Consument niet-ontvankelijk vanwege te laat indienen klacht over hotelkamer

  • Home >>
  • Reizen >>
De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Reizen    Categorie: (Niet) Ontvankelijkheid    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Niet-ontvankelijkverklaring   Uitkomst: niet-ontvankelijk   Referentiecode: 973318/1311315

De uitspraak:

Waar gaat deze uitspraak over?

Deze zaak gaat over een consument die een pakketreis had geboekt en van mening was dat hij niet de kamers had gekregen waarvoor hij € 1.200 extra had betaald. Daarom diende hij een klacht in. De ondernemer stelde echter dat de consument zich niet had gehouden aan de regels uit de ANVR-Reizigersvoorwaarden. Volgens deze voorwaarden moet een reiziger een klacht die tijdens de reis niet naar tevredenheid is opgelost, uiterlijk binnen twee maanden na afloop van de reis formeel bij de reisorganisatie indienen. De consument had dit niet gedaan en had zich na de reis rechtstreeks tot de Geschillencommissie gewend. De commissie stelde vast dat sprake was van een termijnoverschrijding en beoordeelde vervolgens of deze overschrijding verschoonbaar was. Omdat de consument hiervoor onvoldoende redenen had aangevoerd, oordeelde de commissie dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. Daarom werd de consument niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht en heeft de commissie de inhoud van het geschil verder niet behandeld.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de ontvankelijkheid van de consument in de procedure voor de geschillencommissie.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument is van oordeel dat hij niet de kamers heeft gekregen waarvoor hij € 1200,– extra heeft betaald. De consument voert aan dat de door de ondernemer gestelde termijnoverschrijding hem niet te verwijten valt.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op de door de consument geboekte pakketreis zijn de ANVR Reizigersvoorwaarden van toepassing, waarmee de reiziger bij boeking akkoord is gegaan. In artikel 12.6 van deze voorwaarden staat nadrukkelijk dat als een klacht tijdens de reis niet tot tevredenheid is opgelost, de reiziger deze klacht ná de reis zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee maanden na afloop van de reis, formeel moet indienen op de voorgeschreven wijze. De consument heeft na afloop van de reis geen verdere correspondentie of aanvullende formele klacht bij ons ingediend. Zijn laatste reactie (tijdens de reis) was op 17 februari, waarop wij op 21 februari inhoudelijk hebben gereageerd.

Op 24 februari, nadat de reis was afgelopen, heeft de consument zich gewend tot de Geschillencommissie, zonder zich opnieuw bij onze organisatie te melden. Daarmee is niet voldaan aan de vereisten van artikel 12 van de ANVR voorwaarden.

Ook in het reglement van de Geschillencommissie wordt benadrukt dat reiziger zich binnen twee maanden na terugkomst dient te melden bij de reisorganisator. Hoewel de consument van mening is dat hem geen verwijt kan worden gemaakt van de termijnoverschrijding, delen wij deze opvatting niet. Het is de verantwoordelijkheid van de consument om op de hoogte te zijn van de geldende voorwaarden en het reglement van de Geschillencommissie. Hij is daarmee akkoord is gegaan bij het boeken van de reis, dan wel bij het indienen van de klacht. Wij verzoeken om het door de consument ingediende geschil niet ontvankelijk te verklaren.
Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Op de behandeling van een klacht zijn enige procedureregels van toepassing zoals beschreven in artikel 12 van de ANVR voorwaarden.

Op grond van artikel 12 lid 6 van de ANVR voorwaarden dient de reiziger, in het geval de tijdens de reis gemelde klacht niet tot tevredenheid is opgelost, deze zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 2 maanden na afloop van de reis bij de ondernemer/ reisorganisator in te dienen. Uit de stukken blijkt dit voorschrift niet door de consument is nageleefd, zodat sprake is van een termijnoverschrijding.

De consument heeft de commissie gevraagd te beoordelen of de termijnoverschrijding verschoonbaar is. De commissie is van oordeel dat er onvoldoende aanknopingspunten zijn voorgedragen om de overschrijding van de termijn verschoonbaar te achten.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De consument wordt in zijn klacht niet-ontvankelijk verklaard.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit de heer mr. O.P.G. Vos, voorzitter, mevrouw drs. G.M. Locquet, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 8 oktober 2025

 

Opslaan als PDF