Ondernemer is nalatig in verrichten van buitenschilderwerk en moet gebreken herstellen

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Schilders-, Behangers- en Glaszetbedrijf    Categorie: Herstel / Ondeugdelijk werk (non conformiteit)    Jaartal: 2020
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: ten dele gegrond   Referentiecode: 7591/19128

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De consument klaagt over het verrichte schilderwerk door de ondernemer. Het schilderwerk was slordig, niet af en er is sprake van scheurvorming. Ook zou de ondernemer het houtrot repareren. De consument heeft 8 klachten met betrekking tot het verrichte buitenschilderwerk. De ondernemer is bereid tot herstel en geeft aan dat de klachten 1 tot en met 6 terecht zijn. De deskundige geeft aan dat de scheuren in de verf het gevolg zijn van een veel te hoge vochtconcentratie in het hout. De commissie oordeelt dat het werk niet in zijn geheel opnieuw hoeft te worden gedaan, de klachten 1 tot en met 6 zijn door de ondernemer ook gegrond verklaard. De commissie verklaart klacht 8 ook gegrond. De ondernemer heeft nagelaten om bij de kozijndorpels en de aansluitende slijtstukken de verf te verwijderen. Daardoor kon het houtrot niet tijdig worden geconstateerd. De klacht is ten dele gegrond.

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een op 25 september 2018 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het doen van buitenschilderwerk inclusief houtrot reparatie tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van in totaal € 41.464,72 inclusief meerwerk.

De werkzaamheden zijn verricht in het eerste kwartaal van 2019.

De consument heeft conform de hiervoor aangeduide depotbeslissing een bedrag van € 8.300, — niet betaald en bij de commissie gedeponeerd op de wijze dat van het eerst gestorte depotbedrag van € 20.399,41 een deel groot € 12.099,41 is doorbetaald aan de ondernemer, zodat voormeld bedrag van € 8.300, — in depot is gebleven.

De consument heeft op 11 maart 2019 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument
Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

De VVE heeft over dit buitenschilderwerk de volgende klachten:

1 verf is streperig aangebracht
2 zand in de verf op de dorpels
3 ramen zijn dicht geverfd
4 rechter woning heeft matte tuindeuren
5 deuren sluiten niet meer goed
6 schilderwerk moet nog worden afgemaakt waar het raam is vervangen (…)
7 schilderen van de midden voordeur
8 overal zitten barsten in het verfwerk

Deze klachten zijn door de consument toegelicht zoals staat verwoord in de in het geding gebrachte schriftelijke toelichting met bijlagen.

In de conclusie en toelichting van het rapport van de deskundige kunnen wij ons vinden. Wij hebben daarbij geen opmerkingen. Voor de zekerheid merken wij ten aanzien van de bevindingen nog het volgende op. Op pagina 4 onderaan (ten aanzien van de kozijnen en deuren van 91F die buiten het schilderwerk zijn gebleven) lijkt het woordje “geen” te zijn weggevallen: “in de kozijnen komen geen soortgelijke barsten en scheuren voor als bij de nu geschilderde kozijnen”. Dat er voorafgaand aan het uitgevoerde schilderwerk geen soortgelijke scheuren en barsten waren is ook niet in geschil. [Ondernemer] schrijft in het verweer gedateerd 14 januari 2020 onder 5 tweede gedachtenstreepje: “Bij het inspecteren van de ondergrond zijn de diepe lange scheuren in de dorpels (en) stijlen niet aangetroffen”. En onder 6 eerste gedachtenstreepje: “Nogmaals, de grote scheuren in de dorpels en de grote scheuren in de stijlen waren niet aanwezig voor en tijdens de werkzaamheden”

