Commissie: Energie
Categorie: Jaarafrekening
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: tussenadvies
Uitkomst: aanhouding beslissing
Referentiecode:
1316687/1321065
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument heeft een dynamisch energiecontract en ontving in september 2023 een jaarafrekening waarin stond dat een correctie was toegepast. Hij kreeg wel een overzicht van verbruik en teruglevering, maar niet van de correctie zelf. Volgens de consument heeft de ondernemer de meterstanden over 2024–2025 gemanipuleerd, waardoor hij 5.161 kWh nadeel zou hebben geleden. De commissie heeft meer informatie nodig om dit te kunnen beoordelen. Uit de stukken blijkt dat de consument sinds juli 2022 een leveringsovereenkomst had en inmiddels is overgestapt, waardoor een eindafrekening is opgesteld. In de periode waarover de consument klaagt (1 september 2024 tot 22 april 2025) vond een meterwissel plaats door de netbeheerder; daarna registreerde een nieuwe meter het verbruik. De ondernemer stelt dat de eindfactuur is gebaseerd op gegevens uit het Toegankelijke Meetregister, dat door netbeheerders wordt beheerd. De kernvraag is of de ondernemer bewust verkeerde meterstanden heeft gebruikt. De consument verklaarde tijdens de zitting dat hij bewijs heeft dat de ondernemer niet de juiste metergegevens heeft gebruikt. Hoewel dit laat is ingebracht, vindt de commissie het noodzakelijk dat dit bewijs alsnog wordt overgelegd. Daarom houdt de commissie haar oordeel aan: de consument moet binnen twee weken het bewijs toevoegen, waarna de ondernemer twee weken krijgt om schriftelijk te reageren. Daarna zal de commissie zonder nieuwe zitting een bindend advies geven.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De consument heeft met de ondernemer een dynamisch energiecontract afgesloten. In september 2023 ontving de consument een jaarafrekening met daarop de mededeling dat er van een correctie sprake is geweest. Een specificatie van zijn verbruik en terug geleverde stroom aan het net heeft hij ontvangen maar van de correctie heeft hij die niet ontvangen.
De consument is van mening dat de ondernemer over de periode 2024-2025 de meterstanden heeft gemanipuleerd. De aanpassingen van de ondernemer heeft een nadeel van de consument tot gevolg gehad van 5.161 kWh.
De commissie heeft nadere informatie nodig om tot een oordeel te komen.
Beoordeling
Uit de stukken blijkt het volgende.
De consument heeft op 14 juli 2022 een leveringsovereenkomst met de ondernemer afgesloten voor onbepaalde tijd. De consument is overgestapt naar een andere leverancier en daarom is een eindafrekening opgemaakt.
De eindafrekening waartegen de consument bezwaar maakt heeft betrekking op de periode 1 september 2024 tot 22 april 2025. In die periode heeft een meterwissel door de netbeheerder plaatsgevonden. De periode van 23 april 2025 tot 1 juli 1025 is bemeten door de nieuwe meter.
De ondernemer zegt de eindfactuur te hebben opgemaakt op basis van de gegevens uit het Toegankelijke Meetregister dat door de netbeheerders worden beheerd.
De commissie moet de vraag beantwoorden of de ondernemer willens en wetens de verkeerde meterstanden heeft gebruikt bij het opstellen van de eindafrekening waartegen de consument bezwaar heeft.
De consument heeft ter zitting gezegd dat hij bewijs heeft van het feit dat de ondernemer niet de juiste metergegevens heeft gebruikt.
Hoewel de consument rijkelijk laat met de mededeling komt dat hij bewijs heeft van zijn stelling, is de commissie van oordeel dat het in het belang van de beoordeling van dit geschil is, dat de consument dat bewijs aanlevert.
Daarom houdt de commissie iedere verdere beslissing aan en luidt de beslissing als volgt.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De consument voegt het aangeboden bewijs binnen twee weken na verzending van dit Bindend Advies in het dossier. Die aanvullende informatie van de consument wordt na ontvangst van de commissie in afschrift aan de ondernemer gezonden. De ondernemer krijgt de gelegenheid daarop binnen twee weken een schriftelijke reactie naar de commissie te sturen.
De commissie zal vervolgens zonder nadere mondelinge behandeling op basis van de stukken bindend adviseren.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.E. de Vries, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, de heer C.P. Hoogendoorn, leden, op 18 februari 2026.