Voorspelde bijzondere weersomstandigheden op de plaats van bestemming geen reden tot restitutie

  • Home >>
  • Reizen >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Reizen    Categorie: Annulering    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 677568/814089

De uitspraak:

Waar gaat het over?

De consument annuleerde een vijfdaagse reis naar het Operafestival Verona vanwege voorspelde extreme weersomstandigheden (36 graden en 82% luchtvochtigheid) en gezondheidsrisico’s voor bejaarde ouderen. De consument eist terugbetaling van de reissom van €3.252,–, verwijzend naar de EU richtlijn pakketreizen 2015/2302.
De ondernemer stelt dat de consument geen annuleringsverzekering had en dat de annulering op basis van weersvoorspellingen geen recht geeft op restitutie. De ondernemer meent dat medische gronden voor restitutie bij een verzekeraar moeten worden ingediend en ziet geen reden om op de zitting te verschijnen.
\De commissie oordeelt dat de consument de reis één dag voor vertrek heeft geannuleerd en volgens de SRC-voorwaarden 100% van de reissom verschuldigd is. De voorspelde weersomstandigheden (code geel, 36 graden, 82% luchtvochtigheid) vormen geen onvermijdbare en buitengewone omstandigheden zoals vereist voor kosteloze annulering. De lichamelijke gesteldheid van de consument en diens echtgenote zijn persoonlijke omstandigheden die niet onder de zorgplicht van de ondernemer vallen. De klacht van de consument wordt ongegrond verklaard en de eis tot terugbetaling van de reissom afgewezen.

Volledige uitspraak:

Behandeling van het geschil
De zaak is behandeld op 5 februari 2025 te Utrecht. De consument is op de zitting verschenen. De ondernemer is niet op de zitting verschenen.

Onderwerp van het geschil
Dit geschil vloeit voort uit de omstreeks 8 mei 2024 gesloten overeenkomst, waarbij de ondernemer zich heeft verbonden om een vijfdaagse reis voor twee personen naar het Operafestival Verona (Italië) te verzorgen met vertrekdatum 15 augustus 2024 tegen een prijs van € 3.252,–.

 
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. Dat standpunt komt in de kern op het volgende neer.
Zoals sinds 23 augustus 2024 bij de ondernemer is gemeld, zou de normaal te verwachten gemiddelde temperatuur op de bestemming zo’n 29 graden zijn, maar in aanloop naar de vertrekdatum werd een lokale temperatuur voorspeld van 36 graden en een luchtvochtigheid van 82%. Er werd code geel gegeven, wat volgens het KNMI voor bejaarde ouderen (hier beiden rond de 80 jaar) een potentieel gezondheidsrisico inhoudt. Gevraagd naar hun zorgplicht voor onze positie als risico-personen, antwoordde de ondernemer dat de lokale gids ervaring had in dit soort situaties en bij de dagelijkse stadswandelingen met de reizigers wel in de schaduw zou gaan lopen. Toen de weersvooruitzichten niet verbeterden, hebben we wegens de tekortschietende zorgtaak van de ondernemer en het gezondheidsrisico besloten om de reis op 14 augustus 2024 te annuleren. Dit mede op grond van EU richtlijn pakketreizen 2015/2302 waarin weersomstandigheden een valide reden blijken te zijn om een reis te annuleren, maar de ondernemer restitueert niets.

De consument eist terugbetaling van de betaalde reissom van € 3.252,–.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. Dit standpunt komt in de kern op het volgende neer.

De consument boekte een reis zonder annuleringsverzekering en annuleerde die later onder verwijzing naar een weersvoorspelling. De consument meent op medische gronden recht te hebben op restitutie van zijn reissom. Als die gronden überhaupt al bestaan, dienen deze voorgelegd te worden aan een eventuele verzekeraar.

De inhoud en, ons inziens, eenvoud van de casus maakt dat wij, tenzij er zich nieuwe feiten aandienen, ook niet bij een eventuele zitting zullen verschijnen. Wij verzoeken u dit vooral niet te interpreteren als desinteresse of minachting voor de commissie.

