Geen ontbinding van koop nieuwe Volvo na opgeloste klachten

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: Bewijs / Ontbinding    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1316572/1322682

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kreeg kort na de aankoop van een nieuwe Volvo problemen met het opladen van de auto en ervaarde daarnaast storingen aan het audiosysteem. Het laadprobleem werd uiteindelijk opgelost met hulp van een bekende van de consument, maar de oorzaak daarvan werd niet bekendgemaakt aan de ondernemer of de commissie. Ook kreeg de ondernemer geen kans om verder onderzoek te doen. Het probleem met het geluid leek inmiddels door een software-update te zijn verholpen. De commissie oordeelde dat niet is bewezen dat sprake was van een blijvend gebrek of dat de ondernemer tekort is geschoten in het herstel. Daarom bestaat geen recht op ontbinding van de koopovereenkomst en wordt de klacht afgewezen.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 23 juli 2025 tussen de consument en de ondernemer tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een nieuwe auto van het merk Volvo, type EX 40, tegen een door de consument te betalen prijs van € 43.200, -.

De overeenkomst is op 25 juli 2025 uitgevoerd.

De consument heeft de klacht op 16 september 2025 voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Eind augustus 2025 kreeg de consument te maken met problemen met het laden van zijn nieuwe auto. Het laden stopte telkens na twee procent. De ondernemer onderzocht het euvel, maar het euvel bleef bestaan. De consument kon wekenlang geen gebruik maken van de auto. Uiteindelijk werd het euvel verholpen door een met de consument bevriende ICT’er. De ICT’er wil niet zeggen op welke wijze hij het probleem heeft opgelost. Hij is van mening dat een miljardenbedrijf als Volvo het zelf had moeten kunnen oplossen. Het is nu een principekwestie geworden. De consument verlangt geen betaling meer voor de werkzaamheden van de ICT’er.

De audio-installatie maakt soms een afgrijselijk geluid. De consument heeft dat geluid opgenomen en op een USB-stick gezet en aan het dossier toegevoegd.

De consument is door alles het vertrouwen in de auto en in de ondernemer verloren en verlangt dat de koopovereenkomst wordt ontbonden, nadat een door hem gedaan schikkingsvoorstel om als compensatie, de voorstoelen en achterbank van lederen bekleding te voorzien, door de ondernemer werd afgewezen.

Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.

De consument kreeg het gevoel dat hij niet serieus werd genomen. Men keek naar het tijdschema maar het euvel bleef bestaan. Men keek niet in de app. Het euvel was niet gelegen in de instelling van het tijdschema voor het laden. Soms kon de consument wel de hele dag laden.

Het betreft een nieuwe, dure auto waarvan de consument het nodige mag verwachten. Het geluid van de radio is soms heel slecht. Er is een nieuwe software. Dit is echter niet de voornaamste klacht van de consument. Wel draagt ook deze klacht bij aan het gebrek van trouwen vertrouwen in de auto en aan de geschonden verwachtingen.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 15 september 2025 bezocht de consument de garage van de ondernemer met de klacht dat hij zijn auto niet kon opladen. Bij deze gelegenheid is een pin van de laadstekker bijgebogen en zijn andere werkzaamheden verricht om de laadstoring te verhelpen. Hierna was het probleem verholpen. Na dit bezoek bleek dat de auto na twee minuten stopte met laden en het systeem de melding gaf: “we konden het schema niet hervatten.” Dit heeft ermee te maken dat er in de auto of in de Volvo app een laadschema is ingesteld. Op de door de consument ingestuurde screenprints is te zien dat deze planning aan staat en tussen welke tijdstippen de auto kan laden. Op die screenshots is ook te zien dat deze zijn genomen op een tijdstip buiten het ingestelde tijdstip waarop kan worden geladen. Om die reden geeft het systeem de betreffende melding. Aan de consument is gevraagd de laadplanning uit te zetten, maar daarop kwam geen reactie.