Op 15 oktober 2020 hebben wij telefonisch aan de ondernemer voorgelegd of we er op basis van het deskundigenrapport samen uit konden komen. Wij zagen dat op 19 oktober jl. De ondernemer alsnog een reaktie op het deskundigenrapport heeft ingediend. De ondernemer bestrijdt niet dat hij het door de deskundige genoemde herstel (naast het herstel van de overige klachten) moet uitvoeren. Dat de ondernemer daaraan voorwaarden verbindt lijkt ons niet op zijn plaats. Voor de zekerheid merken wij nog op: Ten aanzien van wat de ondernemer schrijft over het vochtgehalte: Volgens de deskundige is het verhoogde vochtgehalte juist een gevolg van de barstvorming (p. 7 onderaan). Dat verbaast ons niet: de openstaande barsten zitten er nu al meer dan anderhalf jaar. Ten aanzien van wat de ondernemer schrijft over de schuiframen: de deskundige wijst deze niet als oorzaak aan. Verder zitten deze ramen alleen op de tweede etage en doet de barstvorming zich ook op andere plaatsen voor. Helaas kunnen wij u dus niet berichten dat we er onderling zijn uitgekomen. Wij verzoeken uw commisie op korte termijn uitspraak te doen.

De consument verlangt herstel/oplossing van de klachten.

Standpunt van de ondernemer
Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Samengevat luidt het standpunt van de ondernemer als volgt. De klachten 1 tot en met 5 zijn terecht. Wij hebben ze als opleverpunten genoteerd. Klacht 6 is geen klacht. Klacht 8 is onterecht, de VvE wil hierover niet in overleg treden. Buiten het feit dat deze klacht ongegrond is zijn wij van mening dat het noodzakelijk is de oorzaak van deze klacht te bespreken en weg te nemen voordat er hersteld wordt, omdat anders de klachten binnen korte tijd opnieuw zullen optreden. De ondernemer is nog steeds bereid om hierover in overleg te treden.

De volgende klachten van de VVE behoeven nog een nadere toelichting.

Klacht 4: de tuindeuren konden niet open doordat de poot van de steiger hiervoor stond. Dit is ook erkend en zal opgelost worden. Hierover is nooit onduidelijkheid geweest, want het was een opleverpunt en wat ons betreft geen onderdeel van deze klachtenbehandeling.

Klacht 6: dit was een aanvullende vraag. Ook de werkzaamheden t.a.v. het raam is onzes inziens geen onderdeel van de discussie.

Klacht 8: deze scheuren zijn inderdaad gemeld zoals aangegeven. De grote diepe scheuren over de lengterichting van de dorpels (en een paar stijlen) waren er vooraf niet, of in elk geval niet zichtbaar. Wat ons betreft is de klacht betreffende de scheuren de belangrijkste. Hierbij wenst de ondernemer het volgende naar voren te brengen:

