Koop ontbonden wegens afwijkende uitvoering en niet‑herstelde gebreken

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: bejegening    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 1315181/1327060

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De commissie oordeelt dat de consument terecht klaagt over de geleverde [automodel], omdat de auto niet overeenkomt met de geadverteerde ST‑Line‑uitvoering en bovendien een gemeld temperatuurprobleem niet is hersteld. Uit het deskundigenonderzoek blijkt dat de auto wel sportief is uitgevoerd, maar niet af‑fabriek een ST‑Line kan zijn geweest, waardoor de advertentietekst misleidend was. Daarnaast functioneerde de verwarming niet door een defecte interieurtemperatuursensor, terwijl de ondernemer dit ondanks een duidelijke melding niet heeft opgelost. Over andere punten – de 350 kilometer testrit, vervuiling van het interieur en bumperschade – kon de deskundige geen oordeel geven, en deze klachten worden daarom niet meegenomen. De commissie vindt dat de ondernemer tekortschiet in de nakoming van de overeenkomst en in verzuim is geraakt door het temperatuurprobleem niet te herstellen. Daarom wordt de koopovereenkomst ontbonden. De consument moet de auto terugbrengen en ontvangt € 6.000,- terug, waarbij een gebruiksvergoeding van € 1.500,- wordt ingehouden omdat hij circa 12.000 kilometer heeft gereden. De ondernemer moet daarnaast het klachtengeld van € 127,50 vergoeden. Mocht de ondernemer niet binnen vier weken meewerken aan de ontbinding, dan vervallen de verplichtingen en moet hij € 2.000,- aan de consument betalen, waarna de consument eigenaar van de auto blijft.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil vloeit voort uit een op 30 augustus 2025 tussen de consument en de ondernemer tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het leveren van een gebruikte auto van het merk [automerk], type [model], tegen een door de consument te betalen prijs van € 7.500, -.

De overeenkomst is op 30 augustus 2025 uitgevoerd.

De consument heeft de klacht op 30 augustus 2025 voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Kort na de aflevering ging het motorstoringslampje branden. De katalysator bleek ernstig vervuild. Ook was sprake van een temperatuurprobleem. Na de melding van de klachten reageerde de ondernemer aanvankelijk agressief. Hij stelde dat de consument arbeidsloon voor de katalysator moest betalen. Pas na een herhaald beroep op het conformiteitsbeginsel, artikel 7:17 BW, stemde de ondernemer in met de reparatie van de katalysator waarbij deze werd vervangen door een gebruikt exemplaar. Het temperatuurprobleem werd bewust niet verholpen. De auto heeft 10 dagen bij de reparateur gestaan. Bij het ophalen bleek dat 350 kilometer met de auto was gereden, de auto stonk en was vervuild met vlekken, hondenharen en lange zwarte haren. Ook bleek sprake van een extra scheur in de voorbumper. De stank was dermate ondragelijk dat de consument de auto moest laten reinigen bij een professioneel bedrijf. Aldaar werd geconstateerd dat er braaksel in de auto aanwezig was.

Daarnaast kwam uit een onderzoek van de consument naar voren dat de auto niet overeenkomt met de geadverteerde uitvoering. Het is geen officiële ST-Line uitvoering, maar een Titanium uitvoering, waar in [land] aan is versleuteld.

De ondernemer weigert compensatie, herstel en ontbinding.

De consument heeft een goed gesprek met de deskundige van de commissie gehad. Hij betreurt het dat de deskundige de juistheid van de meningen over de vervuiling van de auto niet kon vaststellen. De aanschafprijs en de advertentietekst wekten sterk het vermoeden dat het om een ST Line zou gaan.

De consument verlangt dat de koopovereenkomst wordt ontbonden en dat aan het de gemaakte reinigingskosten van € 260, – worden vergoed door de ondernemer.

Ter zitting heeft de consument voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.

