Commissie: Energie
Categorie: Overeenkomst
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
1325588/1333374
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de (rechtsgeldigheid) van de tussen partijen op 30 juli 2025 gesloten overeenkomst
De consument heeft de klacht op 25 september 2025 bij de ondernemer ingediend.
De consument heeft een bedrag van € 872,39 bij de commissie in depot gestort.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument betwist de rechtsgeldigheid van de met de ondernemer gesloten overeenkomst. Na meerdere tegenstrijdige telefonische berichten weigerde de consument expliciet verdere samenwerking. Ondanks dit is de levering pas veel later gestart en zijn facturen en incassobrieven gestuurd. De consument heeft de vordering (waaronder een opzegvergoeding van € 798,97) schriftelijk betwist en opschorting van de incassomaatregelen verzocht. Voor zover sprake is van een ondertekening heeft de consument daarna, voor de aanvang van de levering ondubbelzinnig verdere samenwerking geweigerd. Om die reden bestaat er geen betalingsverplichting.
De ondernemer heeft een schikkingsvoorstel gedaan, maar dat was niet bevredigend voor de consument. Hij heeft een tegenvoorstel gedaan waarmee de zaak kan worden afgesloten.
De consument verlangt dat alle facturen worden ingetrokken en de incassomaatregelen worden stopgezet.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 8 maart 2026 heeft de ondernemer een schikkingsvoorstel aan de consument gedaan. Dat hield in dat de volledige opzegvergoeding van € 798,97 wordt kwijtgescholden, maar dat wel voor het verbruik van energie (€ 442,16) moest worden betaald. De consument ging daarmee niet akkoord.
Ter zitting heeft de ondernemer voor zover van belang nog het volgende naar voren gebracht.
Uit nader onderzoek is gebleken dat de consument inderdaad tijdig van het herroepingsrecht gebruik heeft gemaakt. Daarmee is alles komen te vervallen. Ook de nota’s vanwege het verbruik. De ondernemer draait op voor de kosten. Het depotbedrag kan worden teruggestort aan de consument.
Beoordeling
De commissie heeft het volgende overwogen.
In deze zaak klaagt de consument over de wijze van totstandkoming van het energiecontract van 30 juli 2025.
De consument stelt dat geen sprake is van een rechtsgeldige overeenkomst omdat hij na het zetten van zijn handtekening alsnog iedere medewerking aan de uitvoering van het contract heeft geweigerd.
De ondernemer heeft ter zitting bevestigd dat de consument inderdaad de overeenkomst tijdig heeft herroepen.
Daarmee staat vast dat tussen partijen geen geldige overeenkomst tot stand is gekomen en van verplichtingen van de consument jegens de ondernemer geen sprake is, zoals de ondernemer ter zitting ook heeft erkend.
Op grond van het bovenstaande is de klacht gegrond.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie stelt vast dat tussen partijen geen rechtsgeldige overeenkomst voor de levering van energie is tot stand gekomen.
Bovendien is de ondernemer gehouden aan de consument het door hem betaalde klachtengeld van € 52,50 te vergoeden en voorts zal aan de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie aan de ondernemer een bijdrage in de behandelingskosten in rekening worden gebracht.
Het depotbedrag van € 872,39 wordt aan de consument overgemaakt.
Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. F.C. Schirmeister, voorzitter, mevrouw mr. W.N. Kip, mevrouw mr. L. Schots – Smit, leden, op 22 juni 2026.