– Het schilderwerk vooraf was er slecht aan toe. Er is veel houtrot, open verbindingen en scheurvorming aangetroffen. Kortom; oude kozijnen met een hoog vochtpercentage en slecht schilderwerk.
– Bij het inspecteren van de ondergrond zijn de diepe lange scheuren in de dorpels stijlen niet aangetroffen.
– We hebben heel veel detailfoto’s van de staat van het houtwerk om bovenstaande twee beweringen te staven.
– Er is in 2016 door de VvE een offerte aangevraagd, welke schilderbeurt niet is uitgevoerd, terwijl het toen al nodig was.
– Drie jaar later is een 2,5 schilderbeurt uitgevoerd met Allure Gloss als afwerklaag. Alle verfproducten zijn van SIGMA Coatings en gekocht bij de SIGMA dealer.
– Buitentemperatuur, relatieve luchtvochtigheid en vochtpercentage van het hout zijn tijdens de uitvoering bijgehouden.
– De technisch adviseur van SIGMA heeft geconstateerd dat het door de ondernemer uitgevoerde schilderwerk van goede kwaliteit is en dat het scheuren van de ondergrond de oorzaak is geweest van het barsten van de verf en niet andersom.
– Daar waar het houtwerk jarenlang vocht heeft kunnen verzamelen is dit door het kwalitatief goede schilderwerk afgedicht, zodat het hout kon opdrogen. Bij het opdrogen van het hout kunnen scheuren ontstaan. In combinatie met de vochtige omstandigheden in de woning en het slechte binnen-buitenwerk wordt deze kans verder vergroot.
– Aangezien de vraag van de VvE alleen het buitenschilderwerk betrof hebben wij het binnenbuitenwerk expliciet uitgesloten in de offerte.
– Van medio april tot medio mei zijn er meldingen gekomen van barsten.
– Op basis van de eerste meldingen hebben wij gemeend dat we mogelijk een aantal reparaties niet goed hadden uitgevoerd. Echter, in de loop van de daarop volgende weken kwamen er steeds meer foto’s binnen van scheurvorming die wij niet konden thuisbrengen.
– Dit bevreemde ons en derhalve hebben wij eind mei dan ook voorgesteld aan de VvE om een onafhankelijk expert erbij te halen in de persoon van een technisch specialist van groothandel SIGMA. De reden hiervan was dat we wilden weten wat de oorzaak van de scheurvorming was. Als de reden van scheurvorming zou liggen in het toegepaste verfsysteem of de applicatie hiervan, dan zou repareren van de scheuren snel en onder garantie kunnen worden uitgevoerd. Indien de scheurvorming zou voortkomen uit het werken van de ondergrond, dan zou er eerst achterhaald moeten worden waar dit vandaan kwam. Immers, als het hout zou blijven werken zal de scheurvorming in de nabije toekomst beslist weer optreden. Dit laatste valt niet onder de garantie. Dit is diverse malen gecommuniceerd.
– Derhalve is op 17 juli een onderzoek ter plaatse gedaan en een rapportage opgesteld. Eén en ander in goed overleg met de VvE.
– Achteraf blijkt het rapport alleen naar de ondernemer gestuurd te zijn. Het heeft daarom tot 20 augustus geduurd voordat de rapportage bij de VvE terecht is gekomen. Mondeling en schriftelijk is de VVE verzocht tot overleg over te gaan om de rapportage nader te bespreken en te bezien of we tot een, voor beide partijen goede oplossing konden komen. Dit is steeds het uitgangspunt geweest. De VvE heeft hiermee vooraf ingestemd.
– Echter, daags na het insturen van de rapportage heeft de VvE gemeld alle communicatie te stoppen en heeft de zaak overgedragen aan de geschillencommissie. Dit is beslist raar en heeft te maken met de vooringenomen verwachting van de VvE dat de schilder verantwoordelijk is voor alle scheurvorming. Nogmaals verwijs ik naar de stelling dat het de ondergrond is geweest die de barsten in de verf heeft veroorzaakt.
– De ondergrond aan de buitenkant is beoordeeld in zoverre dit zichtbaar was. Nogmaals de grote scheuren in de dorpels en grote scheuren in de stijlen waren niet aanwezig voor en tijdens de werkzaamheden. Hier hebben wij voldoende bewijs voor. Deze stelling wordt door de VvE bevestigd.
– Er is goed geschuurd. De technisch adviseur heeft het schilderwerk gecontroleerd en als goed beoordeeld.
– Wij hebben in de offerte expliciet het zogenaamde Binnen-Buitenwerk uitgesloten.
– De door ons bij de offerte meegestuurde Algemene Voorwaarden missen wij bij de stukken. Deze zijn toegevoegd. Ik verwijs hierbij specifiek naar artikel 5.3 laatste lid en artikel 6.6 derde lid. Wij konden redelijkerwijs bij het beoordelen van de ondergrond voor en tijdens de schilderwerkzaamheden niet vermoeden dat deze scheurvorming zou optreden.

In reactie op het rapport van de deskundige wordt door de ondernemer het volgende aangevoerd:

Volgens de deskundige zijn de scheuren in de verf het gevolg van een veel te hoge vochtconcentratie in het hout. Percentages van rond de 60% zijn op meerdere plaatsen De deskundige stelt voor om bepaalde verbindingen, die niet goed zijn uitgevoerd geheel schoon te maken, opnieuw te behandelen met reparatiepasta en dan vervolgens af te werken. Deze behandelingen zijn wij bereid uit te voeren. Echter, dat daardoor het vochtpercentage teruggebracht wordt tot maximaal 18% zal nimmer bereikt kunnen worden met deze constructie van deze PH schuiframen/kozijnen. Het is een bouwkundig probleem, deze aluminium kozijnen in aansluiting op het houtwerk. Het vocht komt van de binnenkant via de PH aluminium kozijnen. Er is sprake bij deze constructie van een koudebrug. In een eerder stadium hebben we aangegeven dat er meer activiteiten nodig zijn dan alleen maar een 2-laags verfsysteem vandaar dat het binnen/buitenwerk door ons is uitgesloten.

