Commissie: Energie
Categorie: facturering
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
235005/236931
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument klaagt over aangepaste jaarafrekeningen van zijn energieleverancier, omdat zijn elektriciteitsmeter jarenlang niet goed werkte. De netbeheerder heeft de meterstanden herzien en de ondernemer heeft op basis daarvan de facturen gecorrigeerd. Toen bleek dat er een fout zat in die eerste correctie, heeft de ondernemer de facturen opnieuw aangepast. De consument vindt dat er nog steeds fouten in zitten en wil dat de commissie de berekeningen controleert. Ook klaagt hij over het betalen van btw bovenop energiebelasting, wat hij ziet als dubbele belasting. Daarnaast vindt hij dat hij te hoge maandbedragen heeft moeten betalen en dat de incassomaatregelen onterecht zijn. De commissie oordeelt dat de meterstanden en het verbruik vaststaan, omdat de consument geen klacht heeft ingediend bij de netbeheerder. De ondernemer heeft de facturen aangepast volgens de juiste tarieven en de consument wijst geen concrete fouten aan. De commissie vindt dat de ondernemer correct heeft gehandeld en dat de consument zich aan de wet moet houden wat betreft belasting. De klacht wordt daarom afgewezen. Ook de incassomaatregelen zijn toegestaan als er niet betaald wordt. De commissie verklaart de klacht ongegrond.
De volledige uitspraak
Samenvatting
De jaarafrekeningen van de consument zijn gecorrigeerd aan de hand van gewijzigde meterstanden die de netbeheerder heeft aangepast omdat de elektriciteitsmeter niet goed werkte. De ondernemer heeft zijn facturen wederom aangepast toen hij een onjuistheid in zijn eerste correctie constateerde. De consument wijst geen onjuistheden in de laatste facturen aan. De klacht wordt afgewezen.
Beoordeling
Omdat de elektriciteitsmeter in elk geval vanaf 2018 niet goed functioneerde is deze op 4 augustus 2022 vervangen. De netbeheerder heeft de meterstanden herzien en de ondernemer heeft op grond daarvan in april 2023 de facturen over de afgelopen jaren gecorrigeerd. Omdat de consument het met die correctie niet eens was, heeft hij een klacht ingediend. De ondernemer erkende zijn fout en heeft de facturen opnieuw gecorrigeerd en wel per 13 november 2023. De consument verzoekt de commissie de gecorrigeerde facturen na te rekenen. Voorts klaagt hij erover dat ten onrechte BTW berekend wordt, terwijl er al belasting op het verbruik zit. Dat is belasting op belasting en dat weigert de consument te betalen.
De ondernemer handhaaft zijn facturen van 13 november 2023.
De commissie stelt vast dat de consument het kennelijk eens is met de correctie van de netbeheerder nu hij tegen de netbeheerder geen klacht heeft ingediend. De meterstanden staan daarmee vast en derhalve ook het verbruik. De ondernemer heeft op basis daarvan de facturen gecorrigeerd tegen de tarieven van het betreffende jaar. Nu de consument niet aanwijst welke onjuistheden in de facturen van 13 november 2023 zitten en het de commissie voorkomt dat de ondernemer juist gehandeld heeft, wordt de klacht afgewezen. Voor zover de klacht ook ziet op betaling van belasting die gebaseerd is op een wet, kan de commissie niet anders dan vaststellen dat de consument zich aan de wet dient te houden.
De consument geeft nog aan dat hij hoge termijnen heeft moeten betalen en ook klaagt hij over incassomaatregelen van de ondernemer. De hoge termijnen houden volgens de ondernemer verband met wisselende prijzen op de elektriciteitsmarkt. Voor zover te hoge bedragen berekend zouden zijn, is dat rechtgetrokken met de jaarnota’s, waarin die termijnen verrekend zijn. Indien de consument het verschuldigde niet betaalt, kan de ondernemer het recht niet ontzegd worden incassomaatregelen te treffen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. R.J. Paris, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw J.M.A. van Haren, leden, op 29 februari 2024.