De consument geeft de voorkeur aan de ontbinding van de koopovereenkomst en vergoeding van de reinigingskosten. De verkoopinformatie is onjuist geweest. Het probleem met de temperatuur is door de consument per mail gemeld. De ondernemer had 9 dagen de tijd om dat probleem op te lossen. De consument heeft ongeveer 12000 kilometer met de auto gereden. Ook heeft zich na het deskundigenonderzoek nog een probleem met de vering voorgedaan.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer is het niet eens met het door de consument ingenomen standpunt. Het voertuig is correct afgeleverd en – voor zover van toepassing – conform afspraak en vaktechnische normen hersteld. Van enige tekortkoming aan de zijde van de ondernemer is geen sprake. De ondernemer is van mening dat de consument het voertuig tracht te retourneren zonder juridische of technische grondslag.

Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang het volgende naar voren gebracht.

De ondernemer kan zich vinden in het rapport van de deskundige. Het was een uitgebreid gesprek. De ondernemer heeft inderdaad na het vervangen van de katalysator een serieuze testrit met de auto gemaakt. De ondernemer was toen niet bekend met een klacht over de temperatuur in de auto. Ten tijde van die reparatie was de thermostaat nog niet defect. Dat is later ontstaan. Een testrit van 350 kilometer is niet exorbitant. De ondernemer betwist de vervuiling. Hij kan in de ogen van de consument niets goed doen. De ondernemer wil alles kosteloos herstellen.

Deskundigenrapport

De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens zijn rapport het volgende vastgesteld.

De deskundige stelt vast dat na aankoop van het motorvoertuig door klager een storing in het motormanagementsysteem is opgetreden, waarbij het motorlampje is gaan branden. Daarnaast functioneerde de verwarming van het voertuig niet naar behoren. De motorproblemen bleken te worden veroorzaakt door een ernstig vervuilde katalysator. Dit gebrek is door de aanbieder verholpen door montage van een gebruikte katalysator.

De problemen met de verwarming zijn echter niet opgelost. De deskundige heeft samen met klager en aanbieder een proefrit uitgevoerd, waarbij gezamenlijk is vastgesteld dat de verwarming niet correct functioneert. Vervolgens heeft de deskundige met een Hella Gutmann‑diagnosetester de motor‑ECU uitgelezen. Uit deze diagnose blijkt dat sprake is van een defecte interieurtemperatuursensor. Het diagnoserapport is als bijlage toegevoegd.

Na het ophalen van het voertuig, na uitvoering van de katalysatorreparatie, is tussen partijen een meningsverschil ontstaan over drie punten:

• het aantal gereden kilometers (circa 350 kilometer) in verband met de proefrit;
• vervuiling van het interieur;
• een extra scheur in de voorbumper.

De deskundige heeft vastgesteld dat partijen hierover een afwijkende mening hebben en dat de juistheid van deze standpunten niet door hem kan worden beoordeeld.

Verder heeft klager aangegeven dat het voertuig door aanbieder is geadverteerd als een ST‑Line, terwijl dit geen af‑fabriek geleverde ST‑Line betreft. De deskundige constateert dat het voertuig een geïmporteerd motorvoertuig (59 kW) betreft. In 2013 was de ST‑Line‑uitvoering in Nederland nog niet beschikbaar voor de [automerk] [model]; deze naamgeving werd pas vanaf 2016/2017 geïntroduceerd. In 2013 kon wel worden gekozen voor de vergelijkbare Sport‑uitvoering (“pre‑ST‑Line”). De catalogusprijs van de [automerk] [model] 1.0 Sport (59 kW/ 80 pk) lag destijds circa € 500,- tot € 1.000,- boven de Titanium‑uitvoering. De Sport‑uitvoering bood een sportiever uiterlijk, een achterspoiler, sportstoelen en een stugger onderstel.

Op basis hiervan concludeert de deskundige dat het onderhavige voertuig weliswaar is uitgevoerd als een ST‑Line, maar zeer waarschijnlijk niet als zodanig af‑fabriek is geproduceerd, omdat deze uitvoering in 2013 niet beschikbaar was voor Nederland. Het land van herkomst van het voertuig is onbekend, evenals de vraag of de ST‑Line‑benaming daar destijds wel beschikbaar was. De deskundige stelt vast dat het voertuig qua uitrusting en onderstel overeenkomt met een sportieve uitvoering en geen standaard Titanium‑variant betreft.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

In dit geschil klaagt de consument over de levering van een van de advertentietekst afwijkende uitvoering, een onvolledig uitgevoerde reparatie, een proefrit van 350 kilometer en een sterk vervuilde auto na de reparatie waarbij de katalysator werd vervangen.

