Commissie: Voertuigen
Categorie: Garantie
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: ten dele gegrond
Referentiecode:
1324611/1333253
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument stelde dat een defect aan de infotainmentschermen (delaminatie) en voortijdige slijtage van de banden het gevolg waren van gebreken die al bij aankoop aanwezig waren. De ondernemer erkende tijdens de procedure dat de schermen onder de garantie vallen en zegde toe deze kosteloos te herstellen. Voor de banden oordeelde de commissie anders: bij aflevering voldeden deze aan de eisen voor een gebruikte auto en er was onvoldoende bewijs dat een uitlijningsprobleem al bij levering aanwezig was. Ook achtte de commissie het niet uitzonderlijk dat banden van een elektrische auto na circa 15.000 kilometer vervangen moesten worden. De klacht werd daarom alleen voor wat betreft de schermen gegrond verklaard.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de vraag of de kosten van vervanging van banden voor rekening van de verkoper komen.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 10 februari 2025 heb ik van de ondernemer een [automodel] gekocht (‘het voertuig’). Het voertuig dateert uit 2019 en had toen 105.995 km gereden. De koopprijs bedroeg € 14.834,71. Op het voertuig zat garantie tot 13 februari 2028
Na enige tijd bemerkte ik dat er sprake was van delaminatie van de infotainmentschermen. Dit blijkt bij dit soort auto’s een bekend probleem te zijn. Ik verwijs naar diverse bronnen op het Internet, waarbij dit identieke probleem zich bij deze groep gebruikers wél voordoet. Delaminatie betreft geen cosmetische schade en geen slijtage, maar intern falen van het scherm. Het infotainmentsysteem is een essentieel onderdeel voor bediening, voertuiginstellingen en veiligheid ondersteunende functies. Voortijdig falen daarvan raakt direct aan de conformiteit van het voertuig.
Op 18-09-2025 heb ik bij de eerste servicebeurt een factuur ontvangen van €1.221,-, waarvan circa €700,- betrekking had op de vervanging van alle banden. Tijdens de eerste onderhoudsbeurt bleek namelijk dat alle banden vervangen moesten worden, aangezien de uitlijning aanzienlijk afweek van de fabriekswaarden
De ondernemer stelt dat de banden bij aflevering voldeden aan de eisen voor een gebruikte auto en dat er geen aanwijzingen waren voor een afwijkende uitlijning. Hoewel ik onderschrijf dat de profieldieptes op dat moment boven de minimale norm lagen, blijkt uit de opgegeven waarden juist dat er sprake was van een opvallend verschil tussen de voor- en achteras, namelijk circa 3,3 mm voor en circa 6,0 mm achter.
Een dergelijk significant verschil in slijtage is niet gebruikelijk bij een correct uitgelijnde auto en wijst op reeds aanwezige ongelijkmatige slijtage. Dit vormt een belangrijke indicatie dat de auto bij aflevering niet volledig technisch in orde was.
Daarnaast is van doorslaggevend belang dat alle vier de banden reeds na circa 15.000 kilometer vervangen moesten worden. Dit is, ook voor een elektrische auto met relatief hogere bandenslijtage, uitzonderlijk vroeg. Onder normale omstandigheden mag verwacht worden dat banden aanzienlijk langer meegaan, zelfs wanneer deze bij aflevering gebruikt zijn.
De ondernemer stelt dat niet kan worden vastgesteld dat de afwijking bij aflevering bestond en dat deze mogelijk tijdens gebruik is ontstaan. Deze stelling is echter niet onderbouwd met concrete feiten of technische bevindingen. Daartegenover staat dat de geconstateerde slijtage en de gemeten afwijkingen juist een logisch en consistent geheel vormen.
Van een consument kan in redelijkheid niet worden verwacht dat hij bewijst op welk exact moment een technisch gebrek is ontstaan. Voldoende is dat het, gelet op de feiten en omstandigheden, aannemelijk is dat het gebrek reeds bij aflevering aanwezig was. In dit geval is daarvan sprake.
Gelet op het voorgaande ben ik van mening dat hier geen sprake is van normale gebruiksslijtage, maar van een non-conformiteit die reeds bij aflevering aanwezig was.
Tegelijkertijd erken ik dat, nu de banden inmiddels zijn vervangen en niet meer beschikbaar zijn voor nader onderzoek, niet met volledige zekerheid kan worden vastgesteld op welk moment de afwijking exact is ontstaan. Tevens begrijp ik het standpunt van de ondernemer dat slijtage aan banden in beginsel als gebruiksslijtage kan worden aangemerkt en dat uitlijningsafwijkingen ook tijdens gebruik kunnen ontstaan.
Juist omdat beide standpunten op onderdelen verdedigbaar zijn en er geen volledig doorslaggevend bewijs meer voorhanden is, acht ik het redelijk om tot een evenwichtige oplossing te komen waarbij beide partijen een deel van de kosten dragen.