Alle kosten die te maken hebben met ondeugdelijk werk zijnde opleverkosten zullen wij zoals reeds eerder aangegeven voor onze rekening nemen. Echter dit kan onzes inziens niet betekenen dat alle kosten voor onze rekening komen mede gezien het feit dat diverse scheurvormingen ook nu weer voortkomen uit de huidige constructie/samenstelling van het geveltimmerwerk.

Ook al gaan we de voorgestelde reparaties doen, dan zullen ook hierna scheuren ontstaan op de houten kozijnen en zal het vochtpercentage ook in de toekomst nooit onder het gewenste % kunnen komen.

Ter oplossing van bovenstaand probleem (bouwkundig) zijn er 2 mogelijkheden ter afhandeling van bovengenoemd probleem nl:

a. Wij repareren zoals door u voorgesteld in uw analyse, doch wij garanderen niet dat het vochtpercentage naar een aanvaardbaar niveau gaat en ook willen wij niet garant staan voor toekomstige scheurvorming.

b. De WE gaat onderzoeken en beoordelen hoe dit bouwkundig probleem eerst opgelost kan worden en na oplossing hiervan op kosten van de WE, gaan we de werkzaamheden herstellen, zoals in het onderhavige rapport is vastgelegd. Wij willen ons echter niet vastleggen op het percentage vocht in het hout, daar deze hoge vochtigheid ook voor de aanvang van het schilderwerk reeds aanwezig moet zijn geweest.

Inzake de overige opleveringspunten, zoals in het onderhavige rapport is voorgesteld en waarover ook al eerder overeenstemming was, zullen wij als garantie uitvoeren op onze kosten.

Wij willen graag dat het tot een goed einde komt, doch zal er eerst een oplossing voor het bouwkundig probleem moeten komen.

Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Partijen waren aanwezig bij mijn onderzoek ter plaatse.

Toegepast fabricaat:
Sigma S2U Allure primer en Sigma S2U Allure Gloss en waarschijnlijk Repair Cair houtreparatiemassa.

Systeemomschrijving:
De aanbieder heeft in zijn offerte 900353 PR/HvdB van 25 -09-2018 de codering LOHD 03 opgenomen, dat is de omschrijving uit het basis verfbestek waar de [voorletter] van [ondernemer] aan toe is gevoegd. Korte omschrijving in de offerte: 1x bijwerken, 2 x geheel dekverf: Betreft schilderwerk aan de kozijnen, ramen, glasroeden, geveldeuren in de achtergevel van het appartementencomplex. Gootwerk, lijstwerk en buitenbeplating op de dakterrassen in de voor- en achtergevel.

Tijdens het vooroverleg zijn bovenstaande klachtpunten met de betrokken partijen besproken. Daaruit kwam naar voren dat de punten 1 t/m 6 zijn onderkend en geaccepteerd door de ondernemer. De deskundige zal tijdens de rondgang zich voornamelijk concentreren op punt 8. Punt 7 is opengebleven omdat dit niet aan de orde (meer) is.

Mijn bevindingen en vaktechnisch oordeel zijn de volgende:

Het betreft hier een voormalig schoolgebouw (bouwjaar 1925) waarin een 10-tal appartementen zijn gecreëerd. Doordat appartement 91C is samengevoegd bij appartement 91E blijven er 9 appartementen over. Het schilderwerk is uitgevoerd tussen 4 februari 2019 en 11 maart 2019.

Het schilderwerk van de etages is van binnenuit beoordeeld, daarbij konden uitsluitend de onderdorpels, de aansluitende stijlen, de houten stolpramen en PH schuiframen bekeken worden. In een enkel geval kon met behulp van een telescoopladder de hoger gelegen tussendorpels en stijlen geschouwd worden. De houten gevelelementen op de begane grond konden wel goed beoordeeld worden tot 2 meter hoogte. De conditie van het zogenaamde binnen-buitenwerk is eveneens bij de beoordeling betrokken. Het schilderwerk op de dakterrassen is niet bij de beoordeling betrokken omdat hierover geen opmerkingen waren.

Bevindingen tijdens de rondgang door het appartementencomplex.

