Geen opzegboete bij contractwijziging: klacht gegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Betaling    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 615893/624241

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument kreeg een opzegboete na het beëindigen van haar energiecontract, terwijl de ondernemer had aangegeven dat dit kosteloos mocht vanwege gewijzigde voorwaarden. De commissie oordeelt dat de consument terecht mocht opzeggen zonder boete. De klacht is gegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument is geen opzegboete verschuldigd.

Beoordeling
De consument heeft, verkort weergegeven, het volgende gesteld.

De consument heeft met de ondernemer op 18 juli 2023 een driejarig contract voor de levering van gas en stroom gesloten, met startdatum 1 augustus 2023 en einddatum 1 augustus 2026.
De consument ontving tijdens de overeenkomst een e-mail van de ondernemer dat zij de overeenkomst vanwege wijziging van de voorwaarden zonder opzegboete vroegtijdig kon opzeggen. Op grond van deze mededeling heeft zij haar contract beëindigd, terwijl haar op de eindnota van 12 augustus 2024 toch een opzegboete van € 1.116,38 in rekening is gebracht. De consument heeft steeds geprobeerd over het kosteloos kunnen opzeggen van het contract contact met de ondernemer te krijgen. De consument heeft de overeenkomst op 1 juni 2024 per 1 juli 2024 opgezegd en is per 1 augustus 2024 overgestapt naar een andere energieleverancier. De consument verlangt teruggave van de opgelegde boete.
De ondernemer heeft gemotiveerd verweer gevoerd en in de kern het volgende aangevoerd.
De consument heeft haar driejarig contract vroegtijdig opgezegd. Zij dient daarom per overstapdatum een opzegboete te betalen van in totaal € 1.116,38. De consument is bij het aangaan van het contract erop gewezen dat zij bij een vroegtijdige beëindiging van het contract risico loopt op het betalen van een opzegboete. In de algemene voorwaarden staat een duidelijke verwijzing naar de opzegboete (punt 5.4). De ondernemer heeft de opzegboete conform de richtlijnen van de ACM uitgevoerd en aan de hand van berekeningen de hoogte daarvan toegelicht. De ondernemer verzoekt de klacht ongegrond te verklaren.

De commissie overweegt als volgt.
Niet is in geschil dat de consument het tussen partijen bestaande contract vóór de overeengekomen einddatum heeft beëindigd. Op grond van artikel 5.1 van de toepasselijke Algemene Voorwaarden mag de ondernemer als de consument het contract met een vaste looptijd, zoals hier, vóór de einddatum die op het contract staat beëindigt, een opzegboete in rekening brengen.
De consument heeft zich er echter primair over beklaagd dat de ondernemer haar een opzegboete in rekening heeft gebracht terwijl zij volgens mededeling van de ondernemer de bestaande overeenkomst kosteloos mocht opzeggen in verband met een wijziging van de voorwaarden van de overeenkomst. De ondernemer heeft de primaire klacht van de consument onweersproken gelaten.

Steun voor het standpunt van de consument wordt gevonden in de door haar overgelegde e-mail van
24 april 2024. Daarin heeft de ondernemer de consument medegedeeld dat de voorwaarden van de bestaande overeenkomst per 1 augustus 2026 worden gewijzigd, dat het Voorwaardenoverzicht wordt aangepast en dat de consument door die aanpassingen volgens de voorwaarden van het energiecontract het contract mag opzeggen of wijzigen. Uit dit bericht blijkt niet, althans onvoldoende dat door de wijzigingen voor het contract van de consument geen kosteloze opzeggingsmogelijkheid geldt. Zonder toelichting op dit klachtonderdeel en dit bericht door de ondernemer, die ontbreekt, moet de commissie uitgaan van de juistheid van de stellingen van de consument ter zake. Conclusie moet zijn dat in dit geval wegens wijziging van de voorwaarden door de ondernemer de consument de overeenkomst kosteloos vroegtijdig mocht beëindigen en zij die opzegboete niet verschuldigd is.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Wijst het verlangde toe.
Bepaalt dat de consument aan de ondernemer geen opzegboete verschuldigd is.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Deze behandelingskosten worden geheel betaald.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. I.K. Rapmund, voorzitter, de heer R.A. Timmer , mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens , leden, op 25 november 2024.

Opslaan als PDF