Jaarnota volgt klantstartdatum, niet contractduur; klacht ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Jaarafrekening    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 1225005/1262334

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument vindt het vreemd dat haar jaarnota niet gelijkloopt met de looptijd van haar jaarcontract. Ze had een contract van 1 februari 2024 tot 1 februari 2025, maar kreeg een jaarnota met peildatum 1 december, omdat ze in december 2021 klant werd. Daardoor ontving ze later een aparte eindnota voor december 2024 en januari 2025. De consument wil dat de afrekening wordt aangepast zodat de saldering over haar hele contractperiode wordt meegenomen. De ondernemer legt uit dat jaarnota’s altijd worden opgesteld op basis van de oorspronkelijke startdatum van het klantaccount, en dat saldering wettelijk per kalenderjaar gebeurt. Dat staat los van de contractduur. De commissie volgt de ondernemer: deze werkwijze is gebruikelijk, wettelijk toegestaan en contractueel afgesproken. De klacht is daarom ongegrond.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De consument klaagt erover dat zij jaarnota’s krijgt op basis van de ingangsdatum van het moment dat zij klant werd van de ondernemer en niet een jaarnota krijgt die samenvalt met de contractperiode van haar meest recente jaarcontract. De handelswijze van de ondernemer is echter niet in strijd is met de wet op en ook niet met hetgeen partijen contractueel met elkaar zijn overeengekomen. Klacht ongegrond.

Beoordeling
De consument klaagt kort gezegd over het volgende. De consument had bij de ondernemer een jaarcontract met een looptijd van 1 februari 2024 tot 1 februari 2025. Omdat zij is overgestapt naar een andere leverancier kreeg zij over december 2024 en januari 2025 een eindnota van € 488,03. Dit omdat zij al eerder een jaarnota had ontvangen over de periode tot 1 december 2024. Zij vindt het raar dat je met een vast contract jaarnota’s krijgt op basis van het verleden en niet een jaarnota die samenvalt met de contractperiode van haar jaarcontract.

De consument geeft aan een herberekening te verlangen op basis van het contract dat zij had van
1 februari 2024 – 1 februari 2025, zodat haar totale saldering wordt meegerekend.

De ondernemer heeft kort gezegd het volgende verweer gevoerd. De consument stelt dat het vreemd is dat zij een eindnota ontvangt over de maanden december en januari, terwijl haar jaarcontract liep tot 1 februari 2025. Dit verschil ontstaat door het onderscheid tussen:
• de contractperiode: de afgesproken looptijd van het leveringstarief (1 februari 2024 tot en met 1 februari 2025), en;
• de jaarnotaperiode: de periode waarover jaarlijks een energieafrekening wordt opgesteld, op basis van de oorspronkelijke startdatum van het klantaccount.
De consument is in december 2021 klant geworden bij de ondernemer. Hierdoor wordt haar jaarnota sindsdien jaarlijks opgemaakt met 1 december als peildatum, onafhankelijk van contractverlengingen of contractvernieuwingen. Deze systematiek is gebruikelijk in de energiemarkt en staat los van het moment waarop een contract ingaat of afloopt. Deze werkwijze is in lijn met de salderingsregeling zoals vastgesteld door de Rijksoverheid.
Op 1 februari 2024 is met de consument een jaarcontract overeengekomen dat liep tot 1 februari 2025. Zij heeft besloten per 2 februari 2025 over te stappen naar een andere leverancier. De eindnota betreft de resterende leveringsperiode van 1 december 2024 tot en met 2 februari 2025. In deze nota zijn uitsluitend de leveringskosten en het energieverbruik in deze maanden verwerkt.
Het bedrag van € 488,03 weerspiegelt het reguliere energieverbruik tijdens de wintermaanden. Er is geen opzegvergoeding in rekening gebracht, omdat het contract geheel is uitgediend.
De consument wenst dat de eindafrekening wordt opgemaakt over de periode van december 2023 tot en met februari 2025, zodat de opbrengst van haar zonnepanelen (saldering) over geheel 2024 wordt verrekend. Volgens de geldende wet- en regelgeving wordt saldering echter altijd per kalenderjaar toegepast. Dat betekent dat het opgewekte en verbruikte stroomvolume over het kalenderjaar 2024 volledig wordt gesaldeerd op de jaarnota met peildatum 1 december 2024. De eindnota van december 2024 tot februari 2025 kan niet met terugwerkende kracht aanvullende saldering over 2024 verwerken, en er kan ook geen gecombineerde nota over 15 maanden worden opgesteld.

De commissie is van oordeel dat de handelswijze van de ondernemer niet in strijd is met de wet en ook niet met hetgeen partijen contractueel met elkaar zijn overeengekomen.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.P.C.M. Hellegers, voorzitter, mevrouw mr. W.N. Kip, mevrouw mr. L. Schots – Smit, leden, op 14 oktober 2025.

Opslaan als PDF