[Straatnaam] 93B etage (achtergevel zuid oost).
Houten kozijnen en PH schuiframen. Kozijndorpels vertonen barsten en scheuren in de lengterichting van het hout. De aansluitende stijlen vertonen eveneens scheuren. De dikke verflagen vertonen plaatselijk barsten, het houtvochtgehalte is plaatselijk verhoogd tot sterk verhoogd 26-46%. Het verfsysteem heeft nog een goede glansgraad. De conditie van het binnen-buitenschilderwerk is goed.

[Straatnaam] 93C etage (achtergevel zuid oost).
Kozijnen met PH schuiframen. Kozijnen vertonen scheuren in de lengte richting van het hout aan de boven- en voorzijde. Oude scheuren staan open en zijn niet uitgehaald/vervangen. Plaatselijk meten we een sterk verhoogd houtvochtgehalte (60%). Vochtophoping in de hoeken van de PH schuifprofielen. Het verfsysteem heeft nog een goede glansgraad. De conditie van het binnen-buitenwerk is goed. Het verfsysteem heeft een hoge glans.

[Straatnaam] 93B slaapkamer begane grond (achtergevel zuid oost).
Kozijnen met stolpramen. Sterk verhoogd houtvochtgehalte 50-60%. Scheurenvorming kozijndorpels en beginnende houtrot. Kozijnsponningen en omkanten ramen niet behandeld (de ramen zijn in gesloten stand geschilderd i.v.m. steigers maar later niet nagelopen). Er is geen sponninglijst voorhanden. De scharnieren van de ramen roesten. Het verfsysteem heeft nog een goede glansgraad. De conditie van het binnen-buitenwerk is redelijk tot goed.

[Straatnaam] 93A begane grond (achtergevel zuid oost).
Kozijnen en openslaande tuindeuren. Plaatselijk barsten en (oude) scheuren. Plaatselijk verhoogd sterk houtvochtgehalte (30-40%) rond hoekverbindingen. Beginnende houtrot in de bovendorpel van de linker tuindeur. Defecte glasafdichting van alle tuindeuren meten plaatselijk een verhoogd houtvochtgehalte. De aansluiting tussen stopverfzoon en kozijndorpel is gebarsten. Omkanten tuindeuren niet of onvoldoende behandeld. Conditie binnen-buitenwerk redelijk tot goed. het verfsysteem heeft een hoge glansgraad.

[Straatnaam] 91G begane grond (achtergevel zuid oost).
Kozijnen en openslaande tuindeuren. Kozijnen vertonen barsten en beginnende scheurvorming. Defecte glasafdichtingen tuindeuren en plaatselijk verhoogd houtvochtgehalte. Omkanten tuindeuren niet behandeld en verfsmet (groen) aan binnenzijde tuindeuren. Conditie binnenbuitenwerk redelijk tot goed. De glans van het verfsysteem is hoog.

[Straatnaam] 91F begane grond (achtergevel zuidoost).
Kozijnen en tuindeuren die niet behandeld zijn i.v.m. vervanging. Het “oude” schilderwerk is ter informatie wel beoordeeld. In de kozijnen komen soortgelijke barsten en scheuren voor als bij de nu geschilderde kozijnen.

[Straatnaam] 91D etage (achtergevel zuid-oost).
Kozijnen met PH schuiframen. Barsten en scheuren in de kozijndorpels en aansluitende stijlen. Open verbindingen en plaatselijk sterk verhoogd houtvochtgehalte. Loodslabbe onder de kozijndorpels, de dorpels zijn aan de onderzijde kaal, maar niet bereikbaar voor schilderwerk. Conditie binnen-buitenwerk redelijk tot goed. Het schilderwerk heeft nog een goede glansgraad.

[Straatnaam] 91 A begane grond (achtergevel zuidoost).
Kozijnen en tuindeuren. Barsten en scheuren in kozijndorpels. Tuindeuren sluiten niet goed meer of zijn niet meer te openen. Linkse deur klemt aan de onderzijde waardoor deze niet meer goed sluit. Linkse tuindeuren staan nog in de grondverf. Conditie binnen-buitenwerk redelijk. de glans van de verf is hoog.

