Ondernemer aansprakelijk voor ongeschikte ondervloer bij gietvloer

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Afbouw    Categorie: Schade    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: gegrond   Referentiecode: 1089607/1169932

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Deze uitspraak gaat over een consument die een lavastone gietvloer liet aanbrengen in haar appartement. Na de aanleg ontstonden op meerdere plaatsen scheuren en op één plek kwam de vloer zelfs omhoog. Uit onderzoek van de deskundige bleek dat de schade werd veroorzaakt door te warm wordende verwarmingsleidingen die dicht onder het vloeroppervlak liggen. Hierdoor ontstonden spanningen in de vloerconstructie, waardoor de vloer beschadigd raakte. De commissie oordeelt dat de ondernemer vooraf had moeten controleren of de ondervloer geschikt was voor dit type vloer en had moeten onderzoeken of de verwarmingsleidingen problemen zouden kunnen veroorzaken. Omdat dit niet is gebeurd, is de ondernemer verantwoordelijk voor de ontstane schade. De commissie vindt herstel niet haalbaar en kent daarom een financiële vergoeding toe. De ondernemer moet aan de consument € 25.000,- betalen en daarnaast het klachtengeld van € 127,50 vergoeden.

De volledige uitspraak

Onderwerp van het geschil

De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.

Het geschil betreft een gietvloer.

Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

In december 2024 heeft ondernemer een lavastone gietvloer in mijn appartement gelegd. Ik heb geen vloerverwarming maar radiatoren wat betekent dat de verwarmingsbuizen aan het begin warmer zijn dan in de rest van het appartement. Bij mij overigens niet warmer dan bij de buren. Door thermische werking is de vloer op verschillende plaatsen gaan barsten en op een plek komt de vloer zelfs omhoog. Ondernemer wijst iedere aansprakelijkheid af en biedt geen enkele service. Ik heb informatie gevraagd bij o.a. [derde partij]. De bouwkundige daar is van mening dat de ondernemer van deze thermische werking op de hoogte had moeten zijn en mij minstens voor het risico had moeten waarschuwen zodat ik voor een andere vloer had kunnen kiezen. Ik wil herstel of restitutie van de aankoopsom.

Standpunt van de ondernemer

De ondernemer heeft zijn standpunt niet aan de commissie kenbaar gemaakt.

Rapport van de deskundige

De deskundige heeft voor zover thans van belang het volgende gerapporteerd.

In de vloer bevinden zich op de hoek van de deur naar de waskamer een scheurlijn die de gang naar de voordeur inloopt. Ook is in de wasruimte een grove scheur zichtbaar in de vloerafwerking naast de wasmachine, in dwarsrichting van deze ruimte. In de woonkamer op een relatief goed zichtbare plaats is nabij de buitengevel een duidelijke opbolling zichtbaar. Deze opbolling is opengebroken aan de bovenzijde door belasting, hetgeen op zich begrijpelijk is. Het scheidingsvlak van de opbolling doet zich voor in de top van de calciumsulfaatgebonden gietdekvloer op enkele tienden van een millimeter dikte. Aan de onderzijde van de afgekomen laag is een gipsafzetting aanwezig. De aangebrachte egalisatie en vloerafwerking hechten goed aan de gietdekvloer zelf.

Met een thermografische camera is vastgesteld dat de opbollingen zich voordoen boven relatief warme delen van in de dekvloer opgenomen cv-leidingen. De temperatuur van de leidingen varieert over de lengte wat, hetgeen aangeeft dat er sprake is geweest van enig opdrijven van de leidingen ten tijde van het aanbrengen van de gietdekvloer zelf. Daarnaast is de oppervlaktetemperatuur van de dekvloer zelfs met onthechte (en dus isolerende) vloerafwerking daarop hoger dan maximaal toegestaan (in woonruimten is 27°C maximaal toegestaan, in badkamers hooguit 29°C).

