Jaarnota correct opgesteld; klacht consument ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Teruglevering    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1328419/1333447

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De commissie oordeelt dat de jaarnota van € 4.406,96 juist is en dat daarop niet kan worden afgedongen. De consument ging akkoord met een termijnbedrag van € 163 per maand, gebaseerd op door hemzelf opgegeven verbruiksgegevens. Achteraf bleek zijn werkelijke verbruik – vooral het gasverbruik en de kosten rond teruglevering – aanzienlijk hoger dan verwacht. De ondernemer heeft de jaarnota opgesteld op basis van de daadwerkelijke meterstanden, de geldende tarieven en de aansluitcapaciteit van 3×35 Ampère, die volgens de commissie tot de risicosfeer van de consument behoort: hij had redelijkerwijs kunnen weten welke aansluiting hij heeft. Het verschil tussen voorschot en eindafrekening komt voort uit het hogere verbruik en niet uit een fout van de ondernemer. De commissie volgt daarom het standpunt van de ondernemer en verklaart de klacht ongegrond; het gevorderde bedrag van € 2.151 wordt afgewezen.

De volledige uitspraak

Samenvatting

Naar het oordeel van de commissie valt op de betwiste rekening niet af te dingen.

Behandeling van het geschil

Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij Bindend Advies door de Geschillencommissie Energie (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer. De commissie heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 16 juni 2026 te Den Haag.

Partijen hebben ter zitting via een videoverbinding de standpunten toegelicht.

De commissie heeft het volgende overwogen.

Beoordeling

Standpunt van de consument

Ik heb een geschil met [energieleverancier] over mijn jaarnota van € 4.406,96. Ik ging akkoord met een aanbod van € 163,- p/m, gebaseerd op 10.000 kWh afname en 10.000 kWh teruglevering. Achteraf blijkt dat [energieleverancier]’s calculatiesysteem de vaste kosten bij mijn 3x35Ampère aansluiting niet correct verwerkt. Op basis van mijn extra stroomgebruik had het maandbedrag circa € 188,- moeten zijn (€ 2.256,-/jaar). [Energieleverancier] rekent € 2.151,- per jaar te veel. Ik verzoek correctie en creditering van dit bedrag.

Standpunt van de ondernemer

Het overeengekomen termijnbedrag van € 163,- per maand is tot stand gekomen op basis van de door de consument zelf verstrekte verbruiksgegevens, in combinatie met de op dat moment geldende tarieven, netbeheerkosten en overheidsheffingen. De consument is daarbij expliciet gewezen op het voorlopige karakter van dit bedrag en zijn eigen verantwoordelijkheid om het verbruik te monitoren en het termijnbedrag zo nodig aan te passen. De stelling van de consument dat bij de vaststelling van het termijnbedrag rekening had moeten worden gehouden met een aansluitcapaciteit van 3×35 Ampère, wordt gemotiveerd betwist. [Energieleverancier] is voor de vaststelling van de aansluitcapaciteit afhankelijk van de netbeheerder en hanteert bij het aangaan van overeenkomsten een standaard uitgangspunt. Bovendien wist, dan wel had de consument redelijkerwijs behoren te weten, welke aansluitcapaciteit op zijn aansluiting van toepassing was. Voorts is de jaarnota opgesteld op basis van het werkelijke verbruik van de consument, zoals vastgesteld aan de hand van de meterstanden. De uiteindelijke hoogte van de jaarnota is rechtstreeks het gevolg van het feitelijke verbruik en de daarover verschuldigde kosten. De afwijking ten opzichte van het voorschotbedrag vindt met name haar oorzaak in een aanzienlijk hoger gasverbruik en de kosten die samenhangen met de teruglevering van elektriciteit. Deze factoren vallen buiten de invloedssfeer van [energieleverancier]. [Energieleverancier] heeft daarom correct en conform de geldende voorwaarden gehandeld en de aan de systeembeheerder verschuldigde kosten op juiste wijze doorbelast en afgedragen [energieleverancier] verzoek uw commissie dan ook de klacht jegens haar ongegrond te verklaren en het door de consument gevorderde bedrag van € 2.151,- af te wijzen.

Oordeel van de commissie

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting onderschrijft de commissie in grote lijnen het standpunt van de ondernemer. De ondernemer berekent de vaste kosten door aan de consument op basis van de aansluiting waarover de consument beschikt. Voor het geval de consument niet op de hoogte mocht zijn van de capaciteit van zijn aansluiting, ligt dat in zijn risicosfeer. Voorts wijkt het verbruik af van de opgave van de consument bij het aanvragen van het contract. Op de rekening valt niet af te dingen. De klacht treft geen doel.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard, de heer drs. L. van Rootselaar, leden, op 16 juni 2026.

Opslaan als PDF