Ik verzoek de Geschillencommissie te toetsen of het redelijk en te verwachten is dat banden na slechts 15.000 kilometer rijden en zes maanden na aankoop al volledig vervangen moesten worden, mede gezien de verslechterde uitlijning, waarvan ik bewijsstukken als bijlage toevoeg. Indien de commissie oordeelt dat dit niet te verwachten is bij normaal gebruik, verzoek ik om een passende compensatie van de bandenkosten.
Daarnaast verzoek ik de Geschillencommissie te beoordelen of de delaminatie van het scherm van
het navigatiesysteem als een gebrek moet worden aangemerkt.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Wij waren in de veronderstelling dat het multimediasysteem niet in de garantie valt. Na het bestuderen van de garantievoorwaarden blijkt dit toch wel zo te zijn omdat het een fabrieksorigineel systeem betreft. Wij zullen dit probleem dus oplossen. De consument kan hiervoor een afspraak in onze garage maken.
Omdat zowel de slijtage als de uitlijning van de banden/wielen onderhevig is aan het gebruik van de auto, valt dit niet onder de garantie. Bij aflevering waren de banden niet nieuw, maar de gemeten profieldieptes voldeden wel aan de eisen voor een gebruikte auto. De gemeten waarden waren:
Linksvoor: 3,3 mm
Rechtsvoor: 3,4 mm
Linksachter: 6,0 mm
Rechtsachter: 5,7 mm
Binnen de BOVAG-garantie geldt dat slijtagedelen zoals banden zijn uitgesloten, tenzij er sprake is van een non-conformiteit die al bij aflevering aantoonbaar aanwezig was. Banden met een resterende profieldiepte boven de wettelijke norm en passend bij de kilometrage van een gebruikte auto vallen onder normale gebruiksslijtage.
Het is correct dat een afwijkende uitlijning extra bandenslijtage kan veroorzaken. Omdat de wielen bij aflevering geen overmatige of onregelmatige slijtage vertoonden én er geen aanwijzingen waren dat de uitlijning op dat moment afweek, kunnen wij helaas niet vaststellen dat de huidige situatie reeds bij aankoop aanwezig was. Uitlijningsafwijkingen kunnen bovendien tijdens normaal gebruik ontstaan door onder andere wegdek, drempels of stoepranden. Op basis hiervan valt vervanging van de banden en herstel van de uitlijning niet binnen de BOVAG-garantie.
Wij zijn van mening dat er geen verplichting bestaat tot vergoeding van de door consument vervangen banden. In ons verweer hebben wij onze argumenten uitvoerig toegelicht.
In zijn algemeenheid vinden wij bovendien dat de consument meer had moeten doen om met ons in gesprek te komen. Hij heeft nu wel erg snel de weg naar de Geschillencommissie gevolgd.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Allereerst stelt de commissie vast dat de ondernemer de klacht over de delaminatie van infotainmentschermen tijdens de behandeling van deze klacht heeft erkend en aangegeven heeft dit probleem te zullen oplossen. Hierdoor staat vast dat de consument de klacht terecht heeft ingediend. De ondernemer heeft die toezegging immers niet gedaan toen partijen nog in gesprek waren met elkaar.
Ten aanzien van de kosten van het vervangen van de banden meent de commissie echter dat de klacht ongegrond is. De consument heeft niet betwist dat de banden ten tijde van de aflevering aan de geldende eisen voldeden. Dat er op dat moment al een probleem zou zijn met de uitlijning van de wielen heeft de consument vooral als veronderstelling aangevoerd. Dit is geenszins gebleken en – zoals de ondernemer terecht stelt – het is waarschijnlijk dat de consument dat direct aan het rijgedrag van het voertuig had gemerkt. Dat de banden moeten worden vervangen nadat circa 15.000 kilometer met het (elektrisch) voertuig is gereden is niet abnormaal, althans geen gebrek bij een gebruikte auto.
Het bovenstaande betekent dat de klacht alleen gegrond is voorzover deze herstel van de infotainmentschermen betreft. Op basis van artikel 22 van het reglement Geschillencommissie Voertuigen zal de commissie bepalen dat de ondernemer 75 procent van het klachtengeld moet vergoeden alsmede 75 procent van de behandelkosten omdat de ondernemer ook gedeeltelijk in het gelijk is gesteld.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie verklaart de klacht deels gegrond, dat wil zeggen ten aanzien van het herstel van de infotainmentschermen. Omdat de ondernemer heeft aangegeven dat de consument een afspraak kan maken om deze schermen te laten vervangen, is het niet nodig dit in deze uitspraak vast te leggen.
De commissie wijst het meer of anders verlangde af.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van €76,88 [75% van €102,50] aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie 75 % van de bijdrage in de behandelingskosten van het geschil verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Voertuigen, bestaande uit de heer mr. W.F.R. Rinzema, voorzitter, de heer C.J. Bosboom, mevrouw mr. E.J.P.J.M. Kneepkens, leden, op 4 juni 2026.