Schade valt niet te wijten aan kwaliteit van de geleverde steen.

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Bouw-en afbouwmaterialen    Categorie: Ondeugdelijke levering / (non-)conformiteit    Jaartal: 2014
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 85646

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 27 februari 2012 tussen partijen tot stand gekomen koop –overeenkomst ter gelegenheid waarvan de consument onder meer 11.16m2 Belgisch hardstenen vloertegels heeft gekocht voor € 1.102,97. De tegels zijn vervolgens door de consument zelf gelegd.
In maart 2013 constateert de consument gebreken. Hij neemt daarover contact op met de ondernemer, maar partijen kunnen uiteindelijk niet tot overeenstemming komen.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Nu de consument ter zitting niet is verschenen, wordt zijn standpunt weergegeven aan de hand van de beschikbare stukken.

De consument is zelf tegelzetter en heeft de vloer ook zelf gelegd. Bij het leggen heeft hij op diverse plaatsen haarscheuren gezien waaraan hij verder geen aandacht heeft besteed nu het een natuurproduct betrof en geen enkele steen dezelfde is. In maart 2013 bleek dat de scheurtjes steeds verder opentrokken en op veel plaatsen stukjes loskwamen. De consument is van mening dat geringe onvolkomenheden inherent zijn aan het product, maar dat hier duidelijk sprake is van schade en slechte kwaliteit van het product vanwege de vele haarscheuren waar stukjes steen uit loslaten.
Volgens de consument doet zich dit voornamelijk voor in de badkamer.
De consument heeft de kwestie bij zijn rechtsbijstand verzekeraar gemeld die een expertise rapport heeft doen opstellen. In dit rapport wordt het sterke vermoeden uitgesproken dat de tegels na het leggen te snel zijn geïmpregneerd waardoor teveel vocht werd opgesloten door de aangebrachte waterkerende laag. Het rapport spreekt over tenminste negen tot tien weken drogen alvorens het impregneermiddel aan te brengen. Volgens het rapport zijn de beschadigingen het gevolg van het opsluiten van teveel vocht in de tegels. De consument is het niet eens met deze conclusie en heeft er op gewezen contact te hebben opgenomen met de fabrikant van het gebruikte impregneermiddel.
De fabrikant zou hebben meegedeeld dat er inderdaad een probleem kan ontstaan indien de zogeheten vlekstop te snel wordt aangebracht, maar dat zich dat zal manifesteren door witte vlekken/kringen aan de oppervlakte, niet in het loslaten/open scheuren van de toplaag. De vlekstop dringt volgens de fabrikant, aldus de consument, in de hele tegel door die daardoor volledig wordt geïmpregneerd ten gevolge waarvan er geen vocht onder de toplaag komt.
De consument vermeldt nog dat hij een zelfde vloer had in zijn vorige woning, waar deze schade zich niet voordeed. Hij is van mening dat hem een ondeugdelijke kwaliteit is geleverd en vordert herlevering van deugdelijke tegels voor de badkamer.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

De ondernemer is van oordeel dat de consument als ervaren tegelzetter direct had moeten klagen toen hem de partij tegels werd geleverd en de consument de haarscheurtjes zag. Ongeveer een jaar na levering en leggen is immers niet meer vast te stellen in welke staat de tegels bij levering waren. Voorts beroept de ondernemer zich er op dat de tegels zijn verwerkt, waardoor hij klachten niet meer in behandeling hoeft te nemen. Tot slot verwijst de ondernemer naar het expertise rapport van de rechtsbijstand verzekeraar van de consument, waaruit zou blijken dat er met de tegels niets mis was.
De ondernemer is van oordeel een deugdelijk product te hebben geleverd en acht zich niet aansprakelijk.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voor zover thans van belang, het volgende vastgesteld.

Volgens de deskundige vertoont Belgisch hardsteen normaal breuklijntjes die bij levering ook te zien zijn. Bij de geleverde steen mag verdamping van vocht niet worden belemmerd. Het afbrokkelen, met name in de badkamer, wordt volgens de deskundige waarschijnlijk veroorzaakt doordat er vocht onder de tegels komt dat slechts langzaam door de steen kan verdampen. Er ontstaat dan damptransport waarbij de verdamping niet onmogelijk is maar wel wordt belemmerd door de aangebrachte vlekstop ten gevolge waarvan een stukje toplaag plaatselijk afbladdert.
Volgens de deskundige kan dit op eenvoudige wijze plaatselijk worden gerepareerd met reparatiemortel.
Volgens de deskundige is de schade derhalve niet te wijten aan de kwaliteit van de steen maar door het hinderen van de verdamping.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument heeft schriftelijk aangegeven het niet eens te zijn met de conclusie van de deskundige.
In zijn brief van 26 juni 2014 voert hij aan dat hij inmiddels een tegel heeft verwijderd . Hem bleek dat daaronder geen vocht zat en de vloer droog was. Hij geeft aan dat er dus geen sprake zou zijn van opgesloten vocht.
De ondernemer heeft ter zitting verklaard dat na 1 jaar de ondergrond altijd normaal gesproken droog zal zijn en het door de consument genoemde feit derhalve niet betekent dat er niet eerder vocht opgesloten is geweest.
De commissie stelt vast dat inmiddels twee deskundigen hebben geoordeeld dat de schade niet valt te wijten aan de kwaliteit van de geleverde steen. Een deskundige vermoedt dat de tegels na het leggen te snel zijn geïmpregneerd waardoor vocht werd opgesloten, de andere deskundige oordeelt dat de schade waarschijnlijk wordt veroorzaakt doordat er vocht onder de tegels kan komen dat slechts langzaam zal verdampen.
De commissie laat de precieze oorzaak in het midden nu in ieder geval beide deskundigen verklaren dat het geleverde materiaal goed was, hetgeen derhalve betekent dat de ondernemer een deugdelijk product heeft geleverd en hem geen blaam treft, temeer niet nu hij de deugdelijk geleverde tegels niet zelf heeft verwerkt.
Nu niet is gebleken dat de ondernemer een verwijt valt te maken, verklaart de commissie de klacht ongegrond.

Beslissing

De commissie wijst af het door de consument gevorderde.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Bouw- en Afbouwmaterialen op 4 juli 2014.