Permanente ontzegging toegang tot familiecamping wegens midraging consument

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Recreatie    Categorie: Overlast    Jaartal: 2019
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 119853

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil gaat over de (permanente) ontzegging van de toegang tot het park van de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar het schrijven van de rechtsbijstandsvertegenwoordiger van de consument d.d. 5 september 2018. De inhoud van dat schrijven dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd. In de kern komt het standpunt van de consument er op neer dat hem onterecht de toegang tot het park is ontzegd, dat er geen hoor/wederhoor is toegepast en dat de getroffen maatregel disproportioneel is.

De consument verzoekt de commissie te bepalen dat hij weer toegang krijgt tot het park.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar zijn schrijven van 30 oktober 2018. De inhoud van dat schrijven dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd. In de kern komt het standpunt van de ondernemer er op neer dat voor hem vaststaat dat klager [naam derde], die de bewuste avond optrad als zanger, heeft uitgescholden met de woorden ‘kankerkop’ en ‘homo’ en dat hij [naam derde] heeft bedreigd met de woorden ‘op de camping ben je veilig, maar buiten de camping ben je m’n man’. De grenzen van redelijk gedrag zijn volgens de ondernemer dermate overschreden, dat het toepassen van hoor/wederhoor geen enkele toegevoegde waarde zou hebben gehad. Gelet op het feit dat de consument met zijn gedrag de vakantiebeleving van velen, waaronder veel kinderen, negatief heeft beïnvloed en de beeldvorming over het park nog lange tijd na het incident heeft benadeeld, was een mindere sanctie dan de ontzegging van de toegang tot de camping niet aan de orde. Hij acht de getroffen maatregel dan ook proportioneel.

Juridisch kader

Huisregels van de ondernemer

Artikel 25: (…) Alle op de [camping naam] aanwezige gasten worden geacht op de hoogte te zijn van de geldende regels en zijn daar aan gebonden. De leiding is bevoegd diegene die deze regels niet naleeft, of op andere wijze de goede gang van zaken verstoort of verstoord heeft, van het park te verwijderen, respectievelijk de toegang tot het park te ontzeggen (…)

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De ondernemer heeft zijn beslissing om de consument permanent de toegang tot zijn park te ontzeggen, gebaseerd op artikel 25 van de Huisregels van het park.

Gelet op de stukken en het verhandelde ter zitting is voor de commissie genoegzaam vast komen te staan dat de consument de [naam derde] heeft bedreigd met de woorden ‘op de camping ben je veilig, maar buiten de camping ben je m’n man’. De commissie heeft daartoe overwogen dat de verklaring die [naam derde] daarover heeft afgelegd, wordt bevestigd door twee getuigen¬verklaringen. Eveneens is voor de commissie genoegzaam komen vast te staan dat de consument [naam derde] heeft uitgescholden met de woorden ‘kankerkop’ en ‘homo’. Die verklaring van [naam derde] vindt steun in de verklaringen van een groot aantal getuigen.

De consument stelt dat het principe van hoor/wederhoor is geschonden, aangezien de ondernemer hem niet in staat heeft gesteld om zijn kant van het verhaal te vertellen. Dat laatste wordt overigens niet ontkend door de ondernemer. De commissie is van oordeel dat de ondernemer er onder de gegeven omstandigheden vanaf mocht zien om de consument te horen alvorens hij tot de gewraakte beslissing kwam. De commissie maakt daarbij wel de kanttekening dat het vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid beter zou zijn geweest om de consument wel van te voren te horen, maar de commissie vermag niet in te zien dat de consument in zijn belangen is geschaad nu zulks niet is gebeurd.

Ten slotte heeft de consument gesteld dat de opgelegde maatregel niet in verhouding staat tot hetgeen heeft plaatsgevonden. Waar tal van sancties mogelijk zijn, te weten een waarschuwing, een voorwaardelijke ontzegging of een tijdelijke ontzegging, heeft de ondernemer gekozen voor de meest verstrekkende maatregel in de vorm van permanente verwijdering. Kortom, de consument acht de opgelegde maatregel disproportioneel.

De commissie volgt de consument niet in zijn standpunt dat de opgelegde maatregel disproportioneel is. Hierbij heeft de commissie een aantal factoren in ogenschouw genomen. Op de eerste plaats is het park van de ondernemer een familiecamping waar veel gezinnen recreëren. De dag waarop zich het onderhavige voorval afspeelde, was de jaarlijkse kindermiddag georganiseerd. Weliswaar is de consument niet aanwezig geweest tijdens die middag (hij arriveerde pas tegen de avond), maar tijdens het incident zat het terras vol met mensen, onder wie nog veel kinderen. Op de tweede plaats heeft de consument zich – door [naam derde] te bedreigen en uit te schelden – ernstig misdragen. In het licht van het voorgaande heeft de ondernemer bij afweging van alle belangen zich naar het oordeel van de commissie terecht op het standpunt gesteld dat permanente verwijdering van de consument van het park proportioneel was.

Gelet op hetgeen de commissie hiervoor heeft overwogen, zal de klacht ongegrond worden verklaard.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond, zodat het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Recreatie, bestaande uit
mr. H.A. van Gameren, voorzitter,
drs. P.C. Hoogeveen-de Klerk en P.W.M. Meijkamp, leden, op 12 december 2018.