Colportage; klacht tegen leverancier niet-zijnde colporteur

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Energie    Categorie: Overeenkomst    Jaartal: 2013
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: ENE06-1391

De uitspraak:

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft een ten onrechte uitgevoerde switch.

De consument heeft in maart 2006 de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument

Het standpunt van de consument luidt in hoofdzaak als volgt.

Eind oktober 2005 ontving ik van de ondernemer een brief waaruit bleek dat ik voor gas en elektriciteit was overgestapt op de ### en dat deze de levering zou overnemen. Ik had een tijdje daarvoor wel een colporteur van de ### aan de deur gehad, maar ik was niet ingegaan op zijn aanbod. De ### had de switch dus ten onrechte uitgevoerd en men had daarbij zelfs een valse naam gebruikt. Nadat ik bij de ### had geklaagd over deze ontoelaatbare praktijk, zei men dat ervoor zou worden gezorgd dat ik zo spoedig mogelijk weer bij de ondernemer zou worden aangemeld. Dat heeft echter tot maart 2006 geduurd. Intussen had ik van de ### een brief ontvangen waarin zij de gang van zaken betreurde en waarin mij werd toegezegd dat ik geen nota zou ontvangen voor de gedurende de periode waarin de ### leverancier was geweest geleverde energie. Die belofte is de ### nagekomen, maar tot mijn verbazing ontving ik van de ondernemer wel een nota over deze periode. Volgens de ondernemer zou ik met terugwerkende kracht klant bij de ondernemer zijn gebleven en om die reden – ondanks de toezegging van de ### – moeten betalen. Ik ga hiermee niet akkoord. Ik heb part noch deel aan de ontstane situatie en het heeft mij tijd en energie gekost om de onterechte switch ongedaan gemaakt te krijgen. Ik vind het dus niet juist dat ik alsnog door de ondernemer met terugwerkende kracht word belast met kosten waarvan de ### mij had gevrijwaard. In afwachting van de uitspraak van de commissie heb ik de betaling van de nota opgeschort.

De consument verlangt volledige creditering van de nota van de ondernemer over de periode oktober 2005-maart 2006 ten bedrage van € 589,52.

Standpunt van de ondernemer

Het standpunt van de ondernemer luidt in hoofdzaak als volgt.

Als er een switchverzoek komt van een andere energieleverancier, moeten wij daaraan onvoorwaardelijk meewerken. Dat is sinds het vrij worden van de energiemarkt tussen de energiebedrijven afgesproken, omdat de vrije marktwerking anders te veel zou kunnen worden belemmerd. Tevens is echter afgesproken dat ingeval van een onterechte switch die later wordt teruggedraaid de oorspronkelijke leverancier de kosten van de levering over de periode gedurende welke de afnemer ten onrechte geswitcht is geweest aan de afnemer in rekening mag brengen. Dat is hier ook gebeurd en de toezegging van de ### aan de consument dat hij van de ### geen rekening zou ontvangen is hiermee in overeenstemming. Die toezegging laat dus onverlet dat de consument die kosten aan ons is verschuldigd.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Ter zitting heeft de ondernemer naar aanleiding van een vraag van de commissie bevestigd dat het terugdraaien van een zonder toestemming van de consument uitgevoerde switch alleen toekomstige werking heeft. Dat betekent dat de consument gedurende de periode die de onterechte switch heeft geduurd klant is geweest van ###, zij het tegen wil en dank, en dat ### gedurende die periode de door de consument afgenomen energie daadwerkelijk heeft geleverd. Voor het aan de consument in rekening brengen van kosten over die periode door de ondernemer – die volgens eigen zeggen aan de switch heeft meegewerkt – bestaat dus geen rechtsgeldige titel. De tussen de energiebedrijven gemaakte afspraak waarop de ondernemer zich beroept kan de consument in dit geval niet binden, omdat hij daarbij geen partij is geweest. In het dossier bevindt zich een brief van de ### aan de consument d.d. 23 november 2005 waarin de volgende toezegging staat: "Als tegemoetkoming zullen wij de kosten van levering van energie in de periode dat de ### uw levering verzorgde niet bij u in rekening brengen". De bevoegdheid om die toezegging, die als een compensatie kan worden opgevat voor het aan de consument bezorgde ongemak, te doen berustte uitsluitend bij de ###. De ondernemer kan die toezegging niet ongedaan maken.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De ondernemer trekt de nota ten bedrage van € 598,52 in en crediteert de consument voor dit bedrag.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 25,– aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie als bijdrage in de behandelingskosten van het geschil een bedrag verschuldigd van € 25,–.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie en Water op 22 november 2006.