Commissie: Post
Categorie: (On)Zorgvuldig handelen
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
347139/420403
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument verzond op 10 januari 2024 een MacBook ter waarde van € 2.058,99 via PostNL, aangetekend en verzekerd. Het pakket raakte vermist en PostNL keerde € 519,50 uit, inclusief verzendkosten. De consument vond dit bedrag te laag en vroeg om een hogere schadevergoeding. De commissie oordeelde dat de vergoeding correct was, omdat het pakket slechts tot € 500 verzekerd was. Er was geen bewijs voor diefstal en de consument had zich onvoldoende verdiept in de verzekeringsvoorwaarden. De klacht is daarom ongegrond.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft vergoeding van een verzekerd verzonden, vermist postpakket.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 10.01.2024 hebben wij een pakketje via PostNL aangetekend en verzekerd verzonden. Dit is een nieuw APPLE MacBook Air 15″ t.w.v. € 2.058,99 gekocht op 08.01.2024. PostNL heeft mij maandenlang aan een lijntje gehouden, en uiteindelijk kwam als antwoord het pakket is vermist. Op 6 maart kwam een e-mail, dat ze maar een vergoeding van 519,50 gaan terugbetalen.
Ik heb een schadevergoeding aangevraagd bij Post NL op 26.02.2024 (MacBook: 2.058,99 EUR
Verzendkosten: 24, 50 EUR Schadevergoeding: 200 EUR. Tot op heden is maar 519,50 EUR uitbetaald door Post NL.
Het voorstel om de klacht op te lossen is om de schadevergoeding te verdubbelen, gezien dit heel veel stress en ellende heeft opgeleverd.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Mevrouw [naam] heeft op 10 januari jl. een Aangetekend pakket verstuurd naar een geadresseerde in Duitsland. In het pakket zou een nieuwe Apple MacBook Air 15 zitten ter waarde van € 2058,99,-. Na de laatste scan in het depot [plaatsnaam] is het pakket niet meer traceerbaar.
Conform de productvoorwaarden op het moment van verzending is een schadevergoeding uitgekeerd. Mevrouw [naam] had het pakket aangetekend verzonden met een verzekerde waarde tot € 500,-, zoals vermeld op het verzendbewijs. Dit bedrag, samen met de verzendkosten van € 19,50, is op 6 maart jl. aan haar uitgekeerd.
Los van het bovenstaande is PostNL is van oordeel dat de commissie onbevoegd is dit geschil te behandelen. Mevrouw [naam] kan in dit geschil niet als consument worden aangemerkt omdat zij bij het verzenden van het pakket niet als contractant gebruik heeft gemaakt van de diensten van PostNL Mevrouw [naam] was immers ontvanger van het pakket. Op bijlage 4 is te zien dat het pakket aan [naam] geadresseerd was en dat [naam] de afzender was. De consument kan mevrouw [naam] machtigen om namens haar een klacht in te dienen middels het machtigingsformulier.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De ondernemer heeft in eerste instantie geconcludeerd dat de commissie onbevoegd is deze zaak inhoudelijk te beoordelen nu mevrouw [naam] niet aangemerkt kan worden als consument zoals bedoeld in het reglement van de Geschillencommissie. Enerzijds was al wel duidelijk dat bij het invullen van het formulier misschien de namen van de twee zussen (de een afzender en de ander ontvanger) niet gelukkig terechtgekomen konden zijn. Anderzijds is inmiddels voorzien in een machtiging. De ondernemer heeft aangegeven niet meer te blijven bij het onbevoegdheidsverweer. De commissie acht zich in ieder geval bevoegd.
De klacht wordt niet gegrond geacht en het aanbod dat gedaan is, is voldoende. Het betrof immers de verzekerde som die was opgegeven. Een verdergaande aansprakelijkheid komt de ondernemer niet toe. Op de zitting is er nog op ingegaan dat sprake zou zijn van diefstal en dat de tussentijdse wijziging van de barcode dat zou aangeven. De ondernemer heeft echter overtuigend aangegeven dat een dergelijke hercodering een onschuldige aanleiding kan hebben en dat dit in het proces van verzending vaker voorkomt. De consument heeft het over een geplande diefstal gehad maar daarvoor zijn geen bewijzen en ook te weinig aanwijzingen. In het complexe en massale proces van pakketverzending van de ondernemer kan het voorkomen dat een pakket verloren raakt. Daarvoor is de mogelijkheid tot verzekering maar dat is aan een maximum gebonden. De consument heeft nog aangevoerd dat bij de verzending niet is aangegeven dat er een maximum aan verbonden was maar zij heeft zich verder ook niet verdiept in de betreffende mogelijkheden. Daartoe bestond de mogelijkheid via folders en de website. Of en hoe bij de verzending mededelingen zijn gedaan – voor zover dat al tot een ander oordeel kan leiden – is voor de commissie niet controleerbaar.
De commissie komt tot de slotsom dat de aangeboden en betaalde vergoeding correct is
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Post, bestaande uit de heer mr. J.M.J. Godrie, voorzitter, de heer A. Verkaik, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 5 februari 2025.