Ondeugdelijke schutting leidt tot ontbinding van de overeenkomst

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Groen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 986547/1162570

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde over de kwaliteit van de schutting, de oprit en de verlichting. Uit het deskundigenrapport blijkt dat vooral de schutting ernstig ondeugdelijk is geplaatst: hergebruikte beschadigde planken, scheve lijnen, slordige afwerking en constructiefouten. De commissie oordeelt dat de schutting niet voldoet aan de eisen van goed en deugdelijk werk en dat sprake is van een ernstige tekortkoming. Daarom wordt de overeenkomst voor de schutting ontbonden. De consument moet de schutting binnen twee maanden laten verwijderen en de materialen een maand ter beschikking stellen aan de ondernemer. De ondernemer moet € 4.336,42 aan de consument betalen (restant van de aanneemsom minus depot plus minderwerk) en de factuur voor de schutting crediteren. De klachten over de oprit en verlichting worden afgewezen; die voldoen aan de normen of betreffen teleurgestelde verwachtingen. De klacht is dus gedeeltelijk gegrond.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft een overeenkomst van februari 2024 met betrekking tot de aanleg van een tuin, beregening, bestrating en schutting op het perceel van de consument te [plaatsnaam]. Voor het leveren en aanbrengen van de schutting is een aanneemsom van € 7.495,05 inclusief btw overeengekomen.

De consument heeft een bedrag van € 3316,45 niet betaald en bij de commissie gedeponeerd.

Standpunt van de consument

De klacht van de consument luidt in het kort:

Wij zijn niet tevreden over de geplaatste schutting en aangelegde oprit. De ondeugdelijke afwerking wordt extra benadrukt bij gebruik van de door de hovenier geadviseerde verlichting. Ondanks herstelwerkzaamheden is het resultaat onder de maat en voldoet het niet aan goed en deugdelijk werk. Daarnaast komen we niet tot overeenstemming over diverse andere (financiële) punten.

De consument wenst volledige creditering van het voor de schutting in rekening gebrachte bedrag en een schadevergoeding van € 2.038,57 voor herstel van de oprit en verbetering van de verlichting.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Verwijzend naar het in deze zaak uitgebrachte deskundigenrapport heeft de ondernemer ter zitting verklaard akkoord te gaan met vergoeding van de begrote herstelkosten voor de schutting ad € 4.500,- en voor het overige iedere aansprakelijkheid af te wijzen.

Het deskundigenonderzoek

De deskundige R. Mol heeft de klacht onderzocht en op 14 oktober 2025 rapport uitgebracht van zijn bevindingen, die als volgt luiden:

Oprit:
Volgens klagers is de bestrating in de oprit onregelmatig gelegd, vooral bij avond en bij gebruik van kunstlicht goed te zien. Ik heb geconstateerd dat de oprit netjes en zonder opvallende onregelmatigheden is aangelegd. De hovenier is gevraagd naar de onderbouw (opbouw menggranulaat en straatzand) van de oprit, beide partijen (specifiek ook aan klager gevraagd) waren het eens dat dit 20 cm menggranulaat en 5 cm straatzand is. Dit is gezien het gebruik van de oprit door alleen een personenauto ruim voldoende. Er is geen spoorvorming geconstateerd ondanks dat de oprit al vanaf april 2024 in gebruik is. In de avond is er onregelmatigheid te zien, dit komt door het gebruik van een lage verlichting welke een strijklicht geeft. De keuze van de bestrating helpt daar aan mee, het is een strakke betonsteen, dit effect is niet te voorkomen. Er zullen altijd kleine “verzakkingen” ontstaan in de bestrating welke niet
te voorkomen zijn en die dit effect versterken. Ik kan mij voorstellen dat dit een vervelend gezicht kan zijn. Een oplossing is om een andere hogere verlichting te gebruiken. Ik kan niet bepalen of de keuze van de verlichting een verkeerd advies is geweest omdat beide partijen daarover een andere versie geven. De verlichting is bij derden door de klager gekocht en door de hovenier geplaatst. De hovenier heeft indertijd aangeboden door een andere verlichting te gebruiken welke in de oprit verwerkt kan worden en dit effect niet geeft. De oprit is volgens gebruikelijke normen aangelegd.

