Ondernemer dient standpunt dat schade reeds bij aankoop aanwezig was met bewijs te onderbouwen

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Bruidsmode en Maatwerk    Categorie: Bewijs    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: TEX06-0006

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een d.d. 3 januari 2006 tussen partijen totstandgekomen overeenkomst, waarbij de ondernemer zich heeft verplicht tot het leveren van een poloshirt (hierna te noemen: het artikel) tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van € 85,–.   De consument heeft op 10 januari 2006 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   Het shirt is door mij machinaal gewassen op een temperatuur van 30 graden Celsius. Na de behandeling was de geverfde opdruk kapot gegaan. De consument heeft als aankoopprijs en aankoopdatum € 85,– en 3 januari 2006 opgegeven en bewijs daarvan overgelegd. De consument verlangt een vergoeding van de volledige aankoopprijs.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   Het artikel is in de uitverkoop voor een gereduceerde prijs gekocht. Bij de aankoop was er reeds een stukje verf van de opdruk af.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het artikel zorgvuldig onderzocht. De commissie komt tot de volgende bevindingen en overwegingen.   Het artikel is voorzien van een samenstellingetiket met de gegevens: 100% katoen.   Het artikel is voorzien van een behandelingsetiket met de symbolen: w  p   v  g l   Onderzoek van de commissie heeft het navolgende uitgewezen.   De commissie heeft geen tekenen aangetroffen van een foutieve wasbehandeling. Derhalve moet de schade aan het artikel het gevolg zijn van het feit, dat de geverfde opdruk niet bestand is gebleken tegen de wasbehandeling, zoals voorgeschreven op het behandelingsetiket. Dit betekent, dat de ondernemer zich niet kan vrijpleiten ten opzichte van de ontstane schade. Wel is de commissie van oordeel, dat er slechts sprake is van een geringe schade en voorts, dat het artikel nog goed te gebruiken is. De commissie acht dan ook het artikel slechts in geringe mate in waarde verminderd. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid stelt de commissie deze waardevermindering vast op € 15,–. Ter voorlichting van de ondernemer merkt de commissie nog op, dat indien een artikel met schade wordt verkocht het in de rede ligt om dit te vermelden op de aankoopbon, zodat hetgeen gesteld wordt met bewijs wordt onderbouwd. Nu de ondernemer dit heeft nagelaten, moet de commissie ervan uitgaan, dat het artikel bij aankoop geen enkel gebrek vertoonde. Het feit dat het artikel met korting is verkocht, kan dit niet anders maken.   De commissie is derhalve van oordeel dat de klacht ten dele gegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van € 15,–. Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies.   De commissie wijst het meer of anders verlangde af.   Het artikel wordt ongefrankeerd aan de consument teruggestuurd.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 25,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 90,–.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Textiel en Schoenen op 12 juli 2006.