Consument heeft onvoldoende aangetoond dat allergische reactie gevolg van haarkleurbehandeling is

De Geschillencommissie
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Uiterlijke verzorging    Categorie: (non)conformiteit / Informatieverstrekking / Zorgvuldigheid    Jaartal: 2020
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Ongegrond   Referentiecode: 10308/19917

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over

De consument heeft zijn dreadlocks laten verven bij de ondernemer. Vooraf heeft hij gevraagd of de verf getest kon worden vanwege een allergie voor bepaalde verfsoorten. Volgens de ondernemer was dit niet nodig. Vervolgens heeft de consument een ernstige allergische reactie gekregen, waardoor hij in het ziekenhuis moest worden opgenomen. De ondernemer geeft aan dat dreadlocks altijd met een type henna haarverf op waterbasis geverfd wordt. Dit bevat geen agressieve stoffen. Bij een allergische reactie kan er niet per se vanuit worden gegaan dat het aan de haarverf ligt. De ondernemer acht het onwaarschijnlijk dat de verf een allergische reactie bij de consument heeft veroorzaakt. De commissie oordeelt dat de enkele verklaring van de consument zelf en de overgelegde foto’s niet voldoende zijn om aannemelijk te maken dat de door de ondernemer gebruikte haarverf de allergische reactie heeft veroorzaakt. De consument heeft onvoldoende aangetoond dat de allergische reactie daardoor is ontstaan. De klacht is ongegrond.

Volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil
Het geschil vloeit voort uit een in juli 2019 tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst. De ondernemer heeft zich daarbij verplicht tot het kleuren van het haar van de consument tegen de daarvoor door de consument te betalen prijs van volgens de consument € 190,– en volgens de ondernemer € 100,–.

Het geschil betreft de vraag of de ondernemer heeft gedaan wat verwacht mocht worden ter voorkoming van allergische reacties bij de consument en of de ondernemer verantwoordelijk is voor de allergische reacties bij de consument.

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft zijn dreadlocks laten verven. Vooraf heeft hij gevraagd of de verf getest kon worden vanwege een allergie voor bepaalde verfsoorten. Volgens de kapper was dat niet nodig.

Na de behandeling heeft de consument een ernstige allergische reactie gekregen (opgezwollen hoofd, vocht uit hoofd en ernstige jeuk, vlekken op het lichaam en pijn), waardoor hij in het ziekenhuis opgenomen moest worden.

Na drie maanden heeft de consument nog steeds last van de allergische reactie.

Ter zitting heeft de consument verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

Na de behandeling kreeg de consument zwellingen op zijn hoofd. Die werden steeds erger. Drie dagen na de behandeling is de consument vanwege de zwellingen naar het ziekenhuis gegaan. Daar is hij één dag gebleven.

Volgens de behandelend medisch specialist was er niets aan te doen. Om de hoofdhuid lucht te geven heeft de consument zijn dreadlocks moeten laten afknippen.
De consument kreeg via de apotheek ook medicijnen, maar die hielpen niet veel.

De consument heeft niet eerder een allergische reactie gehad. Hij heeft zijn haar ook niet eerder laten verven. Op internet heeft hij gelezen over risico’s op allergische reacties bij het verven van haar. Daarom heeft hij de kapster gevraagd of er geen allergietest gedaan moest worden. Volgens haar was dat niet nodig, omdat de gebruikte middelen op waterbasis zijn en dus geen ammoniak bevatten.

Ten tijde van de behandeling bleek volgens de consument dat er niet voldoende middel was voor de behandeling, volgens de consument zijn er toen andere middelen gebruikt die wel ammoniak bevatten.

De consument heeft jarenlang elke maand € 100,– uitgegeven om zijn dreadlocks te laten draaien. Dat duurde elke maand ongeveer drie uur.

Het klopt dat de consument op 27 augustus 2019 voor de eerste keer geklaagd heeft. De consument had voor die tijd geen idee hoe hij kon klagen.

De consument heeft wel al ongeveer een week na thuiskomst uit het ziekenhuis telefonisch contact opgenomen. Toen is een meisje van de kapsalon bij hem thuis geweest om de situatie te bekijken. Wanneer dat was weet de consument niet meer precies, de consument heeft het allemaal niet zo goed kunnen bijhouden, daarvoor was het te druk.

De consument verlangt een schadevergoeding, gelijk aan de kosten die hij in de loop der jaren heeft gemaakt voor de dreadlocks.

Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer verft dreadlocks altijd met een type henna haarverf op waterbasis genaamd: [naam haarverf]. Dit product bevat geen agressieve stoffen (waterstofperoxide of ammoniak).
Bij een allergische reactie kan er niet per definitie vanuit worden gegaan dat het aan de haarverf ligt. Dit is al helemaal het geval als het een onbekende allergie is, waarbij de heftige reactie pas zo laat na de behandeling plaatsvindt. De allergische reactie kan ook in de tussenliggende tijd ontstaan zijn als gevolg van handelingen rondom de behandeling, dan wel (nieuwe) medicatie en (nieuwe) persoonlijke gezicht- en/of haarproducten.

De consument geeft zelf aan dat hij allergisch is voor bepaalde verfstoffen. In dat geval is het aan de consument om te weten welke stoffen dat betreft. Als de consument daadwerkelijk gemeld zou hebben dat hij allergieën heeft, dan was in alle gevallen gevraagd voor welke stoffen de consument allergisch is. Als hij dit dan niet zou weten, dan zou de consument niet behandeld zijn vanwege het risico.

Als de consument allergisch is voor soorten haarverf betekent dit dat hij al eerder soortgelijke klachten heeft ervaren door het gebruik van haarverf. De consument zegt dat hij had voorgesteld het product te testen op zijn hand om te kijken of hij allergisch zou kunnen zijn. Ook dat zou de ondernemer nooit doen, aangezien het risico op een reactie alsnog te groot is.

Volgens de ondernemer zijn de foto’s van de consument erg onduidelijk. Er is niet duidelijk te zien welke foto’s voor-, na- en tijdens zijn allergische reactie zijn. Op de ene foto heeft de consument al zijn dreadlocks nog en is de uitgroei donker gekleurd, op de andere foto is de uitgroei van zijn dreadlocks ineens grijs, op weer een andere foto zijn de dreadlocks verwijderd, maar is de uitgroei donker, terwijl de uitgroei op een andere foto weer grijs is. Dit ziet er erg tegenstrijdig uit, aangezien de consument geverfd is naar een donkere kleur en niet meer grijs zou moeten zijn.

Ook maakt de consument niet duidelijk waarom hij de dreadlocks verwijderd heeft. De dreadlocks lijken namelijk nog intact. De consument heeft hier geen verklaring voor gegeven, maar wil dit wel vergoed hebben.

De consument heeft de ondernemer geen kans gegeven zichzelf te verdedigen en hij heeft ook niet zijn best gedaan de situatie op te lossen. De consument komt meer dan vijf maanden na het incident pas met zijn verhaal. Hij is niet binnen een korte tijd na de gebeurtenis langs geweest om de ondernemer in te lichten. Vervolgens is de consument zeer kort daarna met zijn klacht naar de commissie gestapt. De consument heeft niet goed gehandeld met zijn voorkennis over zijn allergie en hij gaat er daarbij ten onrechte vanuit dat de klachten per definitie komen door de gebruikte haarverf.

Ter zitting heeft de ondernemer verder nog – in hoofdzaak – het volgende aangevoerd.

De bij de consument gebruikte verf is op waterbasis. De ondernemer heeft niet eerder meegemaakt dat die verf een allergische reactie veroorzaakt heeft. De ondernemer acht dat ook hoogst onwaarschijnlijk.

De ondernemer heeft altijd voldoende voorraad van het bij de consument gebruikte product, het is dan ook niet zo dat een ander product gebruikt is.

De ondernemer is van mening dat de consument had moeten meedelen dat het haar nog nooit geverfd was. Aan de andere kant is het niet zo dat de consument om een uitgebreide allergietest gevraagd heeft.

Het is de ondernemer niet bekend dat een kapster de consument bezocht zou hebben. Dat is in ieder geval niet met medeweten van de ondernemer gebeurd. Ook heeft daarover geen terugkoppeling plaatsgevonden.

De consument heeft zich eerst op 27 augustus 2019 bij de ondernemer gemeld. Daarmee heeft de ondernemer niet de gelegenheid gehad de klacht goed te beoordelen.

Deskundigenrapport
De door de commissie ingeschakelde deskundige heeft blijkens haar rapport, voorzover thans van belang, het volgende vastgesteld.

De consument heeft in juli 2019 een kleurbehandeling laten doen in de salon van de ondernemer.
De deskundige heeft de ondernemer bezocht en met haar gesproken. De consument was wel uitgenodigd, maar niet aanwezig.