Tuinpoort:
De tuinpoort is te zwaar voor de constructie die is aangebracht, de hardhouten paal waar de poort aan hangt is geplaatst in voldoende beton, de meeste kracht komt op de bovenzijde van de paal. De hovenier heeft in zijn offerte een bovenbalk aangeboden maar niet aangebracht. Hierdoor zal de poort na stellen van de hengen (scharnieren) steeds weer aanlopen, dit is bij deze constructie haast niet te voorkomen. Het beste is om een poort in een stevige constructie af te hangen. Aan de bovenzijde een balk en aan de onderzijde een dorpel van hardhout al dan niet onder het maaiveld, palen van tenminste 9/9 cm. Advies om de poort op deze wijze te herplaatsen. Het cilinderslot voldoet niet (is te kort), het is nu niet mogelijk om de poort op slot te doen. De klager zou een passende cilinder aan hovenier ter beschikking stellen en de hovenier zou deze plaatsen. Dit is een klein werk en geeft is geen meerwerk omdat dit vooraf al was afgesproken.

Schutting:
Er zijn door klager veel opmerkingen over de schutting gegeven. De schutting is niet netjes afgewerkt en al een keer gedeeltelijk afgebroken en weer opgebouwd. Dit is de oorzaak van veel klachten. Door de materialen her te gebruiken en beschadigde en verzaagde materialen niet te vervangen is er een slordige aanblik ontstaan. De schroeven lopen niet in 1 lijn, beschadigde planken, ruw zaagwerk, planken lopen op sommige plaatsen niet in 1 lijn, op 1 plek zelf “omgedraaid” verwerkt, loze schroefgaten en enkele kromgetrokken planken. Een oplossing is om schutting af te breken en met nieuwe planken weer op de bouwen. Repareren met de oude materialen is geen optie. De palen en tussen balken kunnen blijven staan of worden hergebruikt. De oude planken kunnen wellicht nog op een ander project worden gebruikt. Op dit moment voldoet de schutting niet aan de gebruikelijke en te verwachten normen.

Verlichting op schutting:
Er is een miscommunicatie ontstaan over de hoogte van de verlichting op de schutting evenwijdig aan de veranda. Als de schutting opnieuw wordt opgebouwd kan dit eenvoudig worden opgelost. De keuze van de verlichting op de schutting geeft hetzelfde effect van het strijklicht als bij de oprit. Hout is een natuurlijk product en zal altijd meer aan mechanische krachten onderhevig zijn dan betonklinkers, het opnieuw opbouwen van de schutting draagt daar ook negatief aan bij, dit is bij een normale opbouw de eigenschap van het materiaal en kan de hovenier niet verweten worden ook omdat hij niet zelf de verlichting heeft geleverd.

Veranda:
Er is een lichte beschadiging te zien bij de rechtse ligger (gezien naar het huis toe) klager en hovenier zijn het niet eens wat de oorzaak is. Aannemelijk is dat dit gebeurt is door het gebruik van een verreiker (werktuig dat lijkt op een combinatie van een vorkheftruck en een kraan) voor het leggen van de bestrating in de veranda. Het geheel vervangen van de ligger is niet nodig het is een kleine beschadiging die partieel kan worden gerepareerd tegen lage kosten. De ruimte tussen de schutting en de veranda, hovenier zou hier compriband gebruiken om de “spleet” waterdicht te maken. Ik heb geconstateerd, samen met de hovenier, dat dit hier niet verwerkt is. Het is niet gebruikelijk dat dit compriband aangeboden wordt en zal ook nooit een garantie geven op een waterdichte afdichting, de veranda is een strak bouwwerk en de schutting is onderhavig aan mechanische bewegingen. Voorts staat de schutting niet geheel evenwijdig (zeer kleine afwijking) aan de veranda. Aanbrengen is niet meer mogelijk zonder de schutting af te breken.

