Aanbetaling niet terug na verzoek tot wijziging van reis

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Reizen    Categorie: Schadevergoeding    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 884379/1118415

De uitspraak:

Waar gaat deze uitspraak over?

De zaak gaat over een consument die een pakketreis had geboekt naar een stad waar bepaalde wedstrijden zouden plaatsvinden. Nadat deze wedstrijden naar een andere stad werden verplaatst, vroeg de consument aan de reisorganisatie om de reis kosteloos te annuleren, de aanbetaling terug te krijgen of de reis om te boeken naar de nieuwe locatie. De ondernemer wees dit verzoek af omdat volgens de voorwaarden geen restitutie mogelijk was en de reis niet kon worden gewijzigd naar een andere bestemming. De consument vond dat sprake was van overmacht en dat de reisorganisatie meer had moeten meedenken. De commissie oordeelde echter dat de ondernemer niet verantwoordelijk was voor de verplaatsing van de bepaalde wedstrijden, omdat de toegangskaarten daarvoor geen onderdeel waren van de geboekte pakketreis. Ook was de ondernemer volgens de voorwaarden niet verplicht om de reis om te zetten naar een andere bestemming. Daarnaast besloot de consument uiteindelijk de geboekte reis niet te annuleren en hiervan gebruik te maken. Daarom concludeerde de commissie dat de ondernemer correct heeft gehandeld. De klacht werd ongegrond verklaard en het verzoek om € 476,75 terug te krijgen werd afgewezen.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft de weigering van de ondernemer om de aanbetaling (de helft van de reissom) te restitueren.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Op 20 mei 2024 heb ik via de site van de ondernemer een pakketreis geboekt naar [plaatsnaam] ([buitenland]) van 11 november t/m 21 november 2024. De helft van de reissom moest direct worden aanbetaald. De reis naar [plaatsnaam] werd gemaakt in verband met de [wedstrijdnaam]-wedstrijden die daar werden gehouden.

Op 17 juli 2024 ontving ik bericht dat die wedstrijden niet in [plaatsnaam] konden plaatsvinden, maar naar [plaatsnaam] verhuisd moesten worden, dit omdat hier ook de [wedstrijdnaam] wedstrijden plaatsvonden. De kaarten voor de [sport] zijn overgegaan naar [plaatsnaam].

Ik heb direct contact opgenomen met de ondernemer om de reis te annuleren en ik heb uitgesproken dat ik hoopte dat ik nog een reis kon boeken naar [plaatsnaam] op zo’n korte termijn. Ik heb diverse mailcontacten gehad, want voor mij sprake was er van overmacht, maar een restitutie van de aanbetaling was niet mogelijk. Ook heb ik telefonisch contact gehad met de ondernemer en gevraagd of deze mijn reis wilde overboeken naar [plaatsnaam], maar dat werd niet gedaan.

Ik vind dit voor een reisorganisatie niet klantvriendelijk, helemaal niet in dit geval, omdat er sprake is van overmacht. Ik heb de reis uiteindelijk niet geannuleerd, omdat de aanbetaling (de helft van de reissom) niet werd gerestitueerd.

Ik wil in ieder geval de helft van mijn reissom terugkrijgen. Ik vind het heel vreemd dat direct de halve reissom verplicht moet worden aanbetaald. Dit had ook een symbolisch laag bedrag kunnen zijn. Ik ben van mening dat een reisorganisatie in bepaalde gevallen de klant tegemoet moet treden (in mijn geval door overmacht) dan wel voor mij een pakketreis had kunnen regelen naar [plaatsnaam].

De consument verlangt een vergoeding van € 476,75 (helft van de reissom).

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer heeft verwezen naar de e-mail van de consument van 17 juli 2024 en zijn reactie daarop per e-mail van dezelfde datum. In die reactie wordt aangegeven dat uit de voorwaarden van de dienstverleners is gebleken dat er geen restitutie mogelijk is voor de annulering en verder dat de annuleringskosten 100% bedragen (de aanbetaling).

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument heeft een pakketreis geboekt naar [plaatsnaam] in verband met de [wedstrijdnaam]-wedstrijden die daar zouden plaatsvinden. Aangezien de [wedstrijdnaam] wedstrijden in dezelfde periode in [plaatsnaam] plaatsvonden, zijn de [wedstrijdnaam]-wedstrijden verplaatst naar deze stad. In verband hiermee heeft de consument de ondernemer verzocht om de geboekte reis om te zetten naar een reis naar [plaatsnaam]. Onder verwijzing naar diens (aanvullende) voorwaarden heeft de ondernemer dat verzoek afgewezen. De consument heeft vervolgens besloten om de reis niet te annuleren en gebruik te maken van de door haar geboekte vlucht naar [plaatsnaam], alsook van het door haar geboekte hotel in die stad.

Dat na boeking het reisdoel voor [plaatsnaam] gewijzigd is, kan de ondernemer niet worden tegengeworpen. De kaartjes die de consument heeft gekocht voor de betreffende tenniswedstrijden, maakten geen onderdeel uit van de pakketreis die zij bij de ondernemer had geboekt.

Voor het overige overweegt de commissie dat de ondernemer op grond van zijn voorwaarden niet gehouden was om in verband met de wijziging van bestemming ([plaatsnaam] in plaats van [plaatsnaam]) de geboekte pakketreis naar [plaatsnaam] om te zetten naar een pakketreis naar [plaatsnaam]. In de (aanvullende) voorwaarden van de ondernemer wordt onder het kopje ‘wijziging door de hoofdboeker’ immers gesteld dat een wijziging van de boeking uitsluitend mogelijk is indien een nieuwe boeking wordt gemaakt naar dezelfde bestemming en route en tegen hetzelfde tarief en voorwaarden en indien de hoofdboeker akkoord gaat met het gewijzigde tarief plus verschuldigde administratiekosten van € 35,– per persoon.

Ten slotte is van belang dat de consument, nadat de ondernemer haar had laten weten dat restitutie van de aanbetaling niet mogelijk was en dat de geboekte pakketreis naar [plaatsnaam] niet omgezet kon worden naar een pakketreis naar [plaatsnaam], heeft besloten om de pakketreis naar [plaatsnaam] niet te annuleren.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond, zodat het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit de heer mr. H.A. van Gameren, voorzitter, de heer J.H.M. Boshuis, de heer mr. P.C. de Klerk, leden, op 9 juli 2025.

de heer mr. H.A. van Gameren

Opslaan als PDF