Prijsplafond correct toegepast: consument krijgt geen aanvullende vergoeding

  • Home >>
  • Energie >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Energie Prijsplafond    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 912627/1131813

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De consument stelde dat hij op basis van het prijsplafond voor energie in 2023 recht had op een terugbetaling van € 1.314,10, omdat zijn berekening uitging van vaste plafondtarieven (€ 1,45/m³ gas en € 0,40/kWh stroom). De ondernemer verweerde zich met een beroep op de officiële Subsidieregeling, waarin staat dat de korting wordt berekend op basis van het verschil tussen het gewogen gemiddelde tarief en het prijsplafondtarief (€ 0,85735/m³ gas en € 0,24755/kWh stroom), met een maximum van 1.200 m³ gas en 2.900 kWh stroom. De Geschillencommissie Energie Prijsplafond oordeelde dat de ondernemer de regeling correct heeft toegepast en dat de consument de werking van het gewogen gemiddelde tarief verkeerd heeft geïnterpreteerd. De klacht werd ongegrond verklaard.

De volledige uitspraak

Samenvatting

De ondernemer heeft de prijsplafondregeling goed toegepast.

Standpunt van de consument

In 2023 is er door het kabinet een prijsplafond afgesproken met de energieleveranciers zoals u ongetwijfeld weet. Voor het verbruik van gas betekende dit dat het verbruik tot 1200 kub het tarief € 1,45 per kub gold en voor elektriciteit bedroeg het tarief tot een verbruik van 2900 kWh € 0,40. Voor het gebruik boven deze waarden gold het tarief dat afgesproken was met de energieleverancier. In de bijlage kunt u het verbruik zien dat wij tot 31 december 2023 hebben verbruikt maar voor december heb ik een schatting gemaakt omdat deze gegevens nog niet bekend zijn bij de netbeheerder. Dit verbaast mij wel enigszins omdat nu al bijna 3 maanden verder zijn. Op basis van de aangeleverde gegevens kom ik tot de volgende conclusie: Er heeft een betaling voor gas plaatsgevonden van € 2.438,14 Verrekening prijsplafond € 1.579,49, verschil
€ 858,65 Voor elektriciteit heeft er een betaling plaatsgevonden van € 1.481,81, verrekening prijsplafond
€ 1026,36, verschil € 455,45. Op basis van mijn berekening kom is tot de slotsom dat het totaal te verrekenen c.q. terug te betalen bedrag € 1.314,10 bedraagt.

Standpunt van de ondernemer

Hoe de prijsplafondkorting dient te worden berekend is vastgelegd in de “Subsidieregeling bekostiging plafond energietarieven kleinverbruikers” (hierna te noemen: “Subsidieregeling”). De Subsidieregeling schrijft voor dat de korting dient te worden bepaald op het verschil tussen het in 2023 gefactureerde gewogen gemiddelde tarief en het prijsplafondtarief. Het gewogen gemiddeld tarief is in de Subsidieregeling (artikel 3.2.) gedefinieerd als het gemiddelde contractuele leveringstarief in € per m³/kWh per kleinverbruikaansluiting, op basis van de leveringstarieven in € per m³ /kWh die in 2023 door de subsidieontvanger in rekening zijn gebracht aan de kleinverbruikaansluiting, gewogen naar de hoeveelheid gas en elektriciteit die in 2023 is geleverd aan deze kleinverbruikaansluiting. Het prijsplafondtarief is bepaald op € 0,85735 per m³ gas en op € 0,24755 per kWh stroom. De toepassing van de korting is beperkt tot een afname van maximaal 1.200 m³ gas en 2.900 kWh stroom. Bij de berekening van de prijsplafondkorting voor de heer Bisschop zijn tevens de bepalingen in artikel 2.4 en 2.5 van de Subsidieregeling in acht genomen: Artikel 2.4 (salderen): “Indien aan een kleinverbruikaansluiting in 2023 elektriciteit wordt ingevoegd op het elektriciteitsnet, vindt voor de toepassing van het volumeplafond bij het verstrekken van de eindfactuur de berekening van de hoeveelheid elektriciteit die in 2023 aan de kleinverbruikaansluiting is geleverd plaats met overeenkomstige toepassing van de wijze van berekening van het verbruik, bedoeld in artikel 31c, eerste of tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998.” Artikel 2.5 (verdeling volumeplafonds voor elektriciteit en gas over 2023): “Indien voor de levering van elektriciteit of gas een eindfactuur wordt verstrekt die betrekking heeft op een periode in 2023, bedraagt het deel van het volumeplafond over die periode de som van de van de in bijlage II opgenomen standaardvolumefracties per dag in 2023 voor elektriciteit of gas die van toepassing zijn op die periode.”

Oordeel van de commissie

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting onderschrijft de commissie het standpunt van de ondernemer. De ondernemer heeft het energieverbruik van de consument vastgesteld met juiste toepassing van de prijsplafondregeling. Kennelijk is het de consument ontgaan dat de regeling werkt met een gewogen gemiddeld tarief. De klacht treft geen doel.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie Prijsplafond, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, mevrouw mr. J.M. Hoekstra, leden, op 7 augustus 2025.

Opslaan als PDF