Commissie: Installerende bedrijven
Categorie: Overig
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
625098/723141
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument had een warmtepomp laten installeren. Daarbij moest een geïsoleerde leiding worden gelegd tussen de verdeler van de vloerverwarming en de warmtepomp. De ondernemer legde een goedkopere leiding in de kruipruimte, terwijl bekend was dat het daar erg vochtig was en er water stond. De isolatie van de leiding bleek gescheurd en daardoor niet goed bruikbaar. De consument wilde daarom een betere leiding, maar de ondernemer vroeg hem om de helft van de kosten van vervanging te betalen (€ 1.225).
De commissie vindt dat de ondernemer in eerste instantie een ondeugdelijke leiding heeft geleverd en erkent dat dit fout was. Het is niet redelijk dat de consument moet meebetalen aan de vervangende leiding. Daarom is de klacht gegrond. De consument hoeft niets meer te betalen.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de hoogte van de door de ondernemer bij de consument in rekening gebrachte kosten.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Ik heb middels een getekende offerte opdracht gegeven aan de ondernemer voor de levering van een warmtepomp. Onderdeel van de opdracht was de levering van een geïsoleerde leiding tussen de verdeler (van de vloerverwarming) in de woning en de warmtepomp in de garage.
Deze geïsoleerde leiding, die in de offerte verder niet is gespecificeerd, bleek bij installatie een kunststof leiding te zijn voorzien van een isolatielaag maar zonder beschermende mantel. Het gaat om een leiding die vaak voor de centrale verwarming wordt gebruikt.
De leiding is bij de installatie, op de grond, onder de vloer gelegd en gaat op sommige plaatsen onder de fundering door. Voor het leggen van de leiding was al bekend, door inspectie door de ondernemer, dat het onder de vloer zeer vochtig is en dat de doorgangen onder de fundering vaak vol met water staan. Dit betekent ook dat de leiding deels in het water ligt. Na installatie constateerde ik bovendien dat de isolatie van de leiding op sommige plaatsen is gescheurd. Ik ben van mening dat natte en gescheurde isolatie geen isolatiewaarde heeft en dat dat er daarom niet kan worden gesproken van een deugdelijk geïsoleerde leiding en eist daarom een andere leiding.
Ik stelde daarom een betere leiding voor (Flexalen of beter) omdat het onder de vloer nat is en het onder een vloer in principe kouder kan worden dan 60 centimeter onder het maaiveld, Omdat de kwaliteit van de leiding in de offerte niet is vastgelegd, en het project al 2,5 maand loopt, geeft Opdrachtgever aan 50% van de materiaalkosten van de nieuwe leiding mee te willen betalen om de projectvoortgang te bespoedigen én om daarmee een geschil te voorkomen.
De ondernemer geeft aan de leiding wel te willen vervangen maar laat weten dat haar medewerkers hebben aangegeven dat de route onder de vloer onveilig is: de kruipruimte onder de vloer is erg beperkt en de doorgangen onder de fundering staan deels onder water Daarom wil de ondernemer volwaardig geïsoleerde grondleiding (Flexstar Duo) via een route (buiten) om de woning heen leggen. De ondernemer vraagt hiervoor aan opdrachtgever een bijdrage van 50% van alle kosten d.w.z. van zowel de materiaal als de arbeidskosten. Het gaat dan om 50% van € 2450,–, oftewel € 1225,– inclusief BTW.
Ik ben het hier niet mee eens en stel dat er een niet deugdelijk oplossing is geleverd. De ondernemer blijft op het standpunt staan dat er aan de opdracht is voldaan.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
In de eerste offerte die aan de consument is aangeboden hebben wij de desbetreffende terreinleiding waar de consument nu naar vraagt aangeboden. Vanwege de kosten is er toen gekozen om deze niet toe te passen. Er is voor een goedkopere optie gekozen zoals te zien in de laatste offerte die is aangeboden. Hierbij was zoals de consument zelf al aangeeft bekend dat het onder de vloer zeer vochtig is en doorgangen onder de fundering vaak vol met water staan. Toen de consument toch de zwaar geïsoleerde leidingen toegepast wilde hebben zoals wij in eerste instantie hadden aangeboden hebben we direct een voorstel gedaan om de kosten 50-50 te dragen. Dit lijkt mij meer dan redelijk.
Het deskundigenrapport
De door de commissie benoemde deskundige heeft in zijn deskundigenrapport, samengevat weergegeven,
het volgende geconcludeerd.
Er is terreinleiding aangelegd van de warmtepomp naar de verdeler verwarmingsinstallatie, de terreinleiding
is in de kruipruimte gemonteerd, deze kruipruimte is zeer vochtig en er staat ook water in, de leidingen
komen op deze manier in het water te liggen, ook is geconstateerd dat de kruipruimte zeer gering is voor
montage. De ondernemer stelt voor om de leiding buitenom te monteren, er is een prijsafspraak gemaakt
over deze extra kosten, echter de klant is hier niet mee eens. De consument wil alleen de kosten van de
leiding betalen en niet de arbeidskosten. Ondanks dit geschil wordt de nieuwe leiding buitenom
gemonteerd. De (herstel)kosten van de uiteindelijk buiten om gemonteerde leiding zijn € 2450,– inclusief
21% btw. De klant en aanbieder zijn er samen over eens dat de terreinleiding buitenom moest worden aangelegd, installatie werkt nu prima en is vakkundig geïnstalleerd.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Mede gelet op het deskundigenrapport is de commissie van oordeel dat de ondernemer in eerste instantie tekort is geschoten in het aanleggen van een van een leiding tussen de verdeler in de woning en de warmtepomp in de garage. Dit heeft de ondernemer ook erkend. Het geschil gaat om de vraag of het redelijk is dat de kosten van een vervangende leiding voor 50% voor rekening van de consument komen.
De commissie is van oordeel dat dit niet redelijk is en dat derhalve de klacht van de consument gegrond is. Dat de consument in eerste instantie de duurdere offerte voor een leiding ‘buitenom’ heeft afgewezen en heeft gekozen voor een goedkopere leiding door de kruipruimte die later ondeugdelijk bleek, leidt niet tot een ander oordeel.
Nu de klacht gegrond is, is de consument niets meer aan de ondernemer verschuldigd.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De klacht van de consument is gegrond.
De ondernemer dient overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 102,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Installerende Bedrijven, bestaande uit de heer mr. A.G.M. Zander, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. W. van den Berg, leden, op 17 januari 2025.