Terugleverkosten terecht berekend: klacht consument ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Jaarafrekening    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1102707/1145080

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde dat terugleverkosten op de jaarafrekening van 26 maart 2024 t/m 25 maart 2025 onterecht waren berekend op basis van het volledige jaarverbruik, terwijl deze kosten pas vanaf 1 juli 2024 golden. Ook vond hij dat er geen kosten zouden mogen worden gerekend als het verbruik hoger is dan de teruglevering. De Geschillencommissie Energie oordeelde dat de toepassing van een jaarlijkse staffel voor terugleverkosten gerechtvaardigd is en dat het verbruik geen invloed heeft op de verschuldigde terugleverkosten. De commissie achtte de kosten niet onredelijk en verklaarde de klacht ongegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting

Consument klaagt dat in de jaarafrekening van 26/3/2024 t/m 25/3/2025 terugleverkosten in rekening zijn gebracht, weliswaar vanaf 1/7/2024, maar gebaseerd op teruglevering in de hele jaarperiode daaraan voorafgaand; Ook dat hij van mening is dat wanneer het verbruik hoger is dan hetgeen wordt teruggeleverd, helemaal geen kosten zouden moeten worden berekend.

Beoordeling

Waar de consument klaagt dat in de jaarafrekening de terugleverkosten weliswaar zijn opgenomen vanaf 1/7/2024, maar op basis van de eindstand van de jaarafrekening 2023-2024 in plaats van op grond van feitelijk verbruik na 1/7/2024, acht de commissie deze klacht ongegrond.

Uit de productvoorwaarden blijkt dat voor de berekening van de terugleverkosten een staffel wordt toegepast op teruglevering per jaar, om zo een tarief aan dagkosten te kunnen bepalen. De feitelijke teruglevering van consument bedroeg 2018 kWh in 2024-2025, derhalve vallend in de staffel 2001-2250 kWh per jaar. Dit is ook nogmaals zo verwoord in het verweer van ondernemer.

Toepassing van de staffel op grond van teruglevering in slechts een deel van het jaar, schiet naar de aard het doel van een staffel op grond van teruglevering cq risico netcongestie voorbij.

Waar de consument klaagt dat hij helemaal niets zou moeten betalen omdat hij meer verbruikt dan teruglevert, is de consument abuis en acht de commissie de klacht ongegrond.

De commissie stelt meer in het algemeen vast dat ondernemers met ingang van 1/7/2024 terugleverkosten in rekening mogen brengen, mits deze niet onredelijk zijn, aldus de ACM.
De commissie acht de terugleverkosten die aan consument in rekening gebracht zijn, niet onredelijk.

De commissie had dat nog graag mondeling meegegeven ter zitting, maar de consument meldde zich digitaal pas om 16:00 uur, toen de volgende zitting begon.
De commissie heeft toen alleen nog aangegeven de zaak op stukken te kunnen en zullen afdoen.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie wijst het verzochte af.
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. E.M.T. van Ruitenbeek, voorzitter, mevrouw mr. W.H. van Oorspronk, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 16 juli 2025.

Opslaan als PDF