[Straatnaam] 91E begane grond (achtergevel zuidoost).
Kozijnen, ramen en tuindeur. Plaatselijk barsten en scheuren in de kozijndorpels. Omkanten tuindeur en ramen niet behandeld. Conditie binnen-buitenwerk redelijk tot goed. Glansgraad van het verfsysteem is hoog.

[Straatnaam] 91C is samengevoegd bij 91E etage (achtergevel zuid-oost).
Omkanten en sponningen stolpramen niet behandeld. Plaatselijk barsten en scheuren in kozijnen en ramen. Conditie binnen-buitenwerk matig. Glansgraad verfsysteem is hoog.

[Straatnaam] 91E etage (achtergevel zuid-oost).
Kozijnen stolpramen met barsten en scheuren in kozijnen dorpels, conditie stolpramen matig. Omkanten ramen en kozijnensponningen zijn niet geschilderd. De stolpramen van de middelste pui konden niet open volgens de bewoner. Omdat de sponningen en ramen hier wel geschilderd zijn blijkt de verf verkleefd en konden de ramen met enige druk wel geopend worden. De conditie van het binnen-buitenwerk is matig, met name de ramen verkeren in minder goede conditie. De glansgraad van het verfsysteem is hoog.

[Straatnaam] 91E bovenste etage (achtergevel zuidoost).
Kozijnen met PH ramen. Kozijnendorpels vertonen barsten en scheuren. De conditie van het binnen-buitenwerk is matig. De glansgraad van het verfsysteem is hoog,

De aangetroffen schade in de vorm van barsten en scheuren in met name de kozijnendorpels en aansluitend stijlstukken is vrij structureel. Ook het verhoogde houtvochtgehalte vormt een risico voor houtaantasting. Er lijkt een direct verband tussen het verhoogde houtvochtgehalte en de aanwezige scheuren in de ondergrond. De aangetroffen barstvorming kan ook voor een deel veroorzaakt worden doordat overtollige houtreparatiemassa over bestaande oude verflagen is aangebracht en voor het schilderen niet volledig is weggeschuurd.

De hoofdoorzaak van de aangetroffen schade is, naar oordeel van de deskundige, een gevolg van het onvoldoende verwijderen van de oude verflagen op met name de kozijndorpels en de aansluitende stijlstukken. Door het volledig kaal te halen van deze onderdelen krijgt men een goed beeld van de conditie van de vrijkomende ondergrond en mogelijke schade zoals scheuren en houtrot. Men heeft nu de aanwezige schade in kaart gebracht door het afprikken van de kozijnelementen in geschilderde toestand. Daarbij is een hoeveelheid houtrotschade aangetroffen die in het werk hersteld moest worden. Voor dit herstel is een aanvullende opdracht verstrekt. Nu blijkt dat er nog oude schade onder de verflagen aanwezig is die tijdens het onderhoud niet of onvoldoende is onderkend.

De omvang van de klachten is ernstig te noemen.

Herstel is mogelijk en wel als volgt:

Herstel van de aangetroffen schade is mogelijk. Naar oordeel van de deskundige zal het gehele verfsysteem op de kozijndorpels met circa 20 cm van de aansluitende stijlen verwijderd moeten worden. Het betreft hier de kozijndorpels direct onder de ramen, deuren en schuiframen. Indien er schade op de tussen en/of bovendorpels wordt vastgesteld dienen deze ook behandeld te worden volgens onderstaand systeem. Daarbij komt de schade in de ondergronden goed in beeld en kunnen houtrotschade, scheuren, barsten, openstaande verbindingen e.d. waar nodig worden hersteld. Alvorens tot herstel over te gaan zal het houtvochtgehalte van het hout teruggebracht moeten worden tot maximaal 18%. De herstelwerkzaamheden kunnen, naar oordeel van de deskundige, niet van binnenuit worden uitgevoerd. Voor de bovenetages zal gebruik gemaakt moeten worden van geschikt klimmateriaal. De houten elementen op de begane grond kunnen met eenvoudig klimmateriaal worden bereikt.

– Alle bestaande verflagen op de kozijndorpels, inclusief circa 20% van de aansluitende stijlen geheel verwijderen. Het kaal gekomen houtwerk opzuiveren en de overgang met het bestaande schilderwerk vlak en verlopend schuren.

