voor de beide andere aansluitingen geldt dat deze zijn teruggenomen door de vorige leverancier. De verbruiker/aangeslotene ontvangt voor beide aansluitingen creditfacturen.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

In dit geschil klaagt de verbruiker/aangeslotene over de wijze waarop de overeenkomst tussen haar en het bedrijf tot stand is gekomen en over de hoogte van het volgens het bedrijf door haar verschuldigde bedrag.

De commissie volgt het standpunt van de verbruiker/aangeslotene.

De commissie stelt voorop dat een partij die niet ter zitting verschijnt zichzelf de mogelijkheid ontneemt om te antwoorden op eventueel nog bij de commissie levende vragen en op hetgeen de wel verschenen partij naar voren heeft gebracht.

Uit de stukken blijkt niet van de uitkomst van het door het bedrijf toegezegde onderzoek naar de gang van zaken bij het tot stand komen van het contract c.q. de contracten tussen partijen. Wel blijkt dat in ieder geval in twee gevallen sprake is geweest van een onterechte overstap, die is teruggedraaid.

Het bedrijf heeft geen stukken overgelegd, zoals de eindafrekening of een betaaloverzicht waaruit van een nog bestaande verplichting van de verbruiker/aangeslotene jegens het bedrijf blijkt. Evenmin heeft het bedrijf de stelling van de verbruiker/aangeslotene dat de eindafrekening niet juist was (gemotiveerd) weersproken.

Onder deze omstandigheden kan door de commissie vanzelfsprekend geen nog bestaande betalingsverplichting van de verbruiker/aangeslotene jegens het bedrijf worden aangenomen en moet het ervoor worden gehouden dat de verbruiker/aangeslotene volledig en finaal aan haar verplichtingen jegens het bedrijf heeft voldaan.

Dit brengt mee dat de klacht van de verbruiker/aangeslotene gegrond is en het depotbedrag aan haar dient te worden teruggestort.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie verklaart voor recht dat de verbruiker/aangeslotene in deze zaak volledig aan haar verplichtingen jegens het bedrijf heeft voldaan.

Bovendien is het bedrijf gehouden het door de verbruiker/aangeslotene betaalde klachtengeld van € 181,50 aan hem te vergoeden en zal aan het bedrijf overeenkomstig het reglement van de commissie een bijdrage aan de behandelingskosten in rekening worden gebracht.

Het depotbedrag van € 1.100,– wordt aan de verbruiker/aangeslotene teruggestort.

Aldus beslist en vastgelegd door de Geschillencommissie Energie voor de zakelijke markt, bestaande uit
mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mr. W.H. van Oorspronk en mr. C.J.J. Havermans, leden, op 20 juni 2024.

Opslaan als PDF