Een kapper (op moment van het deskundigenonderzoek niet meer in dienst van de ondernemer) heeft het haar van de consument een kleurbehandeling gegeven met het kleurproduct genaamd [naam haarverf], een permanente grijsdekkende haarkleuring zonder ammonia. Van deze behandeling is niets schriftelijk of digitaal vastgelegd via bijvoorbeeld documentatie of een klantenkaart. Dit is in de salon alleen gebruikelijk bij vaste klanten. Van passanten wordt geen kleurkaart gemaakt, hoewel dit wel gebruikelijk is voor het geval een consument terugkomt voor een herhaling. De consument is die dag als zogenaamde passant/klant zonder afspraak gekleurd in de salon. De consument heeft bij de ondernemer aangegeven eerder een allergische reactie te hebben gehad op verfproducten. Ondanks deze informatie wordt er besloten geen allergietest te doen bij de consument.

Een allergietest wordt door alle fabrikanten geadviseerd, zo ook door deze fabrikant. Dit valt te lezen in de gebruiksaanwijzing van het gebruikte kleurproduct. Een allergie kan immers ook na jaren van kleuren ontstaan. Een allergietest wordt in de regel alleen gedaan wanneer daar aanleiding toe is of bij nieuwe klanten. De ondernemer geeft aan een beleid te hebben waarbij consumenten, bekend met een allergie, normaliter niet gekleurd worden.

Na afloop van de behandeling heeft de consument aangegeven een allergische reactie te hebben gehad van deze behandeling. De consument is echter niet aanwezig bij het gesprek met de deskundige, dus daar kunnen geen aanvullingen op gegeven worden. De consument is één keer langs geweest in de salon om zijn probleem/klacht aan te geven. Volgens de ondernemer verliep dit gesprek stroef en verliet de consument al snel het pand. Daarna heeft de consument het geschil bij de geschillencommissie ingediend. De ondernemer geeft aan geen gelegenheid te hebben gehad om de klacht te bespreken met de consument en te kijken naar een oplossing waar beide partijen zich in hadden kunnen vinden.

De omvang van de klacht is ernstig. Herstel is echter niet mogelijk.

De consument had dreadlocks in zijn haar ten tijde van de kleurbehandeling. Deze zijn volgens de consument op verzoek van de arts verwijderd om de huid zodoende meer rust te kunnen geven. De dreadlocks kunnen niet zomaar vervangen worden. Het eigen haar moet eerst weer groeien en lang genoeg zijn om deze te herplaatsen. De deskundige heeft de huidige lengte van het haar van de consument niet kunnen beoordelen om te kijken of herstel op enige manier al mogelijk is.

Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.

De consument heeft gesteld dat sprake is geweest van een allergische reactie op door de ondernemer gebruikte haarverf. De klachten waren zo erg dat de consument daarvoor zelfs onder medisch-specialistische behandeling is geweest.

De klacht van de consument en de door de consument gevraagde financiële compensatie is direct gebaseerd op die allergische reactie.

In dat geval is het aan een consument om aannemelijk te maken dat de allergische reactie een rechtstreeks gevolg is van de door de ondernemer toegepaste haarverf.

Ten aanzien van de allergische reactie heeft de consument enkel zijn eigen mededelingen en een aantal foto’s overgelegd. Van die foto’s is niet duidelijk op welke momenten die genomen zijn. Daarmee vraagt de consument aan de commissie de klacht te beoordelen enkel op basis van zijn eigen verklaring.

De consument heeft een medisch specialist geraadpleegd. Van de consument had verwacht mogen worden dat hij een verklaring van die medisch specialist zou hebben overgelegd, waaruit zou blijken dat inderdaad sprake is geweest van een allergische reactie bij de consument en dat de vermoedelijke oorzaak daarvoor gelegen is in de gebruikte haarverf.

De commissie is van oordeel dat de enkele verklaring van de consument zelf en de overgelegde foto’s niet voldoende zijn om aannemelijk te maken dat de door de ondernemer gebruikte haarverf de allergische reactie heeft veroorzaakt.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Daarmee kunnen de andere geschilpunten, zoals de hoogte van de gevraagde vergoeding, buiten beschouwing blijven.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Uiterlijke Verzorging, bestaande uit mr. F.H.C.M. van Schaijk, voorzitter, J.W.F. Oortwijn en mr. P. Rijpstra, leden, op 18 november 2020.