Commissie: Commissie
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
410038/558801
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument liet in oktober 2023 de multiriem van zijn Volvo V70 vervangen door de ondernemer. In februari 2024 ontstond ernstige schade: de distributieriem liep vast en een membraan in de turbo scheurde. Volgens de consument had de ondernemer bij de reparatie moeten controleren op restanten van de gescheurde multiriem in het distributiecompartiment. De Volvo-hoofddealer bevestigde dat dit nalatig was. De schade bedroeg €5.270.
De ondernemer stelde dat de auto na de reparatie nog 5.400 km had gereden en dat er geen bewijs was dat de schade verband hield met zijn werkzaamheden. De commissie oordeelde echter dat de ondernemer onvoldoende had weersproken dat hij de controle had nagelaten en dat de schade daardoor was ontstaan.
De klacht werd gegrond verklaard. De ondernemer moet binnen 14 dagen €5.270 schadevergoeding en €127,50 klachtengeld aan de consument betalen. Ook is hij behandelingskosten aan de commissie verschuldigd.
De volledige uitspraak
BINDEND ADVIES
Geschillencommissie Voertuigen
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de reparatie van een multiriem van een Volvo V70.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer heeft verzuimd bij vervanging van de gescheurde multiriem het compartiment van de distributie te controleren op de mogelijke aanwezigheid van restanten van de gescheurde multiriem. Daardoor is de distributieriem vastgelopen en een membraam in de turbo gescheurd. De schade bedraagt € 5.270,–. Volvo [plaatsnaam] (Volvo Hoofd-dealer te [plaatsnaam]) bevestigt dat de ondernemer hierin tekort is geschoten. De ANWB beambte die de auto naar de ondernemer sleepte is persoonlijk nog naar binnen gelopen met de gevonden strengen in de hand en heeft die aan medewerker van de ondernemer laten zien.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De multiriem is conform de gebruikelijke procedure geplaatst. Hiervoor was speciaal gereedschap benodigd. Na het plaatsen van de nieuwe multiriem is er een testrit uitgevoerd. Alles werkte naar behoren. De auto heeft na de reparatiewerkzaamheden in oktober 2023 nog ruim 5.400 kilometer gereden. De ondernemer betwist verantwoordelijk te zijn voor de in februari 2024 ontstane problematiek. Afgezien van het feit dat er veel tijd is verstreken tussen oktober 2023 en februari 2024, er tussentijds ruim 5400 km is gereden met de auto, is er geen bewijs overgelegd waaruit blijkt dat de in februari 2024 opgetreden problemen verband houden met de in oktober 2023 door de ondernemer verrichte werkzaamheden.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De ondernemer heeft niet, althans onvoldoende, weersproken dat hij bij vervanging van de gescheurde multiriem het compartiment van de distributie niet heeft gecontroleerd op de mogelijke aanwezigheid van restanten van de gescheurde multiriem. De ondernemer heeft evenmin, althans onvoldoende, weersproken dat de schade die is opgetreden is veroorzaakt door de aanwezigheid van deze restanten. De commissie is van oordeel dat de ondernemer daarom aansprakelijk is voor de schade die hierdoor is ontstaan.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De ondernemer dient binnen 14 dagen ontvangst van de kennisgeving van deze uitspraak een bedrag van € 5.270,– aan de consument te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 127,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. B.J. Tideman, voorzitter, de heer C.J. Bosboom en de heer H.H. van der Linden, leden, op 31 oktober 2024.