Commissie: Post
Categorie: -
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies na tussen advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
449142/491548
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
In deze zaak oordeelde de Geschillencommissie Post dat een consument recht heeft op een schadevergoeding van €2.015,85 voor een vermist pakket met munten. Hoewel PostNL aansprakelijkheid erkende, betwistte zij de hoogte van het schadebedrag wegens een gebrek aan deugdelijke onderbouwing van de waarde. De commissie stelde dat bankafschriften en correspondentie met de ontvanger onvoldoende bewijs vormen. Omdat de consument ook geen gespecificeerde lijst van de afzonderlijke munten met hun waarde overlegde, schatte de commissie de vergoeding naar redelijkheid en billijkheid. De klacht werd gegrond verklaard, maar een hogere vergoeding dan het genoemde bedrag werd afgewezen. Daarnaast moet PostNL het klachtengeld van €27,50 aan de consument vergoeden.
De uitspraak
Behandeling van het geschil
De Geschillencommissie Post (verder te noemen: de commissie) heeft bij tussenadvies de dato 10 oktober 2024 de eindbeslissing aangehouden.
De inhoud van dit tussenadvies moet als hier ingevoegd worden beschouwd.
De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.
Partijen zijn niet voor de zitting opgeroepen.
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft een vermist pakket.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De commissie handhaaft hetgeen zij heeft overwogen in het tussen advies. Naar het oordeel van de commissie maakt PostNL op goede gronden aanspraak op deugdelijke onderbouwing van de waarde van de inhoud van het pakket. Daartoe is overleggen van bankafschriften en correspondentie met de geadresseerde onvoldoende. Ten minste had van de consument mogen worden verwacht een gespecificeerde opgave te geven van welke munten met daarbij van iedere munt een onderbouwing van de waarde daarvan. Kennelijk heeft de consument een partij munten in tweeën gesplitst maar legt van die splitsing ook geen specificatie over. Onder de gegeven omstandigheden kan ook de commissie de geobjectiveerde waarde van de inhoud van het pakket niet vaststellen. Daarom ziet de commissie zich genoodzaakt de vergoeding tot betaling waarvan PostNL op basis van de erkenning van haar aansprakelijkheid gehouden is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid de schatten. Op die basis zal de commissie na te melden vergoeding aan de consument toekennen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Daarom wordt als volgt beslist.
Beslissing
Post NL dient binnen 4 weken na datum van verzending van dit bindend advies aan de consument een bedrag van € 2.015,85 te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 27,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Het meer of anders verlangde wordt afgewezen.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Post, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer A. Verkaik, de heer mr. B.W. Weilers, leden, op 5 februari 2025.