Commissie: Water
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
1320669/1328030
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De commissie oordeelt dat de klacht van de consument gegrond is. Hoewel de ondernemer een drinkwateraansluiting heeft aangelegd, voldoet deze niet aan wat een consument in een nieuwbouwwoning mag verwachten. De leidingen zijn niet volledig vervangen, er is sprake van een versmalling waardoor de waterdruk te laag is en de consument niet overal normaal water kan gebruiken. Ook is de bouwwateraansluiting nooit gerealiseerd. Daarnaast heeft de ondernemer afspraken niet kunnen verifiëren omdat betrokken medewerkers langdurig afwezig waren, wat voor risico van de ondernemer komt. De commissie bepaalt dat de ondernemer de definitieve huisaansluiting alsnog kosteloos moet realiseren, binnen twee jaar na deze uitspraak. Van de openstaande factuur van € 2.180,- wordt 50% (€ 1.090,-) aan de ondernemer toegekend en 50% (€ 1.090,-) teruggestort aan de consument. De gevraagde schadevergoeding wordt afgewezen, maar de consument ontvangt wel € 27,50 aan klachtengeld.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument heeft met de ondernemer een contract afgesloten voor het realiseren van een drinkwateraansluiting en het aanbrengen van een bouwwaterput. De kosten hiervoor zijn overeengekomen en bedragen € 2.180,-. Dit bedrag heeft de consument niet betaald en is in depot gestort in afwachting van de uitspraak van de Geschillencommissie Water. De consument vordert verder een schadevergoeding (onderbouwd) van € 3.450,-. De standpunten van partijen zijn hieronder samengevat. De consument stelt zich op het stand punt dat: [ondernemer] heeft in strijd met haar zorgplicht gehandeld door de overeenkomst tot het realiseren van een bouwwateraansluiting en een definitieve huisaansluiting (aanvraagnummer. 1002601872 en 1002719507) niet, niet tijdig en niet conform afspraak na te komen.
De bouwwaterput is nimmer aangesloten en de huisaansluiting is niet gerealiseerd. In plaats daarvan is een tijdelijke, technisch ondeugdelijke aansluiting aangebracht, hetgeen in strijd is met redelijkheid en billijkheid en heeft geleid tot schade De consument verzoekt de commissie te bepalen dat [ondernemer] alsnog de definitieve huisaansluiting (aanvraagnummer 1002719507) realiseert conform Pagina 2 van 3 Zaaknummer: 1320669 de oorspronkelijke overeenkomst en specificaties, zonder hiervoor kosten in rekening te brengen. Subsidiair verzoekt de consument [ondernemer] te veroordelen tot vergoeding van de door hem geleden en onderbouwde schade ten bedrage van € 3.450,-.
Een dergelijke beslissing leidt tot een redelijke en finale beslechting van het geschil De reactie van de ondernemer komt samengevat neer op: De aansluiting is gerealiseerd “zoals overeengekomen”. De wijze van aansluiten is echter niet aan de aanvrager, maar aan [ondernemer]. Hierbij worden interne voorschriften gebruikt, maar [ondernemer] heeft het recht om hier om moverende redenen van af te wijken. Helaas kunnen wij het onze collega thans niet vragen, maar uit het relaas van de consument valt op te maken dat hierbij onder andere de tijdsdruk, mede door de consument opgelegd, een reden was.
De aansluiting zoals deze thans is aangelegd, voldoet echter wel aan alle wettelijke voorschriften, zoals de wettelijke minimale druk. Tot slot vordert de consument een schadevergoeding. Hiervoor ontbreekt echter een rechtsgrond. Er is geen sprake van enig onrechtmatig handelen van [ondernemer]. Bovendien brengt bouwen en verbouwen nu eenmaal veel ‘gedoe’ met zich mee. Dat hieraan tijd en energie moet worden besteed hoort er nu eenmaal bij. De consument heeft tot slot geen materiële schade geleden, dan wel deze niet of onvolledig aangetoond of onderbouwd. Gelet op al het hierboven gestelde, verzoeken wij U de klacht van de consument ongegrond te verklaren. Mocht de Geschillencommissie niettemin besluiten dat de aansluiting toch moet worden gewijzigd, dan dient hierbij wel rekening te worden 9 maanden wachttijd gezien de drukte en mogelijk inmiddels nog langer.
