Commissie: Reizen
Categorie: Schadevergoeding
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1073932/1159701
De uitspraak:
Waar gaat deze uitspraak over?
Deze zaak gaat over een consument die via een reisorganisatie een vakantie naar het buitenland had geboekt. Tijdens de terugreis mocht de vriendin van de consument, die een buitenlands paspoort had, van de luchtvaartmaatschappij niet inchecken voor de vlucht naar huis. Hierdoor moesten zij op het laatste moment andere vliegtickets kopen, wat ongeveer € 1.200 kostte en veel stress veroorzaakte. De consument vond dat de reisorganisatie verantwoordelijk was, omdat deze wist welke nationaliteit zijn vriendin had. De reisorganisatie stelde echter dat reizigers zelf verantwoordelijk zijn voor hun reisdocumenten. De Geschillencommissie oordeelde dat de reisorganisatie geen verwijt treft. Volgens de ANVR-voorwaarden is het namelijk de verantwoordelijkheid van de reiziger om te zorgen dat hij of zij voldoet aan de paspoort- en visumregels. De commissie had begrip voor de vervelende situatie, maar vond dat de reisorganisatie niet aansprakelijk is voor de problemen die op de luchthaven ontstonden. Daarom werd de klacht ongegrond verklaard en kreeg de consument geen vergoeding.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de problemen die zich met de reisdocumenten van de vrouw van de consument hebben voorgedaan.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Via de website van de ondernemer hebben we een vakantie geboekt naar [buitenland] ([buitenland]). We hebben een leuke vakantie gehad maar op de weg terug naar huis werden we verrast bij de check-in balie in [plaatsnaam], [buitenland]. Daar werd ons verteld dat we niet met de vlucht terug mochten vliegen. Reden was het [buitenlandse] paspoort van mijn vriendin. Volgens de vliegmaatschappij [luchtvaartmaatschappij] mag dat niet volgens de regels van [land]. Waardoor we in alle stress op zoek moesten gaan naar een andere vlucht om thuis te komen. Ondanks dat de ondernemer onze nationaliteiten wist, is hun reactie: eigen verantwoording van ons. Vervolgens hebben we gesproken met andere mensen met een [buitenlandse] paspoort en zij hadden geen problemen met vluchten naar [buitenland]. Daarnaast heb ik zelf ook niks kunnen vinden over dat mensen met een [buitenlandse paspoort niet naar [buitenland] mogen vliegen. Ik krijg het vermoeden dat we onterecht geweigerd zijn op het vliegveld. Tot op heden hebben we geen reactie meer ontvangen van de ondernemer, alleen de reactie dat het onze eigen verantwoording is. Naast alle stress aan het einde van onze vakantie hebben we € 1200,– meer kosten moeten maken voor mogelijk iets wat onterecht is geweest.
De consument heeft ter zitting onder meer het volgende toegevoegd:
Het was zeer stressvol toen wij omstreeks 24:00 uur in de avond op de vlucht werden geweigerd. Wij zijn vanuit [buitenland] met een [buitenlandse] luchtvaartmaatschappij naar [plaatsnaam] gevlogen. De terugvlucht zou ook met een andere [buitenlandse] luchtvaartmaatschappij zijn. Uiteindelijk hebben we nieuwe tickets gekocht en zijn we via [plaatsnaam] met een Nederlandse maatschappij teruggevlogen. U houdt mij voor dat op grond van artikel 2.5 van de ANVR voorwaarden de reiziger zelf verantwoordelijk blijft om te voldoen aan de paspoort en visumverplichtingen.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer heeft in de correspondentie met de consument gemeld dat de reisdocumenten voor de verantwoordelijkheid van de consument zijn.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De commissie kan zich voorstellen dat het een zeer onaangename en stressvolle situatie is geweest toen bij terugreis van vakantie bleek dat de [buitenlandse] vriendin van de consument niet op de vlucht werd toegelaten. De commissie dient de vraag te beantwoorden of de ondernemer daarvan enig verwijt treft. De commissie is van menig dat dat niet het geval is en licht dat als volgt toe. De verantwoordelijkheid voor de juiste reispapieren is en blijft volgens artikel 2.5 van de ANVR voorwaarden het risico en de verantwoordelijkheid van de reiziger. De ondernemer heeft daarom geen enkele rechtstreekse bemoeienis met de problemen waarmee de consument op de luchthaven van [plaatsnaam] is geconfronteerd. De ondernemer treft geen verwijt.
De klacht is ongegrond.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
Het door de consument gewenste wordt niet gevolgd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Reizen, bestaande uit de heer mr. O.P.G. Vos, voorzitter, de heer J.J.M. Crijnen, mevrouw A. Pols-Verweij, leden, op 22 juli 2025.
de heer mr. O.P.G. Vos