Na de oogmeting is een aankoopbevestiging aan consument meegegeven. Er is een geldige overeenkomst tot stand gekomen

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Optiek    Categorie: Ontbinding    Jaartal: 2019
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 121591

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een volgens de ondernemer op 13 september 2018 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een brilmontuur en multifocale glazen tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van
€ 1.059,–.

De levering vond plaats op of omstreeks 2 oktober 2018.

Het geschil gaat over de vraag of tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen en zo ja, of de consument een beroep kan doen op een vernietigingsgrond.

De consument heeft op 13 september 2018 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

De consument heeft op 13 september 2018 door de ondernemer een oogmeting laten uitvoeren. De ondernemer heeft ten tijde van de meting voorgesteld om een ander montuur aan te schaffen. Er is niet gepast. De consument kon dus niet weten of een ander montuur beter zou staan.

Vervolgens kreeg de consument bij de kassa een brief mee. Pas bij thuiskomst bleek dat dat een aankoopbevestiging was. De consument heeft echter geen nieuwe bril gekocht en die ook niet willen kopen. Volgens de consument is sprake geweest van misleiding.

In overleg met zijn mantelzorger heeft de consument besloten om de dag even af te wachten waarop de bril klaar zou zijn en hij bericht zou ontvangen dat de bril opgehaald kon worden. Bij het ophalen is de prijs nog iets naar beneden bijgesteld, afgerond op € 1.000,–. Dat bedrag is door de consument via een pintransactie betaald.

De consument is echter ontevreden over de communicatie met betrekking tot de bril.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De glazen zijn niet goed. Een andere opticien heeft geconstateerd dat de glazen in het oude montuur voldoen en niet vervangen behoefden te worden. De consument wilde geen andere bril. Hij heeft ook vooraf geen schriftelijke prijsopgave gehad en hij heeft niets getekend.
De consument heeft na de oogmeting helemaal geen nieuw montuur gepast. Hij is na de oogmeting alleen maar naar de kassa gegaan, waar hij een brief in handen kreeg met de mededeling dat hij die thuis maar eens goed moest bekijken.

De consument wil de bril niet meer.

De consument kon niet goed zeggen dat hij het er niet mee eens was. Hij heeft daarom, bij het ophalen van de bril niets gezegd en de bril gewoon zonder protest betaald, met aftrek van de naar aanleiding van een gesprek tussen zijn schoondochter en de ondernemer verleende korting.

De consument vindt de bril eigenlijk veel te duur, hij was daar ondersteboven van. Hij realiseerde zich dat hij angstig zou worden van een zo dure bril. Hij zou bang zijn voor elke beweging uit angst dat daardoor de dure bril kapot zou vallen.

De consument heeft voor inschakeling van de commissie niet eerst de ondernemer geïnformeerd.

De consument acht zich in staat zijn eigen belangen te behartigen.

De consument verlangt vernietiging of ontbinding van de koopovereenkomst.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Op 13 september heeft de consument een oogmeting laten uitvoeren. Daarbij is vastgesteld dat vanwege de gewijzigde sterkte de bril aan vervanging toe was.
Samen met de consument is besloten om ook een ander montuur aan te schaffen. Daarbij zijn veel modellen gepast.

De ondernemer heeft de aankoopbevestiging meegegeven aan de consument. De volgende dag heeft de schoondochter van de consument echter contact opgenomen met de mededeling dat de consument behoorlijk in de war is en niet in staat om zelfstandig te beslissen over aankopen in de orde van grootte van een nieuwe bril. De ondernemer was daar verbaasd over, hij had het ondanks een jarenlange ervaring met klanten en patiënten uit het ziekenhuis niet zo ingeschat.

Daarop heeft de ondernemer met de consument en zijn schoondochter afgesproken om het bedrag van de nieuwe bril naar beneden bij te stellen met € 59,–, tot precies € 1.000,–.

Toen de bril gereed was heeft de consument er bericht van gehad. Hij heeft de bril samen met zijn schoondochter opgehaald en betaald. Daarna heeft de ondernemer niets meer van de consument vernomen.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De consument is bij de ondernemer geweest voor een oogmeting. Aansluitend is in goed onderling overleg een nieuw montuur uitgezocht. Er is uitgebreid gepast, de consument heeft veel verschillende monturen op gehad.

De consument is uitgebreid geïnformeerd. Ook heeft hij te horen gekregen dat het altijd even wennen is met multifocale glazen. Aan de consument is vervolgens de aankoopbevestiging meegegeven.

De ondernemer heeft uitgebreid met de consument gesproken. Daarbij is absoluut niet de indruk gewekt dat de consument dat er aan getwijfeld zou kunnen worden of de consument zelfstandig zijn wil kon bepalen.

Nadat de consument samen met zijn schoondochter de bril opgehaald en betaald heeft, heeft de ondernemer niets meer van hem of zijn schoondochter vernomen.


Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Op 13 september 2018 heeft de consument een bezoek gebracht aan de ondernemer. De ondernemer heeft een oogmeting verricht. Volgens de ondernemer heeft de consument vervolgens een brilmontuur uitgezocht en is overeengekomen dat de ondernemer een nieuwe bril zou leveren. De consument ontkent dit echter.
De consument erkent dat de ondernemer hem een aankoopbevestiging heeft meegegeven. Naar aanleiding van die aankoopbevestiging heeft telefonisch overleg plaatsgevonden tussen de schoondochter van de consument en de ondernemer. Daarbij is afgesproken dat de consument een korting van € 59,– zou ontvangen op de prijs van de bril. De consument heeft niet ontkend dat dit gesprek namens hem plaatsgevonden heeft en dat de betreffende afspraak is gemaakt.

Vervolgens heeft de consument toen hij de mededeling kreeg dat de bril gereed was deze opgehaald, waarbij de overeengekomen prijs met aftrek van de afgesproken korting betaald is. Volgens de ondernemer heeft de consument toen geen enkel voorbehoud gemaakt.
De consument heeft zelf ook aangegeven bij het ophalen en betalen van de bril niets over zijn onvrede te hebben gezegd en ook niet onder protest betaald te hebben.

Naar het oordeel van de commissie is sprake van een tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. Als dat al niet is gebeurd op 13 september 2018 aansluitend aan de oogmeting is dat in ieder geval de volgende dag gebeurd, toen de schoondochter van de consument namens hem telefonisch contact met de ondernemer heeft gehad. Voor zoveel nodig is de afspraak door het ophalen van de bril en het zonder enig voorbehoud of protest betalen bevestigd.

De consument heeft niet aangegeven dat de ondernemer misbruik heeft gemaakt van bijzondere omstandigheden van de consument, terwijl de ondernemer wist of had moeten begrijpen dat hij de consument vanwege de bijzondere omstandigheden de consument had behoren te weerhouden van de aankoop. De commissie is daarvan overigens ook niet gebleken.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Optiek, bestaande uit de heer mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter, de heer R.F. Sikking en de heer mr. M.A. Arntz, leden, op 21 februari 2019.