Beoordeling
Vaststaat dat er een overeenkomst is gesloten tussen de consument en de ondernemer. De drinkwateraansluiting is weliswaar tot stand gekomen, maar voldoet niet aan de verwachtingen zoals een consument dat van een nieuwe woning anno 2025 kan verwachten. Het blijkt dat de koperen leidingen niet geheel zijn vervangen en dat de leidingen een versmalling hebben waardoor er minder druk is en de consument niet in alle ruimten van de woning in redelijke mate van de watervoorziening kan gebruik maken. Uit de hoorzitting blijkt dat de ondernemer niet tijdig een vergunning heeft aangevraagd om werkzaamheden in de openbare ruimte te verrichten, teneinde de drinkwatervoorziening uit te voeren, dit heeft geleid tot (enige) vertraging. Verder blijkt op de hoorzitting dat de ondernemer de gemaakte afspraken met de consument niet kan verifiëren, daar de medewerkers van [ondernemer] die het betreft langdurig afwezig is. Allereerst merkt de commissie op, en deelt de mening van de ondernemer, dat de aanleggen, bouwen en verbouwen soms ingewikkelde processen zijn en dat soms tegenslagen en geduld onderdeel hiervan onderdeel kunnen zijn. Verder merkt de commissie op dat de ondernemer zich aan de regels en wettelijke voorschriften heeft gehouden. Dat mag een consument en eenieder ook verwachten van de ondernemer.
De commissie deelt de opvatting van de ondernemer niet dat deze minimale wettelijke eisen ook identiek zijn aan wat de redelijke consument kan verwachten (conformiteitsvereiste) in deze kwestie die zich aandient en de hierbij behorende feiten en omstandigheden. De drinkwateraansluiting is niet naar behoren gerealiseerd door de ondernemer. De gemaakte afspraken door de ondernemer met de consument zijn niet te verifiëren, de betreffende medewerker is lange tijd afwezig. Dit komt voor risico voor de ondernemer. De commissie stelt vast dat de bouwaansluiting niet is gerealiseerd. Dit is ook niet meer nodig daar de bouw is voltooid. Nakoming is dus niet meer mogelijk en noodzakelijk.
De commissie vindt dat de ondernemer zich met de aansluiting van de drinkwatervoorziening er erg makkelijk van af heeft gemaakt en het voldoen aan de wettelijke voorschriften is niet wat de consument mag verwachten van een drinkwateraansluiting in een nieuwgebouwd huis. De commissie beslist als volgt: De commissie draagt de ondernemer op om de huisaansluiting alsnog, zonder bijkomende kosten voor de Pagina 3 van 4 Zaaknummer 1320669/1328030 consument, te realiseren conform de gemaakte afspraken. De commissie realiseert zich dat de wachttijden oplopen en op dit moment meer dan een jaar bedragen. Dit staat echter buiten de invloedssfeer van de ondernemer en de Geschillencommissie De bouwwateraansluiting heeft de ondernemer niet gemaakt.
Gezien de overlast die de consument heeft ervaren, het niet realiseren van de bouwwateraansluiting en gemaakt kosten zoals opgenomen in de onderbouwing van de schadevergoeding beslist de commissie dat de consument 50% betaald van de thans openstaande factuur. Het volledige gedrag bedraagt € 2.180,- en is in depot gestort bij de Geschillencommissie. Concreet betekent dit dat de klacht gegrond is en dat de ondernemer uit het depot een bedrag ontvangt van € 1.090,- en de verplichting om de drinkwateraansluiting te realiseren binnen een periode van 2 jaar na bekend worden van deze uitspraak. Het overige deel van het gestorte depot van € 1.090,- wordt teruggestort naar de consument
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De klacht is gegrond. De ondernemer draagt zorg voor een kosteloze aanpassing van de drinkwatervoorziening conform. De commissie wijst het depot toe voor 50% aan de ondernemer en voor de andere 50% aan de consument. De gevraagde schadevergoeding en al het andere gevorderde wijst de commissie af.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van
€ 27,50,- aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend. 50% komt toe aan de ondernemer en 50% wordt teruggestort naar de consument.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald door de ondernemer.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Water, bestaande uit mevrouw mr. drs. A.M.M. van Breugel, voorzitter, de heer mr. E.F. Verduin, de heer mr. E. Köhlinger, leden, op 1 mei 2026.