Commissie: Reizen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies na tussen advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
835407/1078387
De uitspraak:
Waar gaat deze uitspraak over?
Deze zaak gaat over een pakketreis die de consument had geboekt voor drie personen naar een hotel in het buitenland op all-inclusive basis. De consument vond dat er tijdens de reis problemen waren en stelde dat zij, haar familie en vrienden de reisorganisatie daar op tijd van op de hoogte hadden gebracht. De ondernemer ontkende dit. De Geschillencommissie gaf de consument de kans om bewijs aan te leveren, zoals telefoonoverzichten en contactgegevens. Uit de ingediende stukken bleek alleen dat er op 30 juli 2024 twee telefoongesprekken waren gevoerd met een bepaald telefoonnummer. Het was echter niet duidelijk dat dit nummer van de ondernemer was. Ook leverde de consument geen overtuigend bewijs aan dat al vanaf 27 juli 2024 contact was opgenomen met het Nederlandse kantoor van de ondernemer. Daarom concludeerde de commissie dat de ondernemer niet tijdig, en mogelijk helemaal niet, op de hoogte was gebracht van de klachten. De commissie verklaarde de klacht ongegrond en wees het verzoek van de consument af.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de vraag of door de ondernemer correct uitvoering is gegeven aan de op 22 juni 2024 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst inhoudende een vliegreis voor drie personen naar [plaatsnaam] in [buitenland] met verblijf in een hotel op all inclusive basis, voor de periode van 26 juli 2024 t/m 1 augustus 2024 voor de som van € 2.178,63.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
In de tussenbeslissing heeft de commissie geoordeeld dat de als eerste te beantwoorden vraag is of door de consument de ondernemer -en met name het kantoor van de ondernemer in Nederland- op de hoogte is gesteld van de door de consument ondervonden tekortkomingen. De consument heeft gesteld dat zowel door haarzelf als door familie en vrienden de ondernemer daarvan tijdig op de hoogte is gebracht. Nu de ondernemer een en ander gemotiveerd heeft bestreden heeft de commissie de consument in de gelegenheid gesteld het door haar naar voren gebrachte te onderbouwen en dit met name te doen door middel van afschriften van telefoonnota’s en via internet ingevulde contactformulieren.
Op 16 juli 2025 heeft de consument een specificatie van de telefoonrekening van haar schoonzus overgelegd. Daaruit blijkt dat op 30 juli 2024 vanaf 8:28 uur gedurende zes seconden is gebeld met telefoonnummer [telefoonnummer] en op diezelfde datum vanaf 9:07 uur gedurende 34 minuten en één seconde met datzelfde telefoonnummer.
Verder heeft de consument op dezelfde datum aangegeven dat haar collega/vriendin een abonnement heeft bij Odido en die zouden maar specificaties tot zes maanden geleden hebben. Zij kan het daarom niet meer aantonen, maar heeft al een heel verhaal geschreven want zij heeft tenslotte ook getolkt voor de consument.
De commissie zal het door de consument verlangde afwijzen. De consument had aangegeven dat vanaf de tweede dag van haar verblijf, zijnde 27 juli 2024, door familie en bekenden contact was opgenomen met de ondernemer. Allereerst valt te constateren dat slechts één enkele verklaring is overgelegd. Verder blijkt uit de overgelegde specificatie van de telefoonrekening van de schoonzus evenwel dat pas op 30 juli 2024 is gebeld met een nummer, terwijl ook niet is aangegeven in welke mate dat telefoonnummer aan de ondernemer valt te linken. Daarnaast geldt dat de verklaring van de collega/vriendin geen (extra) gewicht in de schaal kan leggen nu de commissie in de tussenbeslissing al had geoordeeld over het gewicht van die verklaring. De commissie kan daarom niet anders dan de conclusie trekken dat namens de consument niet tijdig en mogelijk in het geheel niet contact is opgenomen met de vestiging van de ondernemer in Nederland.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit de heer prof. mr. A.W. Jongbloed, voorzitter, de heer J.J.M. Crijnen, mevrouw drs. W. Nienhuis, leden, op 21 augustus 2025.
de heer prof. mr. A.W. Jongbloed