Consument weigert herstelmogelijkheid; ondernemer niet in verzuim

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Voertuigen    Categorie: (non)conformiteit    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1325809/1332720

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kocht een auto met garantie en meldde een mogelijk probleem met de distributieketting. De ondernemer wilde dit onderzoeken en herstellen en nodigde de consument meerdere keren uit om langs te komen. De consument vond de communicatie slecht en liet de auto door een andere garage repareren. De commissie vindt dat de ondernemer nooit heeft gezegd dat hij het probleem niet wilde oplossen en dat hij dus niet in verzuim was. Omdat de consument de ondernemer geen kans gaf om zelf te herstellen, is de klacht ongegrond en krijgt hij geen vergoeding.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft een door de consument bij aanbieder aangekochte [automerk] [model].

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Ik kocht bij [ondernemer] een [automerk] [model] met BOVAG-garantie. Kort na levering bleek een ernstig gebrek aan de distributieketting, wat non-conformiteit oplevert (art. 7:17 BW) en onder de BOVAG-garantie valt. [ondernemer] reageerde intimiderend, bood geen tijdig en duidelijk herstel en beriep zich ten onrechte op eigen voorwaarden en de [automerk]-garantie. Hierdoor raakte [ondernemer] in verzuim zonder ingebrekestelling (6:83 BW). Het gebrek is door een derde hersteld; ik vorder ontbinding van het afleverpakket of vergoeding van de kosten of schadevergoeding.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

Circa twee maanden na levering van de auto melde de consument dat bij een keuring door een ander garagebedrijf was geconstateerd dat de distributieketting opgerekt was. Wij hebben de consument uitgenodigd langs te komen opdat wij dit konden onderzoeken en tevens meteen een afspraak gemaakt bij de [automerk] dealer omdat de auto nog onder de [automerk] fabrieksgarantie viel. De consument heeft de auto niet meer door ons of de [automerk] dealer laten onderzoeken, maar deze meteen door het andere garagebedrijf laten repareren.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Uit het dossier blijkt het volgende:

In een e-mail van 6 januari 2026, 15:41u schreef de consument aan de ondernemer, voor zover hier van belang:
“Op 4 november 2025 heb ik bij jullie de [automerk] [model] [kenteken] gekocht.

Nu heb ik deze onafhankelijk laten keuren en daar is een slepend bijgeluid geconstateerd dat afkomstig lijkt van de distributieketting. De Multi riem is volgens de onderzoekende garagist uitgesloten.

Valt dit onder de door mij gekochte BOVAG-garantie en, zo ja, wanneer kan ik dit dan door u laten beoordelen/herstellen?”

Op 7 januari 2026 volgde daarop, voor zover hier van belang, eveneens per e-mail de volgende correspondentie:
Ondernemer 10:09u
“Bedankt voor je mail. Vervelend om te horen. Mocht er wat zijn gaan we het oplossen!

Ik wil wel benoemen dat wij het vreemd vinden dat je niet eerst naar ons toe komt wat volgens afspraak is.
(zie algemene voorwaarden die je getekend hebt).

Zou je vandaag of morgen langs kunnen komen dat wij even kort ernaar kunnen kijken en evt. kunnen beoordelen. Daar Kun je op wachten. Ook heb ik afspraak ingepland bij [automerk] vrijdag 23 januari in verband de [automerk] garantie 7 jaar Graag de auto in ochtend neerzetten wij zorgen voor vervangend vervoer.”

Consument 10:25u:
“Dank voor uw reactie. Ik heet trouwens [naam].

Het is helemaal niet vreemd dat ik niet eerst naar u kom: ik had het geluid nl. zelf niet waargenomen. Dit is pas gisteren geconstateerd door de garage die de keuring deed. Over iets dat ik niet weet kan ik u tenslotte niet benaderen.

Vandaag kan ik helaas niet komen. Het zou eventueel morgen kunnen in de pauze van mijn werk, circa 13.00 uur, is dat goed?

Ik kan de auto vrijdag 23 januari achterlaten: voor alle duidelijkheid; dit is bij jullie [adres] toch, en niet bij [automerk]?”

Ondernemer 10:48u:
“Volgens de algemene voorwaarden binnen de garantieperiode hoor je het onderhoud of APK-inspectie bij ons te komen doen of wij moeten schriftelijk goedkeuring geven dat het elders mag.

Volgens onze gegevens heeft die pas nieuwe apk nodig in 2027 zie onderhoud historie. Hij is in 2025 gekeurd en heeft dan 2 jaar APK.

Morgen rond 13:00 is helemaal goed wij zien u dan verschijnen.”

