Klacht over eindafrekening ongegrond verklaard

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Meterstanden    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1311052/1316578

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vond dat op zijn eindafrekening een te hoog verbruik was berekend. De ondernemer gebruikte hiervoor de eindstanden die door de slimme meter waren doorgegeven en die overeenkwamen met de beginstanden van de nieuwe bewoner. De consument kon geen eigen meterstanden overleggen en reageerde niet op het verzoek van de ondernemer om deze te bevestigen. Leegstand betekent bovendien niet dat er geen verbruik kan zijn, zeker niet tijdens onderhoud. Historisch verbruik zegt niets over het verbruik in deze specifieke periode. Omdat de meterstanden niet zijn betwist en geen alternatief is aangetoond, ziet de commissie geen reden om de eindafrekening te corrigeren. De klacht is ongegrond en het depotbedrag van € 977,76 wordt aan de ondernemer uitgekeerd.

De volledige uitspraak

Samenvatting

Op de eindafrekening wordt volgens de consument een te hoog verbruik afgerekend. De eindstanden, afkomstig van een slimme meter, zijn gebaseerd op de beginstanden van de opvolgende bewoner. Die standen zijn onvoldoende weerlegd. De klacht wordt afgewezen.

Beoordeling

De consument kreeg van de ondernemer een eindafrekening over de periode 7 april 2025 tot 13 juni 2025. Hij moest betalen voor een verbruik van 653 m³ gas en 413 kWh elektriciteit. Dat leidde tot een bijbetaling van € 977,76, terwijl hij in de twee vorige jaren geld terugkreeg. Zijn historisch verbruik bedroeg jaarlijks circa 330 m³ en 408 kWh. De consument merkt op dat de woning vanaf 9 mei 2025 leeg stond in verband met onderhoud. Hij verlangt herziening van de eindafrekening.

De ondernemer betoogt dat het in feite gaat om de eindstand per 13 juni 2025. Die stand heeft hij, als te doen gebruikelijk, gekregen van de nieuwe energieleverancier. Die standen zijn vermeld in het meetregister.

De commissie overweegt dat het hier gaat om door een slimme meter opgegeven standen. De werking van de meter is niet weersproken. Juist is dat in het normale geval de beginstand van de volgende bewoner gelijk is aan de eindstand van de consument. De consument is dan ook door de ondernemer gevraagd of hij bij de overdracht van de woning meterstanden opgenomen heeft. Daarop heeft de consument niet gereageerd. De consument heeft dan ook niet aangetoond dat andere eindstanden van toepassing zijn. De commissie overweegt ook dat leegstand niet impliceert dat er geen verbruik heeft plaatsgevonden, zeker niet als er in het huis onderhoud plaatsvindt. Bovendien zegt historisch verbruik niets over het verbruik in de betreffende periode. Onder voormelde omstandigheden is er voor de commissie geen reden de eindafrekening te herzien.

De consument heeft nog gevraagd om informatie over het verbruik per dag. De commissie wijst dat af, nu de werking van de meter niet ter discussie staat.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is. Het in depot gestorte bedrag van € 977,76, dat ziet op het bedrag van de eindafrekening, wordt dan ook aan de ondernemer uitgekeerd

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend. Het gehele depotbedrag ad € 977,76 wordt aan de ondernemer uitgekeerd.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer drs. G.J. Visser, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 15 april 2026.

Opslaan als PDF