Beoordeling van het geschil

De commissie overweegt als volgt.

De consument eist terugbetaling van de betaalde reissom van € 3.252,– en zegt daaraan ten grondslag te leggen EU richtlijn pakketreizen 2015/2302.

Ter uitvoering van die richtlijn is onder meer artikel 7:509 Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) vastgesteld. Op grond van artikel 7:509 lid 1 BW heeft de consument de pakketreis vóór het begin ervan mogen beëindigen, maar kan de consument dan wel worden verplicht tot betaling van een passende en gerechtvaardigde beëindigingsvergoeding. Op basis van artikel 7:509 lid 2 BW zijn daarvoor redelijke gestandaardiseerde beëindigingsvergoedingen bepaald in de hier toepasselijke SRC-voorwaarden. Ingevolge die SRC-voorwaarden is de boeker bij annulering vanaf de 7e kalenderdag tot de vertrekdag 100% van de reissom verschuldigd. Nu de consument in dit geval één dag voor vertrek heeft geannuleerd, is de consument in beginsel de volledige reissom verschuldigd.

De consument beroept zich evenwel op voorspelde bijzondere weersomstandigheden op de plaats van bestemming en meent daarom te hebben mogen annuleren zonder een beëindigingsvergoeding te hoeven betalen. Hiermee beroept de consument zich feitelijk op de uitzonderingssituatie van artikel 7:509 lid 3 BW. Dat geeft een reiziger inderdaad het recht om de pakketreisovereenkomst zonder betaling van een beëindigingsvergoeding te beëindigen als zich op of in de onmiddellijke omgeving van de plaats van bestemming onvermijdbare en buitengewone omstandigheden voordoen die aanzienlijke gevolgen hebben voor de uitvoering van de pakketreis of voor het personenvervoer naar de bestemming. Zoals de consument terecht aangeeft kunnen de weersomstandigheden op de plaats van bestemming hiervoor relevant zijn en veilig reizen naar de overeengekomen bestemming onmogelijk maken, maar de door consument hiervoor ingeroepen (combinatie van) KNMI-code geel, een temperatuur van 36 graden en een luchtvochtigheid van 82% leveren in dit geval niet de onvermijdbare en buitengewone omstandigheden op zoals hiervoor vereist. In en rond Verona is een voorspelde (middag)temperatuur van 36 graden en luchtvochtigheid van 82% in augustus iets hoger dan gemiddeld mocht worden verwacht, maar niet echt uitzonderlijk. Met code geel geeft het KNMI slechts aan dat er kans is op gevaarlijk weer en dat alertheid geboden is, maar niet dat het weer gevaarlijk of extreem is en het is zeker niet hetzelfde als een negatief reisadvies. De consument wijst op twee op 16 augustus 2024 gedateerde schriftelijke verklaringen dat keuringsarts [naam] voor zowel de consument als diens echtgenote vanwege:

“(…) de leeftijd, de medische voorgeschiedenis en de huidige lichamelijke conditie (…) het risico te groot [commissie: acht] op fysieke onoverkomelijke calamiteiten.”

Op grond hiervan kan echter niet worden geoordeeld dat rond 15 augustus 2024 in en rond Verona sprake was van onvermijdbare en buitengewone omstandigheden zoals bedoeld in artikel 7:509 lid 3 BW. De lichamelijke gesteldheid van de consument en diens echtgenote zijn bovendien omstandigheden die persoonlijk van aard zijn en in de relatie tussen partijen in hun eigen risicosfeer liggen. Voor zover de consument inroept dat de ondernemer een zorgplicht heeft geschonden, is niet gebleken van de daarvoor benodigde bijkomende bijzondere omstandigheden en gaat dit beroep reeds hierom niet op.

Alles bij elkaar concludeert de commissie dat de klacht van de consument ongegrond is. De eis van de consument is niet toewijsbaar. Wat de consument verder nog aanvoert, bevat geen feiten die de commissie anders kunnen doen beslissen. De commissie beslist nu als volgt.

Beslissing

De commissie wijst het door de consument verlangde af.

Opslaan als PDF