– De aangetroffen houtrotschade, scheuren, verbindingen e.d. herstellen met een geschikt houtreparatiemiddel, eventueel waar nodig lamineren (houtvocht maximaal 18%).

– Kaal gekomen houtwerk gronden met Sigma S2U Allure primer en vervolgens 2x dekkend en egaal afschilderen met Sigma S2U Allure Gloss in de bestaande kleur.

– Defecte glasafdichtingen van ramen en deuren waar nodig herstellen.

– Klemmende draaiende delen gangbaar maken.

– Niet afgeschilderde tuindeuren aflakken.

– Omkanten ramen en tuindeuren waar nodig schilderen.

– Verfsmet op tuindeuren herstellen.

De globale herstelkosten worden door de deskundige als volgt ingeschat:
Post schilderwerk € 2.500,–
Post houtrotherstel € 3.000,–
Post benaderingskosten € 6.000,–
Post bouwplaatskosten/parkeren € 1.250,–
Totaal inclusief BTW € 12.750,–

Toelichting op rapport:

De conditie van de oude bouwoorspronkelijke kozijnelementen is vooraf door de ondernemer als kritisch beoordeeld. Daarbij is zelfs overwogen, begrijpt de deskundige uit het dossier, dat de kozijndorpels mogelijk vervangen zouden moeten worden. Uiteindelijk is er voor gekozen om de kozijnen vooraf af te prikken op eventuele schade en de aangetroffen schade te herstellen. Doordat de kozijndorpels, en een deel van de aansluitende stijlen, niet geheel van verf zijn ontdaan heeft men de aanwezige schade niet goed in beeld kunnen brengen. De achtergebleven schade is eenvoudig overgeschilderd. Het plaatselijk sterk verhoogd houtvochtgehalte in diverse gecontroleerde kozijndorpels is een gevolg van de openstaande scheuren en naden. Op basis van de bevindingen van de deskundige blijkt de conditie van het binnen-buitenwerk van minder invloed op het buitenschilderwerk. Wel vragen de aanwezige PH schuiframen de nodige aandacht doordat in de geleiders vocht kan blijven staan. Regelmatig onderhoud aan deze onderdelen is zeker aan te bevelen. De aanbieder heeft het binnen-buitenwerk niet opgenomen in de offerte. In de memo van de aanbieder van 25 september 2019 wordt gesproken dat het binnen- buitenwerk is uitgesloten. Naar oordeel van de deskundig is niet opnemen of uitsluiten een wezenlijk verschil. Opgebouwde dikke verflagen kunnen van invloed zijn waarbij barsten en scheuren kunnen ontstaan. Bij het bereiken van de kritische verflaagdikte dienen deze dan ook verwijderd te worden. Op basis van fotomateriaal bij de memo van de ondernemer van 25 september 2019 is duidelijk zichtbaar dat de houtreparatiemassa over de oude verflagen is aangebracht en (mogelijk) niet verwijderd. Daardoor kunnen spanningen tussen de dunne laag reparatiemassa en het verfsysteem ontstaan waardoor de verflagen kunnen barsten, scheuren of zelfs onthechten.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

Over de klachten 1 tot en met 6 kan de commissie kort zijn. De gegrondheid van die klachten is door de ondernemer erkend en deze heeft tevens erkend contractueel gehouden te zijn tot herstel/nakoming van die klachten. De commissie zal de ondernemer daartoe verplichten, ook nu zulks door de consument is verzocht.

Klacht 7 (het moeten schilderen van de midden voordeur) betreft een buiten-contractuele toezegging van de ondernemer, waaraan (nog) niet is voldaan. Terecht is door de ondernemer aangevoerd dat dit om die reden geen hier relevante klacht kan zijn, op basis waarvan door de commissie nakoming kan worden opgedragen. Klacht 7 is (dus) zonder juridische grond ingesteld en kan daarom niet leiden tot het daarmee beoogde resultaat.

Kern van het geschil betreft klacht 8.

De commissie verenigt zich in het kader van de beoordeling van klacht no. 8 geheel met de bevindingen en conclusies van de deskundige, en maakt die tot de hare.

