Commissie verklaart klacht over energierekening ongegrond

De Geschillencommissie Opslaan als PDF




Commissie: Energie    Categorie: Administratieve problemen    Jaartal: 2026
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 797721/1265727

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De Geschillencommissie Energie heeft geoordeeld dat de klacht van de consument over een te hoge energierekening ongegrond is. De consument had bij de start van zijn contract op 1 april 2022 geen meterstanden doorgegeven. Daardoor gebruikte de nieuwe energieleverancier de berekende eindstanden van de vorige leverancier als beginstanden. Deze standen bleken waarschijnlijk te laag, waardoor de vorige leverancier te weinig verbruik heeft gefactureerd en het verbruik bij de nieuwe leverancier hoger uitviel. De commissie vindt dat de ondernemer volgens de algemene voorwaarden mocht uitgaan van deze berekende meterstanden. Ook heeft de ondernemer geprobeerd de vorige leverancier te laten meewerken aan een correctie, maar die weigerde vanwege verjaring. Dat kan de ondernemer niet worden aangerekend. Omdat de ondernemer de niet-gefactureerde energie wel heeft moeten inkopen, mag hij deze volgens het contract aan de consument doorberekenen. De commissie concludeert dat de consument zelf verantwoordelijk is voor het niet doorgeven van de meterstanden en dat de ondernemer juist heeft gehandeld. Het verzoek van de consument wordt daarom afgewezen.

De volledige uitspraak

Samenvatting 
Verwezen wordt naar de samenvatting als verwoord in het tussenadvies d.d. 3 december 2025.

Beoordeling
De commissie heeft het volgende overwogen.

Na kennis te hebben genomen van de door beide partijen (nagezonden) stukken, stelt de commissie vast:
dat tussen consument en ondernemer een overeenkomst van kracht was voor levering van energie van 1 april 2022 tot 23 augustus 2024;

  • dat consument op 1 april 2022 zelf geen meterstanden heeft doorgegeven, noch aan ondernemer, noch aan de vorige ondernemer [energieleverancier];
  • dat ondernemer als beginstand de meterstanden heeft aangehouden die als eindstand als door [energieleverancier] was verstrekt;
  • dat ondernemer dit mag doen op grond van zijn algemene voorwaarden van levering;
  • dat deze meterstanden berekende meterstanden waren, derhalve vermeld als (b);
  • dat de berekende meterstanden naar alle waarschijnlijkheid te laag zijn berekend, met als gevolg dat het feitelijk verbruik via [energieleverancier] niet volledig door is gefactureerd, zodat het te factureren verbruik via ondernemer veel hoger uitviel dan voorzien was, met name in het eerste jaar;
  • dat de eindafrekening van ondernemer ziet op het verbruik, zijnde het verschil tussen de door vorige ondernemer gehanteerde berekende stand (b) en de eindstand bij ondernemer die wel door consument zelf is opgenomen (k) en doorgegeven aan ondernemer;
  • dat ondernemer heeft getracht met de vorige ondernemer [energieleverancier] overeen te komen dat de eindrekening van [energieleverancier] wordt gecorrigeerd met een andere eindstand, na het verkrijgen info van de netbeheerder, maar dat [energieleverancier] niet wil meewerken aan een correctie en zich daarbij beroept op verjaring.

Waar consument stelt dat het oneerlijk is dat door ondernemer energie is gefactureerd, die geleverd is door vorige ondernemer, gaat zij voorbij aan het feit dat die door vorige ondernemer geleverde energie niet door die vorige ondernemer is gefactureerd, maar ondernemer daarentegen juist wel is geconfronteerd is met een inkoop nota over die energie, hetgeen facturering aan de consument volgens contract rechtvaardigt.
Het feit dat vorige ondernemer niet wil meewerken aan een correctie kan ondernemer niet worden aangerekend. Evenmin het feit dat consument zelf bij aanvang van het contract met ondernemer niet zelf de meterstanden heeft doorgegeven.
De klacht acht de commissie derhalve ongegrond.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
De commissie wijst het verzochte af.
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit mevrouw mr. E.M.T. van Ruitenbeek – de Bekker, voorzitter, de heer R.A. Timmer, mevrouw mr. M.J. Boon, leden, op 7 januari 2026.

 

Opslaan als PDF