De schade wordt veroorzaakt door een lokaal te hoge oppervlaktetemperatuur veroorzaakt door de in de dekvloer aanwezige aanvoerleidingen van de radiatoren. De leidingen liggen niet overal even diep en worden bovenmatig warm. Bij andere vloerafwerkingen levert dat niet onmiddellijk een probleem op omdat deze elastisch zijn verlijmd, warmte eenvoudig doorgeven of simpelweg spanningsscheuren niet tonen omdat de overlaging los ligt (bijv. laminaat). In dit geval is er een harde, weinig elastische vloerafwerking aangebracht die de warmtegeleiding enigszins beperkt. Daardoor zal in de dekvloer een grotere warmteaccumulatie optreden en de temperatuur van de dekvloer verder toenemen. Als die temperatuur toeneemt wil de toplaag, immers vervaardigd uit een ander materiaal met een grotere uitzettingscoëfficiënt dan de dekvloer, uitzetten en ontwikkeld zich een schuifspanning in het hechtvlak. Doordat de primerlaag van de egaline iets in de dekvloer zal zijn getrokken is de zwakste laag nu net onder de top van de dekvloer gevormd en komt die top met de daarboven aangebrachte vloerafwerkingslagen los.

Het probleem met deze vloerafwerking kan slechts met zekerheid worden opgelost als een dergelijke opwarming van de dekvloer in de toekomst wordt voorkomen. Het dieper leggen van de leidingen zou kunnen functioneren (al is dat geen zekerheid, want dat moet wel kunnen en de warmteaccumulatie door de gekozen vloerafwerking blijft aan de orde), maar is een zeer ingrijpende maatregel waarbij lokaal esthetisch herstel niet zal volstaan en dus een volledig nieuwe overlaging noodzakelijk wordt. Om de warmteweerstand niet nóg verder te verhogen zou dan de geleverde vloerafwerking bovendien van het volledige vloeroppervlak moeten worden verwijderd.

In dit geval is de meest zekere oplossing het verwijderen van de geleverde egalisatie en vloerafwerking en deze te vervangen door een ander type. Omdat de schade zich zeer lokaal voordoet heb ik ter plaatse wel een tussenoplossing aangegeven, waarbij géén zekerheid is dat dit een definitief herstel zal opleveren. Het zou echter stapsgewijs als tussenoplossing kunnen worden uitgeprobeerd. Lukt dat niet, dan is er geen andere oplossing dan te kiezen voor een alternatieve vloerafwerking en maken de aanwezige radiatorleidingen de dekvloer ongeschikt voor toepassing van de gewenste lavastone vloerafwerking.

Beoordeling van het geschil

De commissie heeft het volgende overwogen.

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting onderschrijft de commissie in grote lijnen het rapport van de deskundige. De ondergrond is niet geschikt voor een gietvloer. Naar het oordeel van de commissie is de ondernemer in gebreke gebleven de ondervloer te controleren of de verwarmingsbuizen niet zo dicht onder het oppervlak lagen dat warmte In de leidingen zich niet zou verdragen met een gietvloer. De ondernemer heeft noch ten tijde van het aangaan van de overeenkomst, noch voor aanvang van de werkzaamheden de verwarming opgestookt. Dan zou alras zijn gebleken dat de temperatuur In de leidingen van de blokverwarming te hoog opliep. Met de consument ziet de commissie geen heil In de door de deskundige genoemde tussenoplossing.

De commissie ziet dan ook geen andere oplossing van het geschil dan een financiële in die zin dat de ondernemer aan de consument een vergoeding betaalt. Basis voor de vergoeding Is hetgeen aan de consument door de ondernemer in rekening gebracht is, te weten € 22.180,25. De noodzakelijke vervanging van de vloer zal ook nog extra kosten met zich meebrengen, zoals ontruimen van de woning en tijdelijke opslag van het meubilair. Daarom zal de commissie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid de vergoeding vaststellen op het hierna te noemen bedrag.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.

Daarom wordt als volgt beslist.

Beslissing

De ondernemer betaalt binnen 4 weken na datum verzending van dit bindend advies aan de consument een bedrag van € 25.000,00.

Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 127,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.

Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Afbouw, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer mr. B.C. Westenbroek en de heer mr. B.W. Weilers, leden, op 18 november 2025.

Opslaan als PDF