Kort daarna verzocht de consument de ondernemer aan hem een bedrag te betalen van € 5.000, – voor de door de ICT’er gemaakte kosten om het probleem te verhelpen. De ondernemer vroeg om een specificatie van dit – grote – bedrag, maar die kon de consument niet geven. Voor zover de ondernemer het kon beoordelen was simpelweg het uitschakelen van de laadplanning de oplossing. Indien dit niet de oplossing was had de ondernemer graag een en ander zelf willen beoordelen, maar is hij daartoe niet in staat gesteld door de consument.

Naar aanleiding van de door de consument ingestuurde USB-sticks merkt de ondernemer dat daarop een vervorming van het geluid duidelijk is te horen. Dit is een bekend issue van auto’s die zijn uitgerust met het Google-infotainmentsysteem. Dit is eenvoudig op te lossen door de resetknop in te houden, zodat het systeem opnieuw opstart.

Na 15 september 2025 is de auto door de ondernemer niet meer gezien.

Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.

Het vreemde geluid is een softwareprobleem. De ondernemer kan niet de garantie geven dat het zich niet meer voor zal doen.

Na de klacht over het laden heeft de ondernemer een laadpin bijgebogen. Er was ook een laadschema ingesteld, daarbuiten laadde de auto niet op. De app is niet gewijzigd. Het was puur de instelling. Het probleem is kennelijk buiten de ondernemer om opgelost. Wat en hoe dat is gebeurd weet de ondernemer niet.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In dit geschil klaagt de consument over met name een laadprobleem en in mindere mate over een geluidsprobleem van zijn bij de ondernemer nieuw gekochte auto. De consument geeft aan het laadprobleem zelf met een specialist te hebben verholpen en geeft aan dat het geluidsprobleem lijkt te zijn opgelost met de nieuwe software.

Als gevolg van deze klachten is de consument het vertrouwen in de auto verloren en verlangt hij dat de koopovereenkomst wordt ontbonden en hij de koopprijs terugontvangt.

De ondernemer voert verweer.

De commissie volgt het standpunt van de ondernemer.

Niet dan wel onvoldoende weersproken staat vast dat kort na de aflevering van de auto een laadprobleem optrad en de ondernemer de kwestie heeft onderzocht en een kleine ingreep aan een laadpin heeft verricht. Hierna bleek dat het laadprobleem niet was verholpen en dat de auto na twee minuten ophield met laden.

Dit probleem is naar zeggen van de consument door hem zelf met hulp van een ICT-specialist verholpen. Het zou niet te maken hebben gehad met de laadinstelling maar met iets anders, waarover de consument verder niet heeft uitgeweid. Nu dus niet duidelijk is geworden wat de oorzaak van het niet kunnen laden is geweest, is het voor de commissie niet mogelijk daarover een oordeel te vellen. Het is immers niet gebleken dat de ondernemer op enigerlei wijze tekortgeschoten is. Evenmin heeft de consument de auto voor een nader onderzoek bij de ondernemer aangeboden.

Het geluidprobleem lijkt volgens de consument opgelost te zijn.

Onder deze omstandigheden is er geen sprake van een gebrek noch van verzuim aan de kant van de ondernemer om te voldoen aan zijn uit de koopovereenkomst voortvloeiende verplichtingen en bestaat er geen rechtens relevante aanspraak van de consument op de ontbinding van de koopovereenkomst.

Voor zover de consument nog een beroep doet op nieuwe klachten geldt dat deze in deze procedure niet aan de orde kunnen komen omdat daartoe een nader onderzoek noodzakelijk is, hetgeen in dit stadium niet – meer – mogelijk is. Desgewenst kan de consument na de klacht onder de aandacht van de ondernemer te hebben gebracht, een nieuwe klacht bij de commissie aanhangig maken.

Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument ongegrond.

Derhalve wordt beslist als volgt.

Beslissing

De commissie wijst het door de consument verlangde af.

Aldus vastgelegd en beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, B.H. Oving en H.H. van der Linden, leden, op 21 april 2026.

Opslaan als PDF