Herstel is mogelijk:
Geheel opnieuw opbouwen van de schutting waarbij de palen kunnen blijven staan, wel zal er nieuw materiaal nodig zijn omdat de te verwijderen planken niet op dit project kunnen worden hergebruikt. De bovenligger van de veranda kan partieel worden hersteld. Het is een zeer lichte beschadiging
De herstelkosten van de schutting schat ik op € 4.500,- incl. btw. De herstelkosten van de bovenligger van de veranda schat ik op € 250,- incl. btw.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De commissie sluit zich aan bij de beoordeling door de deskundige Mol van de kwaliteit van de geplaatste schutting: deze voldoet niet aan de gebruikelijke en de te verwachten normen en dient afgebroken en opnieuw opgebouwd te worden. Ook aan de hand van de in het geding gebrachte foto’s oordeelt de commissie dat de geplaatste schutting geenszins voldoet aan de eisen van goed en deugdelijk werk, zodat in deze sprake is van een aan de ondernemer toe te rekenen tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst van zodanige ernst en omvang dat deze moet leiden tot ontbinding van de overeenkomst voor zover het de schutting betreft. In zoverre is de klacht gegrond.
De ontbinding heeft tot gevolg dat de wederzijds geleverde prestaties ongedaan moeten worden gemaakt, te weten verwijdering van de schutting in zijn geheel (inclusief de tuinpoort) en restitutie van het door de consument voor de schutting betaalde bedrag. Uit pragmatische overwegingen zal bepaald worden dat de consument de schutting zal laten afbreken (zoals ter zitting door de consument voorgesteld) en dat hij de vrijgekomen materialen aan de ondernemer ter beschikking zal stellen, een en ander zoals in de beslissing omschreven.

Wat de verlichting betreft overweegt de commissie dat uit het over en weer door partijen verklaarde blijkt dat zij bij de totstandkoming van de overeenkomst geen duidelijk beeld hebben gehad van het effect dat de geplande verlichting in de praktijk zou hebben en dat in deze aan de zijde van de consument kennelijk sprake is van een teleurgestelde verwachting, niet van een aan de ondernemer toe te rekenen tekortkoming. De consument zal dit probleem dus zelf moeten oplossen, hetgeen volgens de deskundige voor de verlichting op de schutting eenvoudig zal zijn bij het opnieuw opbouwen van de schutting.

De commissie volgt de deskundige wat betreft de kwaliteit van de aangelegde oprit die volgens de deskundige netjes en zonder onregelmatigheden, volgens de gebruikelijke normen is aangelegd.

Wat de beschadiging aan een bovenligger van de veranda betreft (die volgens de deskundige niet ernstig is en eenvoudig kan worden hersteld) kan de commissie geen beslissing nemen omdat de oorzaak daarvan niet is komen vast te staan.

Wat betreft de in de correspondentie tussen partijen aan de orde gestelde meer- en minderposten stelt de commissie vast dat overeenstemming bestaat over de minderposten servicebeurt (€ 259,23) en hoeveelheid gebroken puin (€ 91,46) en meerwerk (€ 192,87), per saldo € 157,82 dat aan de consument moet worden gerestitueerd. Met betrekking tot overige posten hebben partijen geen onderbouwing aangeleverd, zodat de commissie niet in staat is gesteld daarover te adviseren.

Daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

De overeenkomst van februari 2024 met betrekking tot de levering en plaatsing van een schutting voor de prijs van € 7.495,05 wordt ontbonden.

De ondernemer dient binnen 14 dagen na verzending van deze uitspraak aan de consument een bedrag te betalen van (€ 7.495,05 minus het depotbedrag van € 3.316,45 vermeerderd met € 157,82 is:) € 4.336,42, met creditering van de factuur voor de schutting ad € 7.495,05.

De consument wordt gedurende twee maanden na verzending van deze uitspraak in de gelegenheid gesteld de gehele schutting af te doen breken en hij dient de ondernemer gedurende één maand na de afbraak in de gelegenheid te stellen de vrijgekomen materialen van de schutting af te voeren.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Met inachtneming van het bovenstaande dient het gehele depotbedrag ad € 3.316,45 aan de consument te worden terugbetaald.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Groen, bestaande uit de heer mr. R.J. van Boven, voorzitter, de heer J. Pouwelse, mevrouw mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij, leden, op 26 januari 2026.

Opslaan als PDF