Vergoeding ter hoogte van herstel

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Klussenbedrijven    Categorie: Schadevergoeding    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: KLU01-0004

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op of omstreeks 18 november 1998 tussen partijen totstandgekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het uitbouwen van een hal met bijlevering van de benodigde materialen tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van ƒ 7.985. Het werk is op 24 juni 1999 opgeleverd. De consument heeft een bedrag van ƒ 60 niet betaald en bij de commissie gedeponeerd. De consument heeft in mei 2000 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.   Standpunt van de consument   Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.   De door de ondernemer aangebrachte lichtkoepel bevat condens. Dat mag niet, omdat de koepel een dubbele wand heeft. De voegen tussen de tegels laten los. Waarschijnlijk is er geen rekening gehouden met de vloerverwarming. Er bevinden zich ook haarscheurtjes in de voegen. De ondernemer heeft beloofd om langs te komen, maar hij is nooit geweest. Het door ons ingehouden bedrag ad ƒ 60,– heeft betrekking op een door de ondernemer geplaatste ruit in een tussendeur die niet bij de andere ruiten in de deur past. Ik zou voor een passende andere ruit zorgen.   De consument verlangt een zo spoedig mogelijk herstel van de gebreken.   Standpunt van de ondernemer   Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.   Kort nadat wij de plavuizen hadden gelegd is er volgens mij overheen gelopen. De volgende dag moesten wij 3 plavuizen loshalen en vervangen. Tevens is naar mijn mening de vloerverwarming te snel aangezet of te hoog gezet. Hierdoor zijn de specie en de lijm te snel opgedroogd. Vloerverwarming mag pas 5 à 6 weken na het aanbrengen van de vloer worden aangezet. Volgens onze leverancier van de lichtkoepel is het ontstaan van enig condens in de koepel een normaal verschijnsel.   Deskundigenrapport   De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.   De oorzaak van de condens in de lichtkoepel ligt in het feit dat men de bevestigingsschroeven te vast heeft aangedraaid. Hierdoor is een barstje in het bovenglas ontstaan. Via dit barstje komen vuil en vocht aan de binnenzijde van het glas terecht. De koepel moet worden vervangen, waarbij bij de montage goed op de gebruiksaanwijzing moet worden gelet. De schroeven mogen slechts “los-vast” worden aangedraaid. De vloer is enigszins verzakt, met name aan de kant van de schuur. Dit komt doordat de ondergrond niet is verstevigd, noch getrild en bewaterd. Er is ook gen fundering aangebracht. Het flinke gewicht van de vloer met daarop nog een zware kast hebben de vloer doen verzakken, waarbij de voegen in de aansluiting van de vloer tegen het deur- en raamkozijn stuk zijn gegaan. De vloerverwarming heeft mijns inziens geen invloed gehad, daar de vloertegels allemaal goed verlijmd en afgevoegd waren. De vloer zal nu, na twee jaar, niet verder verzakken. Daarom kan worden volstaan met verwijdering van de plinten en afwerking van de kier tussen vloer en muur met een reparatiemortel. Na droging kan dit deel van de muur worden afgewerkt in de bestaande kleur en de plint weer gemonteerd. De voegen rondom de vloer die gebarsten zijn, aansluitend aan kozijnen en muren, vooral die bij het voordeurkozijn, moeten worden uitgekrabd en opnieuw gevuld met een mortel in de kleur van de bestaande voegen. De totale kosten zijn ƒ 435 aan materiaal en zes uur arbeid. De haarscheurtjes zijn niet ernstig.   Beoordeling van het geschil   De commissie heeft het volgende overwogen.   Uit het deskundigenrapport blijkt dat de argumenten van de ondernemer geen hout snijden. Er is sprake van onvoldoende deugdelijk werk wat de vloer betreft en er is een fout gemaakt bij de montage van de lichtkoepel. De consument heeft ter zitting laten blijken geen enkel vertrouwen meer in de ondernemer te hebben, omdat hij niet adequaat op de klachten van de consument heeft gereageerd. De commissie kan de consument hierin volgen en zal hem derhalve een schadevergoeding ten laste van de ondernemer toekennen, overeenkomstig de door de deskundige begrote kosten van herstel, waarbij voor de arbeidskosten wordt uitgegaan van een uurloon van ƒ 71,40 inclusief BTW. De commissie acht het niet nodig een aparte vergoeding vast te stellen voor de haarscheurtjes, nu de deskundige deze als niet ernstig heeft gekwalificeerd. De ondernemer heeft het gestelde van de consument met betrekking tot de ruit in de tussendeur niet betwist, zodat het depotbedrag ad ƒ 60,– aan de consument moet worden terugbetaald.   Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.   Derhalve wordt als volgt beslist.   Beslissing   De ondernemer betaalt aan de consument een vergoeding van ƒ 863,40 ( te weten ƒ 428,40 arbeidsloon + ƒ 435,– materiaalkosten). Betaling dient plaats te vinden binnen een maand na de verzenddatum van dit bindend advies. Indien betaling niet tijdig plaatsvindt, betaalt de ondernemer bovendien de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de verzenddatum van het bindend advies.   De commissie wijst het meer of anders verlangde af.   Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van ƒ 100,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.   Het depotbedrag ad ƒ 60,– wordt aan de consument gerestitueerd.   Aldus beslist door de Geschillencommissie Klussenbedrijven op 12 september 2001.