Consument 10:58u:
“Ik heb geen APK en/of onderhoud laten uitvoeren, gewoon een aankoopkeuring.”

Ondernemer 13.41u:
“Ik heb u zojuist een afspraak bevestiging gestuurd per mail.

Oké apart. Die heeft u bij ons ook al afgenomen de aankoop keuring, De nul opname/inspectie rapport die u in bezit heeft.

Heeft u een motormanagement melding branden?

Heeft de andere partij het motormanagement uitgelezen. En daar gerelateerde storingen aan timing geconstateerd, en zo ja ik hoop niet dat de storingen gewist zijn. Zodat wij dat morgen zichtbaar hebben.

Verder zien we elkaar mogen en gaan wij erna kijken.”

Consument 13:51u:
“Hoi (met wie mail ik eigenlijk?),

Een onafhankelijke aankoopkeuring is volstrekt normaal in de autobranche. En in dit geval ook nuttig aangezien er een potentieel probleem is geconstateerd. Ik heb nog nooit een autobedrijf meegemaakt die dat raar vond en/of daar bezwaar tegen had.

De technische details waar u om vraagt heb ik niet. Ik geef u hierbij toestemming om die op te vragen bij De Witte Garage in Elst. We hebben gisteren met Frank aldaar gesproken”

Ondernemer 14:15u:
“Bedankt voor het bericht

Klopt meestal bij aankoop. Niet naar.

Nuttig dat gaan we morgen zien. Jammer dat u de info niet heeft.

Gelukkig heeft [automerk] 7 jaar garantie 🙂

U mailt met volledig team van ase”

Consument 15:09u:
“Beste anonieme medewerk(st)er

Uit uw communicatie blijkt dat een onafhankelijke aankoopkeuring blijkbaar een probleem is voor u en dat degene die mailt zijn of haar identiteit niet duidelijk wil maken. Dit wekt bij mij nogal een gevoel van betrouwbaarheid.

Om eerlijk te zijn heeft uw manier van communiceren bij mij een gevoel van onduidelijkheid, rommeligheid en gebrek aan professionaliteit achtergelaten. Uw mails waren onsamenhangend, verwarrend, ontzettend slecht en onprofessioneel geschreven met de nodige spelfouten en onnodig defensief of verwijtend (voorbeeld daarvan is mij verwijten een onafhankelijke aankoopkeuring te hebben gedaan bij een andere garage en mij blijven verwijten dat ik een APK of onderhoud ergens anders heb laten doen wat ik nooit heb gezegd te hebben gedaan) waardoor mijn vertrouwen in uw dienstverlening ernstig is geschaad.

Belangrijker: door de defensieve, sarcastische en vervelende ondertoon heb ik alle vertrouwen verloren in een correcte beoordeling of oplossing van het uit de aankoopkeuring gekomen probleem, welke ik u eerder heb gemeld.

Hierdoor mag ik aannemen dat u tekort zult schieten in de nakoming van uw verplichtingen. Hiervoor is naar mijn mening niet alleen een letterlijke mededeling nodig, maar spelen vooral redelijkheid en billijkheid die partijen jegens elkaar een rol. Geen van beide zijn momenteel (naar mijn mening) op u van toepassing.

Het is mij om die reden toegestaan om vanaf nu op eigen initiatief en op uw kosten een alternatieve oplossing te zoeken.”

Nadien heeft de ondernemer nog tweemaal per e-mail herhaald dat de auto bij haar kon worden aangeboden zoals eerder afgesproken. De consument heeft dat niet meer gedaan.

De consument stelt dat zij uit de hiervoor geciteerde correspondentie mocht opmaken dat de ondernemer de overeenkomst niet deugdelijk zou nakomen. Zij beroept zich naar de commissie begrijpt op artikel 6:83 sub c BW.

De commissie verwerpt dat standpunt. De hiervoor geciteerde correspondentie bevat geen enkele uitlating van de ondernemer die uitgelegd kan worden als een mededeling dat zij de overeenkomst niet (deugdelijk) na zal komen. Integendeel de ondernemer herhaalt keer op keer dat zij de klacht wil onderzoeken, en zo nodig verhelpen.

Het voorgaande heeft tot gevolg dat, zelfs al zou van een gebrek aan de geleverde auto daadwerkelijk sprake zijn, de onderhavige klacht van de consument ongegrond moet worden verklaard omdat de ondernemer niet in verzuim is komen te verkeren. De overige stellingen van partijen behoeven daarom geen verdere bespreking.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de klacht ongegrond.

Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. J.B. Smits, voorzitter, de heer C.J. Bosboom, mevrouw mr. C.R.J.M. den Hartog-Kaaij, leden, op 21 mei 2026.

Opslaan als PDF