Aldus is genoegzaam komen vast te staan dat de ondernemer toerekenbaar is tekortgeschoten in de juiste uitvoering van de overeengekomen verplichtingen. Zulks met de aanvulling dat die verplichtingen staande het werk met een aanvullende opdracht contractueel zijn uitgebreid met de verplichting om aangetroffen houtrotschade eerst te herstellen alvorens daarop het verfsysteem aan te brengen.

Gebleken is (dus) dat de ondernemer in onvoldoende mate op met name de kozijndorpels en de aansluitende stijlstukken heeft nagelaten om de oude verflagen zodanig vergaand te verwijderen/kaal te halen, dat aldus een goed en vooral volledig beeld kan worden verkregen van de conditie van de aldus zichtbaar geworden en op houtrot en scheuren te controleren ondergrond. De ondernemer heeft zich er kennelijk bij diens onderzoek naar houtrot te gemakkelijk vanaf gemaakt door het deels te laten bij het “afprikken” van de kozijnelementen in niet kaal gehaalde geschilderde toestand. Het aldus niet aanpakken van oude schade onder de verflagen is de ondernemer volledig toe te rekenen.

De ondernemer kan het risico voor de aanwezigheid daarvan niet alsnog afwentelen op de consument. De overeengekomen opdracht was nu juist tevens om houtrot “maximaal” op te sporen en te verhelpen. Daar waar verhelpen onmogelijk is c.q. geen zin heeft vanwege een aangetroffen oorzaak die maakt dat het probleem zich niet laat verhelpen, heeft de ondernemer de opdrachtgever daarvan op de hoogte te stellen wegens onvolkomenheden aan de zaak waaraan gewerkt moet worden, en kan de ondernemer zijn prestatie opschorten in afwachting van in opdracht en voor rekening van de consument door derden (bijvoorbeeld door een aannemer) te verrichten herstel. Gesteld noch gebleken is dat zich die situatie hier heeft voorgedaan.

Dat bouwkundige gebreken eerst moeten worden opgelost alvorens de ondernemer zijn werk kan gaan doen, is naar het oordeel van de commissie niet genoegzaam komen vast te staan. Daarbij verdient opmerking dat het door de ondernemer geduide probleem van het klemmen van de schuiframen zich bovendien alleen maar op de 2e verdieping heeft voorgedaan.

De slotsom ten aanzien van klacht no 8. luidt dan ook dat de door de deskundige aangeduide tekortkomingen van de ondernemer, de ondernemer geheel kunnen en mogen worden toegerekend.

De commissie verenigt zich voorts met de door de deskundige aangeduide wijze van herstel ter verhelping van klacht no 8.

De commissie zal de ondernemer – gelijk door de consument is gevorderd – verplichten tot nakoming/herstel en wel dusdanig dat daardoor de klachten 1 tot en met 6 en 8 worden verholpen.

Nu de consument grotendeels in het gelijk is gesteld is de ondernemer op basis van het reglement van de commissie tevens gehouden om het door de consument betaalde klachtengeld aan de consument te voldoen.

Ook is de ondernemer op basis van dat reglement gehouden de behandelingskosten te voldoen aan het secretariaat van de commissie, welke kosten de ondernemer separaat bij factuur in rekening zullen worden gebracht.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De ondernemer verricht die werkzaamheden die nodig zijn om de klacht(en) 1 tot en met 6 en 8 van de consument te verhelpen.

Partijen dienen elkaar over en weer in de gelegenheid te stellen aan hun verplichtingen uit dit bindend advies te voldoen.

Een en ander dient te geschieden binnen een termijn van vijf maanden na de verzenddatum van dit bindend advies.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 102,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan het secretariaat van de commissie de bijdrage in de behandelingskosten van het geschil verschuldigd.

Zodra de commissie bericht heeft ontvangen van beide partijen dat een en ander overeenkomstig de beslissing is geschied, zal het depotbedrag ad € 8.300,– worden overgemaakt aan de ondernemer.

Wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Schilders-, Behangers- en Glaszetbedrijf, bestaande uit mr. M.L.J. Koopmans, voorzitter, mr. B.W. Weilers en de heer J. Hania, leden, op 18 december 2020.