Niet gewezen op inhoudelijke toetsing door Raad voor Rechtsbijstand

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Advocatuur    Categorie: Informatie    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: ADV08-0255

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de kwaliteit van dienstverlening van de advocaat ter zake de wijziging van de geslachtsnaam van de cliënte en de declaratie die de advocaat daarvoor in rekening heeft gebracht.   De cliënte heeft deze declaratie ter grootte van € 1.220,14 niet aan de advocaat voldaan. De cliënte heeft een deel van dit bedrag, namelijk een bedrag van € 892,–, bij de commissie in depot gestort.   Standpunt van de cliënte   Voor het standpunt van de cliënte verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het betoog van de klachten op het volgende neer.   De cliënte heeft met de advocaat onder meer gesproken over de aanvraag van een toevoeging. De cliënte stelt zich op het standpunt dat de advocaat haar weliswaar op de hoogte heeft gesteld van de financiële toetsing, waarvan de cliënte wist dat zij daaraan voldeed, maar niet van het bestaan van een inhoudelijke toetsing waarop zou worden getoetst. Om die reden kon de cliënte niet redelijkerwijs verwachten dat zij mogelijk het tarief van de advocaat zou moeten betalen. Volgens de cliënte heeft de advocaat haar in de veronderstelling gebracht dat de aanvraag van de toevoeging slechts op het financiële criterium zou worden beoordeeld. Ter zitting heeft de cliënte nog onweersproken gesteld dat indien de advocaat haar had geïnformeerd over het feit dat toevoeging bij een verzoek tot wijziging geslachtsnaam niet werd verleend, zij geen advocaat had ingeschakeld.   De cliënte heeft aangegeven dat zij bereid is aan de advocaat te voldoen een bedrag van € 95,– gelijk aan de eigen bijdrage bij afgifte van een toevoeging.   Standpunt van de advocaat   Voor het standpunt van de advocaat verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het verweer op het volgende neer.   De advocaat heeft aangevoerd dat zij voorafgaande aan het eerste gesprek een formulier aan de cliënte heeft toegezonden waarop staat vermeld dat indien de toevoeging niet verstrekt wordt de cliënte zelf de advocaatkosten dient te voldoen. Deze informatie staat ook op de website van de advocaat vermeld. Volgens de advocaat is haar declaratie niet onredelijk. Zij heeft meer tijd aan de zaak besteed dan daadwerkelijk op de declaratie staat vermeld.   Op grond van het voorgaande verzoekt de advocaat de commissie om de klachten van de cliënte ongegrond te verklaren en te bepalen dat de cliënte de openstaande declaratie van € 1.220,14 aan haar dient te voldoen.   Beoordeling van het geschil   Naar aanleiding van het over en weer door partijen gestelde overweegt de commissie het volgende.   Vaststaat dat de advocaat een toevoeging heeft aangevraagd, doch niet verkregen. Daarop is weliswaar bezwaar ingediend tegen de afwijzing van de toevoeging, maar dit bezwaar is afgewezen. Voorts staat vast dat een toevoeging niet wordt verstrekt bij een verzoek tot wijziging geslachtsnaam. De cliënte heeft aangevoerd dat de advocaat haar slechts heeft gewezen op de financiële toetsing van de toevoeging en niet op de inhoudelijke toetsing. De advocaat heeft deze stelling gemotiveerd weersproken. Gelet op de aan haar overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting is de commissie van oordeel dat er geen, althans onvoldoende, duidelijke voorlichting heeft plaatsgevonden door de advocaat omtrent de inhoudelijke toetsing van de toevoeging. De advocaat heeft gesteld dat zij de cliënte erop heeft gewezen dat indien de toevoeging niet zou worden verleend, de cliënte de advocaatkosten zelf diende te voldoen. Uit de aan de commissie overgelegde stukken blijkt dat in de correspondentie tussen de cliënte en de advocaat slechts wordt gesproken over de financiële toetsing omtrent de toevoeging; de inhoudelijke toetsing komt daarin niet ter sprake. Naar het oordeel van de commissie had de advocaat de cliënte moeten informeren dat er naast een financiële toetsing eveneens een inhoudelijke toetsing plaatsvindt. De commissie is geenszins gebleken dat de advocaat hieraan heeft voldaan. In weerwil van haar opmerkingen stelt de commissie dan ook vast dat de advocaat in haar informatie ter zake tekort is geschoten. Nu niet althans onvoldoende is komen vast te staan dat de advocaat (voldoende) voorlichting heeft verstrekt omtrent de financiële consequenties van de opdrachtverlening, slaagt de klacht van de cliënte hieromtrent. De commissie heeft daarbij in aanmerking genomen dat de cliënte ter zitting onweersproken heeft gesteld dat zij geen advocaat ingeschakeld zou hebben, indien de advocaat haar had geïnformeerd over het feit dat toevoeging bij een verzoek tot wijziging geslachtsnaam niet wordt verleend.   Gelet op het vorenstaande zal de commissie bepalen dat de cliënte een bedrag van € 95,– aan de advocaat is verschuldigd. Het depotbedrag van € 892,– zal dan ook als volgt worden verdeeld: een bedrag van € 95,– zal aan de advocaat worden overgemaakt, het resterende bedrag van € 797,– zal aan de cliënte worden gerestitueerd. Nu de klacht van de cliënte gegrond wordt verklaard ziet de commissie daarin aanleiding de advocaat te veroordelen tot vergoeding van het klachtengeld derhalve een bedrag van € 50,–. Bovendien dient de advocaat – overeenkomstig het reglement van de commissie – een bijdrage van € 115,– in de behandelingskosten aan de commissie te voldoen.   Hetgeen partijen ieder voor zich verder nog naar voren hebben gebracht, behoeft naar het oordeel van de commissie geen verdere bespreking, nu dat niet tot een ander oordeel kan leiden.   Derhalve dient als volgt te worden beslist.   Beslissing   De commissie bepaalt dat de cliënte een bedrag van € 95,– aan de advocaat is verschuldigd. Met inachtneming van het vorenstaande wordt het depotbedrag van € 892,– als volgt verrekend: een bedrag van € 95,– wordt aan de advocaat overgemaakt, een bedrag van € 797,– wordt aan de cliënte gerestitueerd.   Overeenkomstig het reglement van de commissie dient de advocaat het klachtengeld aan de cliënte, die deze kosten heeft voldaan, ter hoogte van € 50,– te vergoeden.   Overeenkomstig het reglement van de commissie is de advocaat aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag van € 115,– verschuldigd.   Het meer of anders verlangde wordt afgewezen.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Advocatuur op 11 augustus 2009