De ondernemer voert verweer.

De commissie stelt vast dat partijen geen aan- of opmerkingen naar voren hebben gebracht over de bevindingen van de deskundige voor wat betreft de geleverde uitvoering van de auto. Dit heeft tot gevolg dat vast is komen te staan, anders dan de advertentietekst deed vermoeden, dat geen sprake is van een ST Line, maar van een andere afwijkende uitvoering.

In zoverre voldoet de auto dan ook niet aan de advertentietekst en heeft de consument een auto geleverd gekregen die niet aan de koopovereenkomst beantwoordt.

Ook is komen vast te staan dat ten tijde van het deskundigenonderzoek de verwarming niet naar behoren functioneerde en dat sprake was van een defecte interieurtemperatuursensor.

De deskundige waagt zich niet aan een uitspraak over de proefrit van 350 kilometer, de bumperschade en de vervuiling van het interieur. Een en ander kan de commissie billijken nu deze zaken niet per se een technisch oordeel vergen. Overigens is de commissie wel van oordeel dat de proefrit wel ongebruikelijk lang is om de werking van de katalysator te testen, maar zal zij daaraan geen verdere consequenties verbinden gelet op haar beslissing in deze zaak. Voor het overige neemt de commissie het standpunt van de deskundige over en wijst zij de beide overige klachten af, nu daarvoor een nadere bewijslevering noodzakelijk is, waarin de rechtsgang van de commissie niet voorziet.

Naar het oordeel van de commissie is de ondernemer tekortgeschoten bij de nakoming van de overeenkomst en is hij vervolgens in verzuim komen te verkeren door geen herstel van het temperatuurprobleem uit te voeren. Dat laatste wordt niet anders nadat de ondernemer ter zitting alsnog aangaf alles kosteloos te willen herstellen.

Alle bovengenoemde omstandigheden in aanmerking nemende kan de consument dan ook met recht aanspraak maken op de ontbinding van de koopovereenkomst. De commissie zal de koopovereenkomst van 30 augustus 2025 dan ook ontbinden. Wel dient de consument, die naar eigen zeggen 12.000 kilometer met de auto heeft gereden een naar billijkheid te bepalen gebruiksvergoeding te betalen van
€ 1.500,-.

Op grond van het bovenstaande is de klacht van de consument gegrond.

Derhalve wordt beslist als volgt.

Beslissing

De koopovereenkomst van 30 augustus 2025 wordt ontbonden verklaard. Dit betekent dat de consument de auto met alle daarbij behorende papieren en accessoires teruglevert aan de ondernemer, die de consument bij die gelegenheid een vrijwaringsbewijs verstrekt. De ondernemer betaalt bij de ontvangst van de auto een bedrag van € 6.000,- aan de consument. De consument dient de auto te leveren aan het adres van de ondernemer.

Een en ander dient te geschieden binnen 4 weken na de verzenddatum van dit bindend advies.

Partijen dienen elkaar in de gelegenheid te stellen hun verplichtingen uit dit bindend advies te voldoen.

Indien een en ander door nalaten van de ondernemer niet binnen de gestelde termijn heeft plaatsgevonden, vervallen de ongedaanmakingsverbintenissen, en betaalt de ondernemer een bedrag van € 2.000,- aan de consument. De consument blijft dan eigenaar van de auto en is vrij daarover te beschikken op een wijze die hem goeddunkt.

De commissie wijst het meer of anders verlangde af.

Bovendien dient de ondernemer het door de consument betaalde klachtengeld van € 127,50 aan hem te vergoeden en voorts zal aan de ondernemer in overeenstemming met het reglement van de commissie een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.

Aldus vastgelegd door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, R. Vlasveld en mr. E.A.J. van der Heijden, leden, op 30 juni 2026

Opslaan als PDF