Commissie: Energie
Categorie: Meterstanden
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1324561/1327386
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagt over een onverklaarbaar hoog gasverbruik en twijfelt aan de werking van zijn gasmeter. Ook vermoedt hij dat mogelijk meerdere verbruikers op zijn meter zijn aangesloten. De ondernemer legt uit dat controles en ijking van gasmeters altijd via de netbeheerder verlopen. Uit het dossier blijkt dat de netbeheerder de meter op 23 januari 2026 heeft vervangen omdat deze wel goed registreerde, maar de standen niet goed doorgaf. De netbeheerder zag geen reden om de meter te ijken en meldt dat de consument geen ijkingsverzoek heeft gedaan. De meter is inmiddels vernietigd. De commissie oordeelt dat de discussie over ijking en het vervangen van de meter niet met de ondernemer, maar met de netbeheerder moet worden gevoerd. Daarom mag de consument binnen 14 dagen een klacht tegen de netbeheerder indienen, zonder klachtengeld. De vraag of meerdere verbruikers op de meter zijn aangesloten valt onder de binnenhuisinstallatie, waarvoor de ondernemer niet verantwoordelijk is. Het voorschotbedrag is volgens de commissie redelijk, maar de consument kan dit opnieuw aankaarten als het verbruik daartoe aanleiding geeft. De klacht tegen de ondernemer wordt afgewezen.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De kern van de zaak gaat over de werking van de gasmeter. De consument wordt in de gelegenheid gesteld de klacht tegen de netbeheerder aanhangig te maken.
Beoordeling
De consument betoogt naar aanleiding van de jaarnota 2024/2025 dat hem een onverklaarbaar hoog gasverbruik berekend wordt. Hij stelt de werking van de meter ter discussie. Voorts heeft hij twijfel of op zijn meter meer verbruikers aangesloten zijn dan alleen hij. Hij woont in een appartement van 120 m² in een gebouw van 385 m² met vier appartementen.
De ondernemer betoogt dat de discussie over de werking van de meter gevoerd behoort te worden met de netbeheerder, in dit geval [netbeheerder]. Gebleken is overigens dat de meter op 23 januari 2026 vervangen is door [netbeheerder] omdat deze wel goed registreerde, maar niet goed communiceerde, met ander woorden niet de juiste meterstanden doorgaf. Ter zitting is door de ondernemer verduidelijkt dat hij nimmer verzoeken tot controle van de meter (ijking) doorgeeft aan [netbeheerder], maar altijd de consument mededeelt zich ter zake tot [netbeheerder] te wenden. In het dossier zitten de betreffende e-mails van 18 en 22 december 2025 en 5 januari 2026. Er is door [netbeheerder] geen aanleiding gevonden zelf de meter te ijken, omdat een door haar opgestelde verbruiksanalyse niet op disfunctioneren van de meter wees. De monteur die op 23 januari 2026 de meter verwisselde heeft niet geijkt. [Netbeheerder] heeft aan de ondernemer bericht dat de consument daarna geen verzoek tot ijking (op kosten van ongelijk) heeft gedaan. De meter is inmiddels verschroot.
De commissie oordeelt dat de discussie over de vraag of om ijking is verzocht en of de meter verschroot had mogen worden, gevoerd dient te worden met [netbeheerder]. De commissie zal dan ook, conform artikel 20 van haar reglement, bepalen dat de consument binnen 14 dagen na verzending van deze beslissing een klacht tegen [netbeheerder] kan indienen, waarbij de consument geen klachtengeld hoeft te betalen, omdat hij zijn klacht ten onrechte tegen de ondernemer heeft ingesteld.
Betreffende de vraag of meer verbruikers op de meter van de consument zijn aangesloten overweegt de commissie dat het gaat om problematiek achter de meter. Daarvoor is de ondernemer (en overigens ook een netbeheerder) niet verantwoordelijk. De consument dient zelf of via zijn verhuurder een onderzoek in te stellen. Terzijde wees de ondernemer ter zitting erop dat in het meetregister in het betreffende pand slechts op de huisnummers 51 en 51a gas- en elektriciteitsmeters zijn geregistreerd, in elk geval dus niet afzonderlijke meters per elk van de vier appartementen.
De consument heeft ook nog het maandelijks voorschot aan de orde gesteld. De ondernemer heeft erkend aanvankelijk in zijn app een fout gemaakt te hebben, maar heeft dat hersteld (verlaging van de prognose van het jaarverbruik van € 4.000,- naar € 2.000,- à € 2.500,-). Met de prognose hangt samen het vast te stellen maandelijks voorschotbedrag. Die prognose wordt bepaald door het door de slimme meter geregistreerde verbruik. De consument kan dat punt desgewenst opnieuw bij de ondernemer aankaarten indien hij aan de hand van het geregistreerde verbruik aantoont dat de prognose bijgesteld dient te worden. Overigens wordt aan het eind van het verbruiksjaar een jaarrekening opgesteld, waarin alle voorschotten betrokken worden. De commissie merkt nog op dat met de jaarnota 2024/2025 meer dan € 4.500,- afgerekend werd, zodat bij de huidige stand van zaken een prognose van € 2.000,- à € 2.500,- niet onredelijk lijkt.
Dit klachtonderdeel wordt afgewezen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie bepaalt, conform artikel 20 van haar reglement, dat de consument binnen 14 dagen na verzending van deze beslissing een klacht tegen [netbeheerder] kan indienen, waarbij de consument geen klachtengeld hoeft te betalen.
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Deze behandelingskosten worden geheel betaald.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer drs. G.J. Visser, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 15 april 2026.